Tagarchief: zeefdruk

Reizen in verf: Toos van Holstein schildert werelden die je herkent zonder er ooit geweest te zijn


Best een leuke titel toch hierboven? En dan heb je nog niet eens gelezen wat verderop komt. Dat was voor mij trouwens ook al heel lang geleden. Hoe dat zit?

Vorige week passeerde hier het livre d’art ‘Dix ans et plus’, met daarin een zeefdruk van mij. Uitgegeven door mijn Niçoise galerie Quadrige. Want ’t leek Jean-Paul Aureglia een leuk idee die ‘Tien jaar en meer’ uit te geven na het 10-jarig bestaan van zijn galerie in 2002. Een kunstboek met teksten over en geïllustreerd met multiples van kunstenaars waarmee hij in die tijd had samengewerkt. Laat ik daar sinds 1994 nou ook bij horen! Die kunstenaars kregen dus allemaal gratis en voor niks een kunstkritiek cadeau in ruil voor een multiple.

mijn zeefdruk in het livre d’art ‘Dix ans et plus’

Toen ik het stuk over mij een paar weken geleden sinds lang weer eens las, dacht ik gelijk ‘kat in ’t bakkie’. Want even zelf niet schrijven en dat een ander laten doen? Best makkelijk!

Dus hieronder wat kunstcriticus Gerard Rücker destijds over mij schreef. Waarbij levensgezel met hulpje ChatGpt een iets luchtiger Nederlandse vertaling maakte van Gerards toch wel wat formeel geschreven Franse kunstverhaal. En waarbij ik de boel heb opgeleukt met schilderijen van mij die destijds zijn ontstaan.  

Toos van Holstein, Stupa (olieverf, 60-60 cm)
Toos van Holstein, Consonar (olieverf, 75-125 cm)
Toos van Holstein, Chichen Itza (olieverf, 90-100 cm)

Al eeuwenlang zijn de Lage Landen vruchtbare grond voor de kunsten, vooral voor de schilderkunst. Honderden beroemde schilders werden hier geboren en werkten hier, en heel wat van hen groeiden uit tot Meesters met een hoofdletter M — sommigen zelfs tot genieën. Dat Toos van Holstein, geboren in 1949 in Eindhoven, de liefde voor het schilderen via haar voorouders heeft meegekregen, is dan ook maar een kleine gedachte­sprong.

Toos van Holstein, Valley of the Gods (olieverf 90-160 cm)
Toos van Holstein, Xing Zhue (olieverf, 150-100 cm)
Toos van Holstein, Mural (olieverf, 90-100 cm)

Van alle kunstenaars die Galerie Qvadrige trouw zijn gebleven, is Toos zonder twijfel degene die het meest heeft rondgereisd. Dat hoef je haar niet eens te vragen — één blik op haar schilderijen is genoeg. Die nodigen uit tot wegdromen, verdwalen en reizen. Dit terugkerende thema komt minder voort uit het letterlijke reizen dan uit het gevoel erbij. Zo ontdek je in haar werk steden en plekken die vertrouwd aanvoelen, zelfs als je er nog nooit bent geweest.

Al jong droomde Toos ervan de wereld rond te trekken en haar reizen schilderend vast te leggen. Na een degelijke artistieke opleiding — ze studeerde af aan de Academie in Tilburg — werkte zij jarenlang als docent Esthetica. Dat betekende minder exposities, maar des te meer reizen. Een mens moet tenslotte kiezen.

Toos van Holstein, Sjaman (olieverf, 90-115 m)
Toos van Holstein, Confucius (olieverf, 60-60 cm)
Toos van Holstein, Dance (110-90 cm)

Sinds 1990 wijdt zij zich volledig aan haar kunstenaarschap, en wel in alle mogelijke disciplines: tekenen, aquarel, olieverf, lithografie en beeldhouwkunst. Succes had ze volop, in binnen- én buitenland.

Toos van Holstein bezocht vele landen: Egypte, Jordanië, Jemen, Tunesië, Syrië — haar liefde voor het Midden-Oosten is duidelijk — maar ook China, Sri Lanka, Mexico, Guatemala en de USA kent zij van dichtbij. Uit haar schetsboeken, notities, verwondering, emoties, herinneringen en ontmoetingen met mensen uit steden en dorpen is een volstrekt eigen beeldtaal ontstaan, van onmiskenbare schoonheid en hoge esthetische kwaliteit.

Toos van Holstein, Cosecha (olieverf, 70-50 cm)
Toos van Holstein, Journée (olieverf, 50-50 cm)
Toos van Holstein, Amarna (olieverf, 160-120 cm)

Voor elk schilderij stapt je als toeschouwer als het ware samen met de kunstenaar aan boord, op weg naar een wereld met vele gezichten. Een wereld waarin sereniteit, eenvoud en mysterie moeiteloos samengaan. Geen schreeuwerig exotisme, maar stilte, rust en een bijna onwerkelijke transparantie — doordrenkt van kalmte, een zorgvuldig vertraagd tempo en het gevoel van tijd die stroomt zoals in de verhalen van oosterse dichters en vertellers.

Toos van Holstein, The valley (olieverf, 100-150 cm)
Toos van Holstein, Labyrinh of cultures (150-100 cm)
Toos van Holstein, Facing (olieverf, 80-90 cm)

Hier lijkt de tijd even stil te staan om plaats te maken voor innerlijke rust. Toos verbeeldt het alledaagse leven met haar eigen, subtiele vorm van magie: het geluk vangen van een moment dat het waard is om vast te houden.

Ze schildert koepels en minaretten, monumentale poorten die op een kier staan, lange stille gangen, steegjes en patio’s waar de schaduw samenwerkt met het verkoelende water van een fontein. Pleinen die zinderen van de zon, muren vol barsten en sporen van tijd en geschiedenis. Sobere decors waarin elegante silhouetten voorbijglijden, royaal gehuld in lange gewaden — menselijke vormen die bewust minimaal gesuggereerd worden.

Toos van Holstein, Shira’a (olieverf, 90-110 cm)
Toos van Holstein, Cupola (olieverf, 60-60 cm)
Toos van Holstein, Calle di Zoccolo (olieverf, 80-70 cm)

Door het gebruik van glacislagen brengt de kunstenaar opeenvolgende verflagen in harmonie, wat resulteert in volop diepte en textuur. Zo worden de doeken zelf als het ware ‘verouderd’, om het afbrokkelende effect van zand, regen en zon voelbaar te maken.

De werken van Toos zijn open deuren naar een verbeeldingswereld die, via ons collectieve geheugen, ook de onze wordt. Ze spreken tot het hart, de zintuigen en ons vermogen om geraakt te worden.

Toos van Holstein, Visitatrice (olieverf, 70-50 cm)
Toos van Holstein, Yatchilan (olieverf, 150-120 cm)

Tussen figuratie en abstractie schenkt zij ons een tijdloosheid waarin een weldadige droom uitmondt in een andere werkelijkheid. Dáár toont zich haar grote talent: haar menselijke uitstraling, haar levenslust en haar vermogen die met overtuiging en gulheid te delen.

Toos van Holstein, Kovalam (olieverf, 110-150 cm)

Nou, zo had ik dat zelf absoluut nooit kunnen schrijven. Tot volgende week.

TOOS

Deel 2 over mijn speciale livres d’art, kunstboeken uitgegeven door Galerie Quadrige/Éditeur La Diane Française in Nice


Belofte maakt schuld. Want twee weken geleden was ik nog niet klaar met mijn speciale kunstedities. Die dankzij Jean-Paul Aureglia, eigenaar van Galerie Quadrige/Éditeur La Diane Française in Nice, in allerlei grote bibliotheken zijn te vinden. Zoals de Bibliothèque Nationale in Parijs, die van het prestigieuze Trinity College in Cambridge, onze eigen Nationale Bibliotheek in Den Haag en de kunstbibliotheek van Museum Boijmans in Rotterdam. Best leuk!

Twee weken geleden passeerden hier de Ilias, Odyssee en Divina Commedia en stipte ik de Legenda Aurea al aan. Ook beloofde ik iets over JP’s series ‘Musée de poche’ en ‘Feuille de ceramique’ plus Sint Franciscus en ‘vierkante kunst’. Waarbij ik zomaar nog de ‘Dix ans et plus’ vergat. Daar gaat ie!

De Legenda aurea, La Légende d’orée, De gouden Legende

Toos van Holstein, aquarel als studie voor de steendrukken over het leven van Catharina van Alexandria

Een in de Middeleeuwen volop gelezen boek over de belangrijkste heiligen. Nou ja, je moest natuurlijk wel kùnnen lezen! En dat ging voor een groot deel van de bevolking toen niet op. Voorlezen kon vanzelfsprekend wel. Maar of al die heiligenlevens zich nu leenden voor verhaaltjes voor het slapen gaan? Oordeel zelf maar bij de Heilige Catharina van Alexandrië, waarvan ik voor JP haar levensbeschrijving met steendrukken heb geïllustreerd.

Toos van Holstein, een van de 4 steendrukken over Catharina

Catharina (mijn officiële eerste voornaam), wijs tot diep in haar haarvaten en ook nog eens zeer gelovig. Met daarbij de heidense heerser van Alexandrië die haar graag wil bezitten. No way natuurlijk! Ze weet zelfs zijn vrouw te bekeren en ook heel veel wijze mannen te overtuigen van haar gelijk. En dat door een vrouw!! Heerser dus te kijk gezet en Catharina tot radbraken veroordeeld. Dat mislukt door goddelijk ingrijpen. Dus dan maar met het zwaard haar hoofd eraf. Gouden tijden waren dat voor heersers. Alhoewel, waren? Hoe zit dat met die twee huidige tsaren in de US en Rusland? Hoe dan ook, Catharina werd heilig verklaard en ik mocht me door haar levensloop laten inspireren.

Toos van Holstein, Santa II (olieverf, drieluik)

Net zoals door die van Sinterklaas. Nou ja, Saint Nicolas klinkt natuurlijk veel mooier. Wat heeft die veel nobels gedaan! Drie jonge vrouwen, zussen, gered van de prostitutie. Drie in een grote pot gekookte kindertjes weer tot leven gewekt. En een zeeman gered die bij een storm op zee dreigde te verdrinken. Alle redenen dus voor heiligheid en een viertal steendrukken van mij ter illustratie daarvan.

Toos van Holstein, aquarelstudie voor 4 steendrukken over het leven van Saint Nicolas (Sinterklaas)
Toos van Holstein, steendruk

Zwarte Piet zal je trouwens niet ontdekken, die bestond toen nog niet.

De Edda in de serie Musée de poche

De Edda, een op IJsland door Snorri Sturluson geschreven 12e eeuwse verzameling van Noord-Europese mythologische verhalen. Ik mocht van JP een tekst uitzoeken voor zijn serie ‘Musée de poche’. Boekjes met literaire teksten, weer te illustreren met multiples. Om wat tegenwicht te bieden aan al die zuidelijke Griekse mythologie van de Ilias en Odyssee ging ik voor iets noordelijks. Een tekst uit die Edda. Waarin overigens, net als bij de Grieken, de mens vaak een speelbal is van de goden.

Toos van Holstein, aquarelstudie voor de 4 steendrukken bij de Edda

Voor mijn vier steendrukken maakte ik natuurlijk wat voorstudies. Maar ook kwamen uit die inspirerende verhalen olieverven voort.

Toos van Holstein, The eye of the prohet (de 4 steendrukken op één groot vel)
Toos van Holstein, een van de 4 steendrukken bij de Edda
nog een
Toos van Holstein, Edda (olieverfschilderij)

Overigens, ‘poche’ is Frans voor broekzak. Maar vanzelfsprekend past zo’n Musée de poche echt niet in je broek of binnenzak.

Franciscus en de Wolf in de serie ‘feuille de ceramique’

Kom maar eens op het idee, een livre d’art met daarin dunne plaatjes keramiek als illustratie. JP deed dat. En ik kwam op het idee om iets te doen met het zich in mijn keramiekstad Gubbio afspelende verhaal over San Francesco en de woeste wolf.

Toos van Holstein, de 2 keramiekplaatjes in het livre dárt
zoals ze zijn geplaatst in het livre d’art

Schrijver en kunstcriticus Raphaël Monticelli maakte er zelfs een nieuwe tekst bij. Over dan nieuwe boekje in die serie ‘feuille de ceramique’ heb ik hier al eens eerder geschreven. En ’t zou ook best kunnen dat San Francesco e il lupo dit jaar nog weer eens opduiken.

L’Art au carré: Toos van HOLSTEIN

Denk nou niet dat de boeken in JP’s serie ‘L’Art au carré’ vierkant zijn. ’t Is Frankrijk, hè. Nee, de acht steendrukken die ik maakte voor dit geheel aan mij gewijde livre d’art meten 28 bij 25 cm. Ach, niet belangrijk.

Toos van Holstein, het L’Art au carré opengeslagen bij een van de steendrukken
Toos van Holstein, nog een van de 8 steendrukken

Belangrijker is dat ik echt trots ben op dit boek. Ook omdat dit project veel inspiratie opleverde. Dat is hier al vaker ter sprake gekomen. Wat te denken van een hele serie originelen op handgeschept papier. Ook allemaal 28 bij 25 cm.

Toos van Holstein, mixed media studie voor de steendruk hierboven
Toos van Holstein, een van de serie originelen

En dan komt van ’t een ’t ander. Zoals mijn serie olieverfschilderijen onder de noemer ‘Coloured Black’.

Toos van Holstein, Source de vie (olieverfschilderij uit de serie Coloured Black)

Dix ans et plus/Tien jaar en meer

livre d’art ‘Dix ans et plus’

Die uitgave had ik zomaar de vorige keer vergeten. Foei Toos! Een livre d’art dat JP uitgaf enkele jaren na het 10-jarig bestaan van zijn Galerie Quadrige. Met daarin kunstenaars waarmee hij in die eerste 10 jaar had samengewerkt. Als ze maar een multiple konden aanleveren. Laat ik nou, toen bij hem dat idee opkwam, net gaan beginnen aan mijn zeefdrukken voor La Divine Comedie van Dante (lees het 1e deel). Kleine moeite om er nog eentje extra te maken.

Toos van Holstein, zeefdruk in ‘Dix ans et plus’

Maar na die zeefdrukken besloot ik toch dat ik het creëren van steendrukken interessanter vind. Daarbij kan ik veel meer kwijt mijn teken, aquarelleer en schildertechnieken. Tot volgende week.

TOOS

TOOS in de Bibliotheekcollectie van Museum Boijmans van Beuningen


Hé, is die foto hierboven bij het Depot van Museum Boijmans in Rotterdam niet dezelfde als de beginfoto in mijn vorige blog? Nee hoor! Deze is van twee weken later en ik sta een stuk verder naar rechts. Niet bij de bezoekersingang maar bij die voor het personeel. Met naast me ook nog een grote, zwaarbeladen rolkoffer. En om die lading draait ’t in dit verhaal.

Hoe zit dat allemaal. Afgelopen keer schreef ik al over dat Depot. Een bouwkundig icoon dat bij elk bezoek steeds weer nieuwe kunstverrassingen blijkt te bevatten. Bijvoorbeeld dat aankondigingsbord bij de toegang van zaal 3.1 waar ik bijkans tegenaan liep. De vermelding erop kon ik dus echt niet meer missen. Elke vrijdag van 2 tot 3 uur werd daar een verhaal verteld over kunstboeken of tijdschriften uit de collectie van de bibliotheek van Museum Boijmans. Met vrije inloop. Zoiets als kom binnen, ga zitten, luister lekker mee en heb je vragen, stel ze. Laat ’t die dag nou toevallig vrijdag zijn en ook nog net na tweeën! Levensgezel en ik dus naar binnen. Met uiteindelijk als gevolg dat we er die twee weken later opnieuw op vrijdag zaten. Wel wat vroeger, want op persoonlijke afspraak, en met rolkoffer. Een afspraak met bibliothecaris Erik van Boxtel.

Terug naar die 1e vrijdag. Met nog meer toeval. Het verhaal die middag blijkt te gaan over het surrealisme in combinatie met een speciaal livre d’art uit de Boijmans collectie. Van die speciale Franse kunstboeken in kleine oplage, geïllustreerd met multiples. Ook in beperkte oplage natuurlijk. Trouwe bloglezers zouden nu gelijk iets kunnen denken van ‘hé, daar doe jij toch ook wat mee?’. Klopt. Uitgeverij La Diane Française van mijn galerie Quadrige in Nice heeft namelijk al aardig wat livres d’art gepubliceerd waaraan ik een bijdrage leverde. Met zeef of steendrukken. In klassiekers als bijvoorbeeld de Ilias en Odyssee van Homerus en de Divina Commedia van Dante. Om maar niet te spreken van mijn vorig jaar verschenen geheel eigen ‘TOOS van HOLSTEIN-L’Art au Carré’.

de vier grote cassettes van de Ilias en Odyssee van Homerus met daarin ook een aantal steendrukken van mij
Toos van Holstein: een van die steendrukken in de Ilias, uitgegeven door La Diane Française/Galerie Quadrige in Nice

Op een of andere manier valt die middag ook de naam André Masson. Een kunstenaar die onderdeel uitmaakte van de nu zo bekende surrealistengroep met daarin o.a. Salvador Dali en Max Ernst. Laat nou die Masson lang geleden, toen de galerie nog niet bestond maar de uitgeverij al wel, een livre d’art hebben uitgegeven via La Diane Française! En laat ik een aantal jaren geleden in Vlaanderen aanlopen tegen een steendruk van diezelfde Masson! Die sindsdien één van mijn Middelburgse pakhuismuren siert!

steendruk van André Masson bij de opera Don Giovanni van Mozart (1978)

Alle reden dus om na afloop van het verhaal van de hierboven al genoemde bibliothecaris Erik van Boxtel nog even te blijven hangen. Om na te praten en iets te vertellen over mijn eigen Franse kunstboeken. Logisch toch, na zo’n aaneenschakeling van toevalligheden? Erik bleek wel geïnteresseerd in meer gegevens erover. Dus werden niet alleen de e-mailadressen uitgewisseld maar ook daadwerkelijk gebruikt. Gevolg: die afspraak twee weken later. In dezelfde zaal, maar nu met een stapel meegebrachte kunstboeken en bijbehorende brochures op tafel.

uitleg aan Erik van Boxtel over de verschillende livres d’art die ik heb gemaakt

Het werd een heel geanimeerd gesprek. Over het livre d’art hoefde ik Erik natuurlijk niets uit te leggen. Wat wil je ook. Kunsthistorie gestudeerd en bibliothecaris van een gigantische kunstbibliotheek. Met op dit moment zo’n 150.000 boektitels, 15.000 veilingcatalogi, 3.500 tijdschrifttitels en 4.700 beschreven artikelen over beeldende kunst, kunstnijverheid en vormgeving. Maar extra toelichting op ‘mijn’ stapel kon natuurlijk geen kwaad. Met als resultaat deze foto.

de bezegeling van de opname van mijn eigen collectie livres d’art in de beroemde kunstboekencollectie van museum Boijmans van Beuningen

De bibliotheek van Museum Boijmans is nog weer wat uitgebreider geworden. Ene Toos van Holstein, Maison d’edition La Diane Française uit Nice en galerist Jean-Paul Aureglia van galerie Quadrige zijn er nu ook in vertegenwoordigd. Alleen weet Jean-Paul dat nog niet. Dat vertel ik ‘m wel als ik weer in Nice ben.

Toos van Holstein: een van de zeefdrukken in de uitgave ‘La Divine Comédie’ van Dante bij La Diane Française
Toos van Holstein: een van de 8 steendrukken in ‘TOOS van HOLSTEIN-L’Art au Carré’

Dat we na een prima lunch bij restaurant Renilde op de 6e etage rond 2 uur weer zaal 3.1 betraden voor een nieuw verhaal van Erik zal niet verbazen. Opnieuw heel interessant voor de kunstliefhebber: het op surrealisme gerichte Amerikaanse avant-garde tijdschrift View, het vluchten van veel bekende surrealisten naar de VS in de Tweede Wereldoorlog en allerlei bijdragen van hen.

omslagen van dat tijdschrift View

Oh ja, André Masson kwam ook weer even voorbij, met een omslag voor View (die midden-onder).

samen met een paar andere geïnteresseerden, waarbij de setting voortdurend veranderd door de vrije inloop

Tot volgende week.

TOOS

Dante en de Magie van Epoxy


atelier ‘Holstein’ aan de Korendijk 56 in Middelburg

Wil je een wereldpremière meemaken? Helemaal gratis? Voor ’t eerst in mijn leven ga ik publiekelijk voordragen uit de Divina Commedia van Alighieri, Dante Alighieri. Op zondag 2 mei.

Hoe dat zit? Nou, de landelijk bekende grote boekenmarkt die voor die dag was gepland in Middelburg gaat niet door. Reden voor een aantal deelnemers  aan de Kunst en Cultuurroute om dan zelf maar het boek centraal te stellen. Zelfs ook nog oraal.

affiche met daarop vermeld de ateliers waar wordt voorgelezen

We starten namelijk weer. Een half jaar lang hield ik de twee grote glazen toegangsdeuren naar mijn atelier potjedicht. Coronagedwongen. Vorig jaar 6 december stonden ze voor het laatst open tijdens de maandelijkse kunstroute in Middelburg. En nu ‘gooi’ ik ze weer open. Eindelijk, eindelijk! Op 2 mei dus, de 1e zondag van de nieuwe maand, van 1 tot 5 uur. Wel voorwaardelijk, want er gelden natuurlijk nog steeds die niet altijd even makkelijk te doorgronden coronaregels. Want waarom mocht er eind vorig jaar in winkels nog één bezoeker binnen per 10m2 en is dat nu 25m2 geworden? Ra ra! En waarom wordt van regeringswege een nieuwe broek veel belangrijker geacht dan het geestelijk voedsel dat te verkrijgen is in de nog steeds gedwongen gesloten bibliotheken en musea? Zeg ’t maar.

bibliotheken dicht, maar hier zijn de plaatsen waar aandacht aan boeken en grafiek wordt gegeven

Oké, de kunstroute. Hoe is dat gezegde ook al weer? ‘In mei leggen alle vogeltjes een ei, behalve de koekoek en de griet, die leggen in de meimaand niet’. Nou, ik heb in de maanden hiervoor al vast maar wat eieren gelegd. Kunsteien. En daar mag nu best iets van worden getoond. Samen met Dante en zijn Divina Commedia. Voor mij een logische combinatie gezien dat boeken-thema bij de route. En gezien mijn blogs van 8 en van 15 april. Over Dante700 en mijn persoonlijke mijmeringen bij en kunstuitingen naar aanleiding van dit al zeven eeuwen lang beroemdste boek uit de Italiaanse literatuur. Daar kan onze eigenste Vondel in de verste verte niet aan tippen. Maar eerst die nieuwe kunsteien.

één van die nieuwe kunsteien

Trouwe lezers van TOOS&ART weten wat ik bedoel met de actie ‘Kunstbezorgd.nl’. Weet je ’t niet, dan kun je hier je achterstallig onderhoud bijspijkeren. Het leek me best interessant om voort te borduren op dat idee van die reeks mixed media kunstwerken op dun aluminiumplaat van A4-formaat. Een reeks die ik uiteindelijk mijn ‘XX-XX Serie’ doopte en waarvan ik nu een prachtige, 32 pagina’s dikke brochure in mijn atelier beschikbaar heb voor liefhebbers.

voorkant van die brochure

Waarom zou ik me niet eens buiten die beperking van A4 begeven? Dus heb ik enkele werken uit die ‘XX-XX Serie’ door het mij zo vertrouwde ZWF in Bolsward laten aanbrengen op platen van alu dibond van 70 bij 100 cm. En daar ben ik toen weer verder op gaan doorschilderen. Zelf vind ik ze heel geslaagd geworden. Maar ja, hoe objectief ben ik hierbij in te schatten? Ook bedacht ik me dat het laten aanbrengen van een epoxylaag op zo’n kunstwerk best het experiment waard kon zijn. Epoxy, een uit twee componenten gemaakte doorzichtige en keiharde hars, zorgt namelijk voor een magisch lichteffect. Kleuren komen ineens nog helderder en sprankelender over terwijl er ook een groot diepte-effect ontstaat. Ik kan dat nu wel zo beschrijven, maar je moet die magie echt in werkelijkheid zien om te begrijpen wat ik bedoel. Dus hangen er nu diverse van die nieuwe mixed media schilderijen op alu dibond, met en zonder epoxy, in mijn atelier. Tezamen met mijn Divina Commedia olieverven en zeefdrukken. En met natuurlijk op tafel een dik volume van De  Goddelijke Komedie zelf. Weet je wel,die wereldpremière?

een paar van mijn ‘Dante-schilderijen’

Kijk maar eens op https://kunstroutemiddelburg.nl/activiteiten/33-middelburg-boekenstad. Daar vind je alle extra boekactiviteiten die plaatsvinden bij de deelnemers. Zelf geef ik om 2, 3 en 4 uur bij mij voor die grote glazen toegangsdeuren acte de présence met dat voorlezen uit De Goddelijke Komedie. Ten minste, als ik niet alleen voor mijzelf hoef te gaan staan oreren.

En binnen? Die nieuwe mixed media’s met en zonder epoxy naast nieuwe olieverfschilderijen en mijn Dante-werken. Verder natuurlijk ook de zeefdrukken die ik maakte voor de Franstalige La Divine Comédie in samenwerking met Galerie Quadrige in Nice en uitgeverij La Diane Française.  

Oh ja, ik ben je ook nog de verklaring schuldig van deze foto waarmee ik twee weken geleden eindigde.

Nou, komende keer dan maar. Tot volgende week.

TOOS

Mijn Schatplichtige Dante700 Kunstmijmeringen (II)


Zou Dante dik 700 jaar geleden, net als ik op deze foto, ook hebben zitten genieten van de Italiaanse zon tegen die muur van het duizend jaar oude Monastero di Fonte Avellana. Gekke vraag? Nee, zekers niet. Want zoals ik vorige week al beschreef , bezocht hij ooit ook dit afgelegen Benedictijner klooster waar ik in september 2019 de eer had een persoonlijke rondleiding van de abt te krijgen. Dat hij hier was, laten ze ook graag weten.  Zie de gedenksteen in de kloostermuur. Ik vermoed zomaar dat die eer mij niet te beurt gaat vallen.

Het bewijs van zijn bezoek? Dat levert Dante zelf. In de regels 106-111 van Canto XXI uit ‘Paradiso’, het laatste deel van zijn La Divina Commedia.

“Daar waar de bergen hoge kammen dragen,

Niet ver verwijderd van uw vaderstad,

Hoog boven het geweld der donderslagen

Ligt bij de Catria een klooster dat

Bewoond wordt door een aantal metgezellen

Dat er als kluizenaars de Heer aanbad.”

(vertaling Ike Cialoni en Peter Verstegen)

Het Monastero is nu met de auto goed bereikbaar via een omhoog  slingerende, geasfalteerde weg. Maar Dante, die heeft op zijn reis vast veel meer moeten afzien dan ik bij de mijne. Te voet, te paard, smalle, steile en stenige bergpaden? Zo zat ik daar tegen die muur van alles te bemijmeren, in volledige rust en stilte, met alleen wat bladergeruis om me heen. Mijmeringen als ‘zal ik die abt bij een volgend bezoek ‘mijn’ Divina Commedia katern uit het Purgatorium met die vier zeefdrukken cadeau doen voor hun bibliotheek?’

met abt en mijn gastheer Giampietro Rampini in de bibliotheek

Want ook die bibliotheek mocht ik bezoeken. Ooit stonden daar de prachtigste door monnikshanden geschreven middeleeuwse folianten. Nu jammer genoeg niet meer. Ze staan opgeslagen in de gigantische bibliotheek van het Vaticaan. Misschien maar goed ook. Want zo kunnen te grijpgrage handjes dat soort zeldzame boeken zich niet onrechtmatig toe eigenen in een niet zo geweldig beveiligd klooster. Nog meer mijmeringen? Mijn eigenste Dante-exposities. Zoals bijvoorbeeld die in Nice, in 2004. In Galerie Quadrige.

uitnodiging voor de expositie

Dat was namelijk de afspraak. Elke kunstenaar die meedeed aan de nieuwe Franstalige uitgave van La Divine Comédie (lees vorige week) maakte rond die bijdrage ook nog een tentoonstelling in de galerie. Gericht op Dante natuurlijk. En aldus geschiedde.

Zo maakte ik een hele reeks Dante-schilderijen, vooral gebaseerd op de Louteringsberg, ook wel betiteld als Vagevuur of Purgatorium. Het gebied waar je alsnog je toegang naar het Paradijs kon verdienen als ’t je lukte je te louteren voor nog niet uitgeboete zonden. Ook het gebied trouwens waar voor-christelijke zielen mochten verkeren. Want tja, hoe kon de kerk die kwijt? Die hadden hun zonden niet vergeven kunnen krijgen omdat Jezus pas na hen op aarde kwam. Voor het Paradijs konden ze dus niet in aanmerking komen, dat was echt alleen voor christenen bedoeld.

nog wat foto’s van de opening van die expositie in Galerie Quadrige in Nice

Dante had daardoor eigenlijk best mazzel. Want op die manier kon de grote Romeinse dichter Vergilius (70-19 v.C.), van wie Dante een grote fan was, zijn begeleider worden door Hel en Louteringsberg. Gebieden die Vergilius op zijn duimpje kende omdat hij er al eeuwen vrij rond kon dwalen. Wie beweert er hier nog dat logica ver te zoeken in is de leer van de Rooms-Katholieke kerk?

galerie eigenaar Jean-Paul Aureglia in gesprek met een bezoekster

Toch heb ik mij destijds ook nog wel schilderkundig bezondigd aan het Paradiso. Met een schilderij van die naam waarop ik mijn interpretatie weergaf van Beatrice. De voor Dante onbereikbare jonge vrouw, eigenlijk meisje nog, waarop hij verliefd werd en die jong stierf. Zij huisde vanzelfsprekend in het Paradijs en werd daar ook zijn begeleidster nadat hij aan het eind van zijn tocht over de Louteringsberg afscheid had moeten nemen van Vergilius. Die mocht natuurlijk geen stap zetten over de hemelse drempel.

mijn schilderij ‘Paradiso’

Maar dit schilderij ‘Paradiso’ hing duidelijk niet in galerie Quadrige. Nee, deze foto is, ook in 2004, genomen in de Martinikerk in Franeker. Waar toen mijn expositie ‘De Mens op Weg’ werd tentoongesteld. Met daarin een heel duidelijke Dante-exponent. Alweer zo’n persoonlijke Dante-link! Hoe dat zit? Ach, Dante700 duurt het hele jaar zodat ik ook nog wel wat tijd heb. Tot volgende week.

TOOS

Mijn schatplichtigheid aan Alighieri, Dante Alighieri, nog springlevend 700 jaar na zijn dood


Alighieri, Dante Alighieri! Bond, James Bond stelt de verschijning van zijn nieuwe film telkens maar weer opnieuw uit, maar Alighieri, Dante Alighieri heeft in 2021 première na première. Schrijvend aan mijn blog van vorige week dacht ik ineens aan hem bij het tikken van ‘scriptorium’. De mallemolen onder mijn hersenpan ging direct in de vierde versnelling met allerlei persoonlijke Dante pop-ups. Dante700, scriptorium, klooster in de Marche, Gubbio, zeefdrukken, Carros, galerie Quadrige, kunstroute Middelburg, mijn expo De Mens op Weg, the Dutch Church in Londen. Oh ja, en ook nog Perugia. Dat alles draaiend rond Dante’s ultieme La Divina Commedia, De goddelijke komedie, het belangrijkste werk uit de Italiaanse literatuur. Dante’s virtuele reis via Hel en Louteringsberg naar het Paradijs waar hij zijn vroeg gestorven liefde Beatrice zou ontmoeten. Daar ging ik over schrijven!Bij deze.

het dodenmasker van Dante met het officiële certificaat van echtheid erbij

Dante, de beroemdste dichter van Italië (Florence 1265-Ravenna 1321). De man van wie gezegd wordt dat hij aan de basis stond van wat de officiële Italiaanse taal is geworden. Want zijn beroemdste boek, La Divina Commedia, schreef hij niet in het toen gebruikelijke Latijn, Nee, dat deed hij in het Toscaanse dialect. Zijn eigen volkstaal, die van Florence en omstreken. Razend populair werd dat boek. Door alle stadstaatjes en onafhankelijke streken van de Italiaanse laars heen. Met al hun verschillende dialecten. En met al hun elkaar altijd maar weer bestrijdende machthebbers. Wilde je dus die middeleeuwse bestseller kunnen lezen of aanhoren, dan moest je dat Toscaanse dialect beheersen. De taal die nu het Italiaanse woordenboek vult.

Nog één van de gevolgen? Een heel jaar Dante700. Eén grote Dantemanifestatie gewijd aan zijn sterfdag op 14 september 700 jaar geleden. Dat mag ik niet zomaar voorbij laten gaan gezien mijn schatplichtigheid aan hem. Die begon in 2002 in Carros, een plaats even ten noorden van Nice.

bezig in het zeefdrukatelier in Carros (Frankrijk)

Of beter gezegd, het begon met Jean-Paul Aureglia in zijn galerie Quadrige in Nice. Want Jean-Paul had het plan opgevat een nieuwe uitgave te maken van La Divine Comédie. Een speciale Franstalige kunstuitgave van de Divina Commedia in beperkte oplage. Met illustraties  van de hand van kunstenaars uit zijn ‘stal’. Of ik mee wilde doen? Ja, natuurlijk! En bij welk onderdeel  ik dan afbeeldingen wilde maken? Bij De Hel, De Louteringsberg of Het Paradijs? Dat werd de Louteringsberg, het Purgatorium. En bij welke van de 33 Canto’s, de 33 Verzen, daarin?  Ik koos voor de nummer 25 t/m 29. Die spraken mij wel aan. Toen was de uiteindelijke vraag wat voor soort multiples ik dan wel wilde gaan maken. Steendrukken, gravures, zeefdrukken, houtsneden, etsen? Laat nou in dat Carros dicht bij Nice en dus makkelijk aan te rijden een zeefdrukatelier zitten. Keus gemaakt! Net zoals dus uiteindelijk een aantal zeefdrukken. Dat was trouwens makkelijker gezegd dan gedaan. Want de laatste keer dat ik er een maakte was in 1987.

die zeefdruk ‘Kloof’ uit 1987

Dat was voor een speciaal kunstproject bij Elegance. Destijds de eerste glossy in Nederland,HET maandelijks magazine over lifestyle. Een geselecteerde groep van 99 kunstenaars maakte in samenwerking met het zeefdrukatelier van Wout van der Vet voor het decembernummer van 1987 honderdduizend zeefdrukken. Die los werden bijgesloten in de Elegance oplage van 100.000. Op die manier zijn er aardig wat exemplaren van mijn ‘Kloof’ verspreid geraakt. Af en toe zie ik er nog wel eens eentje voorbij komen op internet kunstveilingen. Allemaal natuurlijk handgesigneerd, gewoon zoals ’t hoort. Dat hele project staat trouwens ook vermeld bij het Guinness Book of Records.

Maar nu wachtte er een nieuwe zeefdrukklus die technisch ook wat anders in elkaar stak. Met zeefdrukrasters die elke keer apart belicht moesten worden voor elke aparte kleurdrukgang.

weer dat zeefdrukatelier in Carros

1 van mijn 4 zeefdrukken bij la Divine Comédie

Vier zeefdrukken maakte ik voor Jean-Paul en zijn nieuwe Divine Comédie. Kunstwerken die nu ook deel uitmaken van een regelmatig rondreizende expositie. Eigenlijk lag ’t wel voor de hand dat die dit jaar in Italië zou neerstrijken. Dante700 tenslotte. En ja hoor, laatst vernam ik van Jean-Paul dat het Perugia gaat worden. Corona volente natuurlijk. Ik veerde echt even op toen hij dat vertelde. Perugia? Daar liep ik zomer 2019 nog rond! In die prachtige oude hoofdstad van Umbrië.

Perugia 2019

Ik werkte toen voor een maand in Gubbio, nog zo’n eeuwenoude stad in die streek. De streek ook waar ik dankzij mijn gastheer en keramist Giampietro Rampini een persoonlijke rondleiding kreeg van de abt in een middeleeuws klooster waar ook Alighieri, Dante Alighieri, had verbleven. Het Monastero di Fonte Avellana, midden in de bergen op de grens van Umbrië en de Marche. Daar stond ik dan, in het scriptorium waar Dante rond 1318 ongetwijfeld ook had gezeten.

met Giampietro en de abt in het scriptorium van het Monastero di Fonte Avellana

Echt goud, dat moment. Je merkt, over mijn ‘persoonlijke’ Dante ben ik nog niet uitgeschreven. Tot volgende week.

TOOS

Er is niet aan te ontkomen, aan die Grieken en Italianen


In deze globaliserende tijden heerst toch nog wel eens het gevoel dat we die Grieken en Italianen beter kwijt dan rijk kunnen zijn. Hoe kort is ´t nog maar geleden dat Grexit ineens een nieuw woord werd voor de dictionaire? Terwijl een paar weken geleden vanwege Italiaans politieke toestanden het begrip Quitalia in de media verscheen. Raar eigenlijk als je bedenkt dat we in onze Westerse beschaving behoorlijk wat te danken hebben aan de oude Grieken en Romeinen. Om van iets recentere Italianen als schrijver Dante Alighieri (1265-1321) en beroemde Renaissance kunstenaars als Leonardo da Vinci en Michelangelo maar niet eens te spreken. “Het kan verkeren”, zoals de lijfspreuk luidde van onze 17de eeuwse Nederlandse dichter en toneelschrijver Bredero. En dat vind ik in dit geval toch eigenlijk een geval van jammer.

Dante op een fresco in de kathedraal van Orvieto

Want, ´t zal niet onbekend zijn, ik heb ten slotte goeie banden met de oude Homerus en zijn Ilias en Odyssee. Net zoals met Dante en z´n Divina Commedia. Boeken die ik, samen met andere kunstenaars, heb helpen illustreren. En schrijvers die heel veel anderen hebben geïnspireerd waardoor je ze om de haverklap tegenkomt in de kunst. Zeker in een land als Italië. Daar waar je bij wijze van spreken op elke straathoek wordt geconfronteerd met hun cultuur uit het middeleeuwse en nog veel verdere verleden. Zoals ik recent weer eens opnieuw ervoer. Want wie figureerde er in de fresco´s in de kathedraal van Orvieto die ik een paar weken geleden beschreef? Dante natuurlijk!

Nogmaals Dante in de kathedraal, nu op zijn tocht door de Hel in de Divina Commedia

En van wie zag ik enkele dagen daarvoor de invloed op eeuwenoude Etruskische urnen? Van Homerus!

het Etruskisch museum in Volterra

Ik liep toen rond in het Museo Etrusco Guarnacci in Volterra. Eén van de oudste steden van Italië, midden in het gebied waar de Etrusken heersten voordat de Romeinen er de macht overnamen. Echt prachtig, dat museum. De Etruskische urnen vliegen je er bijkans om de oren. Allemaal van die kleine sarcofagen voor asresten, uitbundig versierd met prachtig gebeeldhouwde tableaus. Van bijvoorbeeld, zo werd me totaal onverwacht duidelijk, scènes uit de Odyssee. Zoals die waarbij Odysseus zich aan de mast van zijn schip heeft laten vastbinden.

Hij wil namelijk wel het dodelijk verleidende gezang van de Sirenen horen terwijl zijn bemanningsleden uit veiligheid hun oren met was hebben dicht gestopt. Zelf heb ik daarover en ook over Homerus wel schilderijen gemaakt.

Toos van Holstein, Sirène, olieverf

Toos van Holstein, Homère, olieverf

Echt machtig om te zien hoe die Etrusken in hun eigen cultuur die van de Grieken verwerkten. Het gevolg van, natuurlijk, de globaliserende handel in die tijd. Nou ja, Mediterrane handel dan.

Homerus was trouwens niet weg te slaan uit mijn Italiaanse belevingen. Want in Orvieto in de middeleeuwse Palazzi Papali, de Pauselijke Paleizen, kwam ik hem opnieuw tegen. In wat ooit een uitgebreide bibliotheek was geweest.

de oude bibliotheek in de Palazzi Papali in Orvieto

Homerus en Vergilius boven mijn hoofd

En dat nog wel samen met de bekende Romeinse dichter Vergilius. Niet zo vreemd overigens want Vergilius zag zich zelf graag als de evenknie van Homerus. Toen was mijn cirkel ineens helemaal rond. Want is ´t niet Vergilius die Dante begeleidt op zijn tocht door Hel en Vagevuur in de Divina Commedia? Ook al weer iets waarover ik ooit zeefdrukken en schilderijen maakte.

Toos van Holstein, zeefdruk uit de serie bij de Divina Commedia

Toos van Holstein, Divina Commedia, olieverf

Waarom Vergilius niet mee mocht de Hemel in op Dante’s naarstige zoektocht naar zijn zo vurig aanbeden, vroegtijdig overleden Beatrice? Tja, een beetje orde moet er natuurlijk wel zijn. Vergilius (70 v.C-19 v.C.) kon per definitie geen christen zijn. Zie zijn sterfjaar maar. Dikke pech voor hem. Want zulke zielen konden nu eenmaal onder geen voorwaarde tot de christelijke Hemel worden toegelaten. Nee, hij moest ´t doen met Hel en Vagevuur. Die kende hij dan ook op z´n duimpje. Daar had ie geen TomTom voor nodig. Een prachtige truc dus van Dante om hem tot gids op zijn reis te maken.

Al dit soort business hebben we toch maar mooi te danken aan die Grieken en Italianen. Dus als je ´t aan mij vraagt? Geen Grexit, geen Quitalia. Tot volgende week.

TOOS

Dante en Homerus te gast bij TOOS als Middelburg op 6 mei Boekenstad is


affiche van dit jaar

Eens per jaar op de eerste zondag in mei is Middelburg een echte Boekenstad. Vanuit verre streken, zelfs uit Vlaanderen, komen zo’n 130 handelaren in allerlei soorten en maten naar de Markt. Daar waar zich ook al heel lang één van de mooiste en grootste boekhandels van Nederland bevindt. De Drukkerij. Nog nooit bezocht? Dan mis je wat. ’t Is maar dat je ’t weet! Maar dat terzijde.

Zelf voeg ik ook het nodige toe. Maar dan wel in mijn atelier aan de Korendijk. Met als gasten onder anderen de Griek Homerus, de Italiaan Dante Alighieri, de goden uit de IJslandse Edda en heiligen als Sint Nicolaas en Catharina van Alexandrië? Best een interessant gezelschap, nietwaar?

embleem van de kunstroute

Die boekenmarkt is een spin-off van onze maandelijkse Kunst en Cultuurroute in Middelburg. Ooit een thema, dat uiteindelijk zoveel succes had dat de organisatie ervan na een aantal jaren op eigen benen kon staan. Maar die boeken zitten natuurlijk nog wel steeds in de genen van de kunstroute. Vandaar dat een aantal ateliers en galerieën zich zondag 6 mei ook werpt op het boek. Maar vanzelfsprekend wel kunstzinnig. Kijk maar op de website https://www.kunstroutemiddelburg.nl/.

Daar zul je dus ook mijn atelier aantreffen. Want naast schilderijen heb ik ook wel een en ander in huis op boeken in combinatie met kunst. Van de oude Grieken via de middeleeuwen tot aan vandaag de dag. En dat allemaal dankzij mijn Galerie Quadrige in Nice. Eigenaar Jean-Paul Aureglia blies er nieuw leven in uitgeverij La Diane Française die ooit al samenwerkte met nu dooie maar nog steeds beroemde kunstenaars als Salvador Dali, Leonor Fini en André Masson.

Hij stelde zich als levensdoel om naast nieuwe teksten ook eeuwenoude literaire pijlers onder onze hedendaagse Westerse beschaving uit te geven.  In de vorm van het livre d’art. Een in la douce France veel meer dan in Nederland voorkomend soort kunstboek. Uitgaven in zeer beperkte oplage, geïllustreerd met multiples. Originele kunstwerken zoals etsen, houtsneden, gravures, steendrukken en zeefdrukken. Allemaal losliggend en daardoor met het handje uitneembaar.

mijn ‘verzamelde werken’ in de boekenvitrine in mijn atelier

Bij dat levensdoel van Jean-Paul ben ik als kunstenaar nu al een flink aantal jaren betrokken. En daardoor kan ik dus mooi meespelen met Middelburg Boekenstad. Met zeefdrukken bij hoofdstukken uit de 14de eeuwse Divina Commedia van Dante. Met steendrukken bij de duizenden jaren oude verzen in de Ilias en Odyssee van bard Homerus. Met steendrukken bij de ook al heel oude Scandinavische sagen en legenden uit de Edda. Ooit in de 12de eeuw opgetekend in IJsland. En met steendrukken bij een paar heiligenlevens uit de Legenda Aurea.

zeefdruk bij de Divina Commedia

een steendruk bij de Edda

De Legenda Aurea? Ja! Een boek dat in Nederland niet zo bekend is, maar in de middeleeuwen het meest gelezen boek was na de Bijbel. Met uitgebreide levensbeschrijvingen van het gigantische aantal heiligen dat de Roomse Kerk in de loop der eeuwen had verzameld. Zoals onze eigenste Sint Nicolaas. Toen nog zonder zijn Piet. Verwacht in mijn afbeeldingen dus geen zwarte of in wat voor kleur dan ook geveegde of gestreepte helpers van hem.

Ook Santa Catharina, die zorgde voor mijn eerste voornaam, heb ik kunstzinnig onder handen genomen. Maar dan wel die van Alexandrië. Want het Toscaanse Siena heeft ook een 14de eeuwse heilige van die naam. Eveneens heel sterk vereerd, maar mij een te kwezelachtig typje. Nee, dan mijn naamgenoot Catharina van Alexandrië van rond het jaar 300!

een steendruk bij de levensbeschrijving van Sainte Catharina d’ Alexandria

Een zeer wijze, onafhankelijke, standvastige en gelovige vrouw die met haar heldere verstand zelfs mannen wist te overtuigen. Ga er maar aan staan! Maar ja, ze moest ’t wel met de marteldood bekopen. Volgens de legende dan natuurlijk. Kijk, dat zijn vrouwen die me inspiratie opleveren.

Benieuwd? Kom dan 6 mei naar de Korendijk 56. Daar krijg je niet alleen uitleg over die prachtige steendrukkunst maar kun je ook de bijbehorende livres d’art bekijken. Allemaal nog ouderwets met losse loden lettertjes met de hand gezet door Jean-Paul en pagina voor pagina op de handpers gedraaid. Wel in de Franse taal. Maar zoals gezegd, alle apart genummerde en gesigneerde bijbehorende multiples liggen er los in. En is kunst niet een soort universele taal? Tot volgende week.

bezig in het atelier van meestersteendrukker Rudolf Broulim bij Antwerpen

TOOS

Nieuwjaar en bubbels


Toos van Holstein, zeefdruk

De wereld is tegenwoordig niet echt duidelijk te duiden, de contouren zijn vaak maar vaag. Maar altijd is er wel een doorgang, te gelijkertijd toegang en uitgang voor naar binnen of naar buiten. Naar binnen voor de veiligheid, knusheid, gezelligheid, voor het in vertrouwen samenzijn met familie en vrienden, voor je eigen bubbel. En naar buiten om die niet zo duidelijke, wijde wereld te betreden, om nieuwsgierigheid te bevredigen, om nieuwe kennis op te doen, om het avontuur tegemoet te treden, om die wereld beter te leren begrijpen en juist die eigen bubbel te verlaten.

Wij wensen een ieder toe dat ze die doorgang niet alleen als toegang gebruiken maar ook vaak als uitgang. Om die wereld samen tot één enkele grote bubbel te maken. En daarnaast hopen we dat iedereen 2018 in gezond geluk mag beleven.

TOOS

De logische lijn van middeleeuwer Dante naar Cobrakunstenaar Alechinsky en komiek John Cleese


Kom ik er in het Franse Chamalières achter dat werk van mij nog nooit zo dicht in de buurt heeft gehangen van de wereldberoemde kunstkanonnen Chagall, Miró, Calder en Braque als juist daar.

in Chamalières

Chamalières? Jazeker! Want als je dan toch met de auto naar Nice en omstreken moet om kunstige zaken te vervoeren, kun je best een omweggetje van een paar honderd kilometer maken naar die plaats. Levensgezel, die zich altijd met liefde opwerpt als privéchauffeur, draait daar zijn hand niet voor om. Oh, waar dat Chamalières ligt? Nou, vlak tegen Clermont-Ferrand aan. En waarom dan die omweg? Wist je dan niet dat daar elke drie jaar Le Triennale Mondiale de l’Estampe et de la Gravure wordt georganiseerd? Een triënnale dus waar de druk van kunst centraal staat. Kunst in gelimiteerde oplage zoals bij steendrukken, zeefdrukken, gravures, etsen, houtsneden. Multiples in het Engels.

Dit jaar vindt de tiende editie plaats. Een kolfje naar de hand van Jean-Paul Aureglia, mijn galeriehouder uit Nice. Hij specialiseert zich ten slotte al een aantal jaren in het uitgeven van het livre d’art. Literaire teksten in kleine oplage, rijk geïllustreerd met speciaal daarvoor gemaakte multiples. Ik heb daaraan al regelmatig meegedaan met steendrukken. Maar voor de middeleeuwse Divina Commedia van Dante Aleghieri heb ik me aan de zeefdrukken gewaagd.

enkele van mijn zeefdrukken voor de Divina Commedia

En laat Jean-Paul nu net een hele zaal te hebben gekregen om het werk van alle aan dat Dante-project meewerkende kunstenaars tentoon te stellen! Ik was uitgenodigd voor de opening in september maar dat kwam toen niet echt uit. Even een dagje op en neer naar Clermont-Ferrand? Mwah! Vandaar die omweg met de auto nu. En vandaar die beginzin. Want ook Chagall, Miró, Calder en Braque hebben steen en zeefdrukken gemaakt. Miró zelfs hele grote. En daarvoor hoefde ik alleen maar even vanuit ‘onze’ zaal van Dante door te steken naar die van hun. Eigenlijk best een lekker gevoel!

deel van de expositie over de Divina Commedia

bij mijn eigen werk

in de volgende zaal bij Miró

Er was overigens nog heel veel meer. Teveel om in onze paar geplande Chamalières-dagen te kunnen aflopen en rijden. Ga er maar aan staan, zo’n 30 expolocaties verspreid over de regio. Met een veelvoud daarvan aan kunstenaars vanuit alle werelddelen die een grote verscheidenheid aan interessante en natuurlijk ook minder interessante kunst toonden.  En met een prachtig uitgevoerde, dikke catalogus die ik als meewerkend en vanzelfsprekend ook vermeld kunstenaar zomaar daar ter plaatse cadeau kreeg van de organisatie.

de catalogus met een aantal pagina’s gewijd aan Dante en galerie Quadrige uit Nice

gevel van Centre de la Gravure

Maar hoe kom ik nu van Dante naar Alechinsky? Heel simpel. Omdat zich in het Waalse La Louvière, dicht bij Charleroi, het ‘Centre de la Gravure et de l’Image imprimée’ bevindt. Ook al weer grafiek en gedrukte afbeelding dus. Daar was ik nog nooit geweest en ’t lag kunstig mooi in het verlengde van de triënnale. Dus nog een ommetje van een paar honderd kilometer? Pas de problème! Weet je wel, die zich niet omdraaiende hand van levensgezel? ’t Is ook weer eens wat anders, Nice-Middelburg via La Louvière. Echt zo’n wat morsige, weggezonken Waalse industriestad van ooit betere tijden. Maar dat museum bleek een mooie verrassing. Wat anoniem weggestopt achter een weinig interessante gevel bevond zich een geweldig kunstcentrum.

Wat ik al wel van te voren wist, was dat de Belgische Pierre Alechinsky er een grote overzichtstentoonstelling had. Voor mij vormt hij samen met Nederlander Constant Nieuwenhuijs de top van de Cobra-groep die eind jaren 40 van de vorige eeuw werd opgericht. Natuurlijk, de namen van Appel en Corneille duiken meestal gelijk op bij die naam Cobra. Maar geef mij maar Alechinsky, Constant en ook Lucebert .

één van de drie zalen met werk van Alechinsky

Hoewel Alechinsky, met z’n nu 90 vitale levensjaren een van de weinige nog levende Cobra-kunstenaars, heel anders werkt dan ik, spreken zijn tekeningen en schilderijen mij al jaren sterk aan. Nog sterker nu ik drie zalen vol met zijn originelen en zijn grafisch werk heb gezien. Heel intrigerend bijvoorbeeld zoals hij oude landkaarten gebruikt om er voorstellingen op te maken.

oude kaart van Europa met Alechinsky’s interpretatie van de dreiging vanuit Rusland

fragment van een tekening op een oude kaart

Ik ontdekte er zelfs één van Yemen met de havenstad Aden. Waardoor ik ineens moest denken aan die vrijwel verlaten, gigantisch grote restaurantzaal daar waar ik jaren geleden de volmaakte plaatsvervanger van Manuel meemaakte. Je weet wel, die door en door stuntelige ober uit de hilarische tv-serie Fawlty Towers met John Cleese als chaotische hotelmanager. Deze Yemenitische Manuel maakte ’t zelfs nog een graadje erger. Om nooit te vergeten. Maar dat is weer een heel ander verhaal.

Aden op een oude kaart van Yemen, fragment

Ik realiseerde me daar in La Louvière ook  ineens dat de opzet van mijn zeefdrukken voor de Divina Commedia (hierboven) en de opzet van een aantal van Alechynski’s schilderijen wel wat van elkaar weg hadden. Echt heel frappant!

Toch mooi om via een paar ommetjes, nou ja, eigenlijk meer ommen, een kunstcirkel vanuit Nederland via Chamalières, Nice en La Louvière op verschillende manieren grafisch rond te maken. Of klinkt dat erg ingewikkeld en onlogisch? Tot volgende week.

TOOS

Ernest Pignon-Ernest, de pre-Banksy en nog veel beter ook


Promenade des Anglais
Promenade des Anglais

Ik was weer even in Nice, mijn tweede woonstad. Nooit een straf met de vrijwel altijd betere weersomstandigheden en die ook altijd weer bruisende ambiance van Parijs in het klein op z’n Italiaans. Nog steeds, ondanks de gruwelijke aanslag die er een aantal maanden geleden plaatsvond op de Promenade des Anglais. Die beroemde, prachtige boulevard aan de Baie des Anges.

het MAMAC
het MAMAC

Met de tram op weg naar Quadrige, mijn galerie in Nice, passeerde ik het  MAMAC en zag in een flits op de gevel in grote letters de naam Ernest Pignon-Ernest voorbij schuiven. Met als instantane reactie “daar moet ik heen!”. Dat MAMAC is het Musée d’Art Moderne et d’Art Contemporain. En die Ernest Pignon-Ernest(1942) is de kunstenaar uit Nice die ik ruim 20 jaar geleden daar voor het eerst ontdekte. Een geweldige artiest die in Nederland volkomen onterecht nog steeds  volstrekt onbekend is, maar destijds in Frankrijk en Italië al wereldberoemd was door zijn straatkunst in o.a. Parijs, Avignon, Grenoble en Napels.

werk van Ernest Pignon-Ernest in Napels
werk van Ernest Pignon-Ernest in Napels

In feite is hij een Banksy avant la lettre. Je weet wel, die Banksy die al een aantal jaren wereldwijd furore maakt door op de gekste plekken overal ter wereld ineens afbeeldingen op muren tevoorschijn te toveren. Anoniem midden in de nacht stiekem op muren gespoten, in een altijd herkenbare wat cartooneske  stijl. En altijd met een maatschappijkritische ondertoon.

werk van Banksy
werk van Banksy

Maar naar mijn nederige interpretatie vooral wereldberoemd door zijn gimmick. Proberen zijn identiteit geheim te houden. Dat ‘m dat nog steeds lukt is op zich al een prestatie. Wel zijn er vermoedens wie hij is, maar daar blijft ’t bij. Anoniem proberen te blijven en daarmee toch wereldberoemd worden in de kunst. Best een aardig kunstje.

Daar doet Ernest Pignon-Ernest, voor het gemak ook wel EP-E genoemd, niet aan. Al vanaf het begin van zijn carrière heeft hij met zijn straatkunst in de openbaarheid gewerkt.  Zoals in 1971 in Parijs met grote doeken op de trappen van de Sacré-Coeur.

op de trappen van de Sacré-Coeur
op de trappen van de Sacré-Coeur

En jaren later in de vergane straten van het oude centrum van Napels. Foto’s van zijn werk daar ter plekke zag ik destijds voor het eerst in het MAMAC. Ik was er gelijk door gegrepen. Prachtige, bijna renaissancistisch getekende levensgrote muurwerken die als een trompe l’oeil in hun omgeving opgingen. Je moet ’t maar durven en doen in een tijd waarin de kunstkritiek de abstractie hoog in het vaandel had en het realisme in de officiële “kleren van de keizer” kunstkringen als ’t even kon geheel werd verguisd.

in Napels
in Napels

in het museum
in het museum

in Napels
in Napels

in het museum
in het museum

in het museum
in het museum

Nu was er dus eindelijk een grote overzichtstentoonstelling van hem in zijn geboortestad Nice. Met o.a. de originele krijt, pastel en inkt tekeningen die later verwerkt werden in zijn straatkunst. In de vorm van bijvoorbeeld graffiti of op muren geplakte zeefdrukken. Zoals in Soweto (Zuid-Afrika).

in Soweto
in Soweto

Of zoals in Rome waar hij een Pasolini-parcours gemaakt had. Met als inspiratiebron de in 1975 vermoorde, altijd spraakmakende filmregisseur Pier Paolo Pasolini.

in het museum
in het museum

in Rome
in Rome

Wat te denken ook van zijn project in de St.Paul  gevangenis in Lyon?

in Lyon
in Lyon

in het museum
in het museum

Of deze vanwege de huidige grote vluchtelingenproblemen wel heel actuele muurschilderingen. Gemaakt in de jaren 70 in Parijs en Calais! Hoezo vooruitziende blik?

in Parijs
in Parijs

in Calais
in Calais

Dit alles was echt smullen. Die hele Banksy, alhoewel beslist niet slecht, kan vergeleken met EP-E wat mij betreft wel inpakken.  En dit was nog niet alles. Er wachtte nog een heel speciale EP-E verrassing. Maar daarvoor tot volgende week.

TOOS

 

Het Eureka-gevoel en de Four Freedoms Awards


de Bibliotheca Alexandrina in Alexandrië, Egypte
de Bibliotheca Alexandrina in Alexandrië, Egypte

Mijn atelier in Nice is zo’n plek waar ik me graag van tijd tot tijd terugtrek. Heerlijk, even een poosje los van de afleidende omgevingsruis in Nederland. Tot rust komen en nieuwe ideeën ontwikkelen.

Zo zat ik daar in december te denken aan de Bibliotheca Alexandrina, de gigantisch grote wereldbibliotheek die in het Egyptische Alexandrië is verrezen. Als moderne versie van de in de Oudheid wereldberoemde bibliotheek in die stad.

ingang van de Bibliotheca Alexandrina
ingang van de Bibliotheca Alexandrina

In die nieuwe variant, in 2002 tot stand gekomen met hulp van o.a. de Unesco, grote financiële giften uit het Midden-Oosten en uitgebreide schenkingen door Westerse bibliotheken, worden heel veel tentoonstellingen gehouden. Met natuurlijk het boek als uitgangspunt. Zo kreeg ik afgelopen november een persoonlijke uitnodiging om deel te nemen aan The Bibliotheca Alexandria Biennale of the Artist’s Book.  En dat leek me eigenlijk wel wat. Dat verzoek kwam natuurlijk niet zomaar uit de Egyptische lucht vallen. Er is daar namelijk al werk van mij aanwezig. In de vorm van zeefdrukken en steendrukken in kunstboeken gemaakt door galerie en uitgeverij Quadrige/La Diane Française in Nice.  Daar waar ik dus zat toen ik mijn Eureka moment kreeg.

Want het kon me dan wel wat lijken, meedoen aan die Biennale, maar hoe? Met een kunstboek, allicht! Maar daar moet ook nog wat in. Zo moet het originele kunst bevatten. Niks geen gedoe met kopietjes, digitale prints en offset. Absoluut verboden. Wat dus wel? Een paar ideetjes had ik al verworpen. Tot het juiste ineens opborrelde uit mijn hersenmoeras. Eureka! Dat is ‘t! Ik ben toen overigens niet gelijk in m’n nakie de straat opgerend. Zoals, volgens de anekdote, Archimedes in de 3de eeuw v.C. in Syracuse wel deed,in opperste staat van opwinding eureka roepend. Hij zat trouwens in bad, zonder kleren aan vermoed ik, toen hij zijn wet voor de opwaartse kracht op voorwerpen in vloeistoffen bedacht. En ik zat gewoon gekleed aan mijn werktafel. Wel leuk natuurlijk dat er van de oude Archimedes teksten op papyrusrollen lagen in die oude Bibliotheek van Alexandrië en dat er in die van nu werk aanwezig is van mij.

hoe de oude bibliotheek er uit zou hebben kunnen zien
hoe de oude bibliotheek er uit zou hebben kunnen zien

Eureka dus. Het idee? Mijn artist book zou gaan over The Four Freedom Awards! De vier vrijheden zoals die in 1941 door Franklin D.Roosevelt, de toenmalige president van de VS, werden geformuleerd. En die later in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van de Verenigde Naties zijn opgenomen. Want spelen die vier vrijheden niet om de twee jaar een heel belangrijke rol in mijn eigenste Middelburg? Als in de Nieuwe Kerk in het bijzijn van een lid van het koninklijk huis de verkozen laureaten hun Four Freedoms Award krijgen uitgereikt. Op het gebied van de  Vrijheid van meningsuiting, Vrijheid van godsdienst, Vrijwaring van gebrek en Vrijwaring van vrees.

En de uitwerking van dat idee? Ik ging een aantal citaten uitzoeken van beroemde wereldburgers die al eerder een Award hadden gekregen. Want Angela Merkel mag er, zoals recent bekend werd, nu op 21 april één uitgereikt krijgen,  bekenden als Nelson Mandela, Kofi Annan en de Dalai Laima gingen haar voor. Die citaten zou ik met de hand kalligraferen en vergezeld doen gaan van daarop gebaseerde originele tekeningen. Met ook een uitspraak van Roosevelt zelf en van zijn vrouw Eleonor. Want zij mochten vanzelfsprekend niet ontbreken.

pagina gewijd aan Franklin D.Roosevelt
pagina gewijd aan Franklin D.Roosevelt

Zo kwam het dus dat ik de afgelopen weken stijve vingers kreeg van het kalligraferen. Ooit geleerd op de academie. Met concentratie tot en met. Foutjes niet toegestaan, dan moest ik opnieuw beginnen. Tekenen en aquarelleren is eigenlijk een stuk makkelijker. Nu is de klus geklaard en gaat mijn kunstboek op weg naar Alexandrië. Net zoals ik trouwens. Maar voor mij is dat pas eind april, als die Biennale of the Artist’s Book wordt geopend. Want daar wil ik wel bij zijn! Dichtbij de plek waar ooit die oude, zo wereldberoemde bibliotheek heeft gestaan. De plek waar die ooit in vlammen is opgegaan.

impressie van de brand in de oude bibliotheek
impressie van de brand in de oude bibliotheek

Maar dat is weer een heel ander verhaal. Tot volgende week.

TOOS

TOOS op stap met Dante in zijn Divina Commedia


Dante1 In de kunst beweeg  ik mij nogal eens op onverwacht kronkelige paden waarvan het eind soms  plots weer blijkt aan te sluiten op het begin. Een soort cirkel dus, maar op z’n Toosiaans verre van rond. Ik kwam op dit beeld door de opening afgelopen week van een expositie met o.a. werk van mij in het Italiaans Consulaat in Nice. Maar dit soort vaagpraat verdient natuurlijk verduidelijking.

Alweer een aantal jaren geleden zette Jean Paul Aureglia, eigenaar van Galerie Qvadrige in Nice, mij op de weg van Italiaanse middeleeuwer Dante Alighieri. Daardoor zwierf ik met Dante in zijn Divina Commedia achtereenvolgens door Hel, Voorgeborchte en   Dante2Hemel.  Niet letterlijk natuurlijk, maar wel geestelijk.  Dat 13de eeuwse meesterwerk kende ik vanzelfsprekend al uit de kunstgeschiedenis. Maar Jean Paul wilde mij er kunstwerken bij laten maken. Voor een nieuwe uitgave, een livre d’art in zeer gelimiteerde oplage, geïllustreerd door een beperkt aantal kunstenaars. Later heb ik dat vaker gedaan, bij andere beroemde literaire werken uit het verleden. Maar voor alles in het leven is er een eerste keer. Zo ook hier. Dus verdiepte ik mij meer dan ik ooit gedaan had in die Goddelijke Komedie. Het eerste resultaat bestond uit vier zeefdrukken. Gemaakt in een atelier in de binnenlanden achter Nice. Zeefdrukken vol met symboliek. Bekijk de bijgevoegde foto’s maar eens. Die symboliek ga ik hier nu verder niet uitleggen. Want dan wordt dit stukje een stuk, een héééél lang stuk. Maar dat kronkelpad, hoe zit dat nou eigenlijk?

Allereerst gaf Dante mij voor die zeefdrukken veel  inspiratie. Maar een schilderijententoonstelling in Nice, daar waar het begon, kon natuurlijk niet uitblijven. Verder speelde hij een rol in mijn expositie “De Mens op Weg” in 2004 in de Martinikerk in Franeker en voor “Men on his Way” in 2006 in hartje Londen. Er kwam een speciale tentoonstelling  in het prachtige Musée Goya in Castres (Frankrijk) met alle kunstillustraties van alle kunstenaars die meewerkten aan dat project rond de Divina Commedia. Illustraties die zich nu trouwens ook in de grote bibliotheek van Alexandrië in Egypte bevinden.

Dante3

En afgelopen week is dus die tentoonstelling uit het Musée Goya als een soort reizend kunstcircus neergestreken in het Italiaanse Consulaat in Nice.  Met natuurlijk alle bijbehorende openingsplechtigheden. En met Dante dus weer terug in Nice! Maar dan heb ik Nibbixwoud in Noord-Holland nog niet genoemd. Nibbixwoud? Ja, dat gaat deze zomer voor mij nog een Dante-rol spelen. Terwijl hij ook nog sporen zal nalaten bij mijn grote solo “Helden” in Franeker.

Dante4

Dante5 Nice, Franeker, Londen, Castres, Alexandrië, Nibbixwoud, Nice. Zeg maar eens dat dit geen kronkelpad is! Tot volgende week.

TOOS

www.toosvanholstein.nl

www.toos.biz

YouTube  http://bit.ly/ij4Pag