Tagarchief: multiple

Reizen in verf: Toos van Holstein schildert werelden die je herkent zonder er ooit geweest te zijn


Best een leuke titel toch hierboven? En dan heb je nog niet eens gelezen wat verderop komt. Dat was voor mij trouwens ook al heel lang geleden. Hoe dat zit?

Vorige week passeerde hier het livre d’art ‘Dix ans et plus’, met daarin een zeefdruk van mij. Uitgegeven door mijn Niçoise galerie Quadrige. Want ’t leek Jean-Paul Aureglia een leuk idee die ‘Tien jaar en meer’ uit te geven na het 10-jarig bestaan van zijn galerie in 2002. Een kunstboek met teksten over en geïllustreerd met multiples van kunstenaars waarmee hij in die tijd had samengewerkt. Laat ik daar sinds 1994 nou ook bij horen! Die kunstenaars kregen dus allemaal gratis en voor niks een kunstkritiek cadeau in ruil voor een multiple.

mijn zeefdruk in het livre d’art ‘Dix ans et plus’

Toen ik het stuk over mij een paar weken geleden sinds lang weer eens las, dacht ik gelijk ‘kat in ’t bakkie’. Want even zelf niet schrijven en dat een ander laten doen? Best makkelijk!

Dus hieronder wat kunstcriticus Gerard Rücker destijds over mij schreef. Waarbij levensgezel met hulpje ChatGpt een iets luchtiger Nederlandse vertaling maakte van Gerards toch wel wat formeel geschreven Franse kunstverhaal. En waarbij ik de boel heb opgeleukt met schilderijen van mij die destijds zijn ontstaan.  

Toos van Holstein, Stupa (olieverf, 60-60 cm)
Toos van Holstein, Consonar (olieverf, 75-125 cm)
Toos van Holstein, Chichen Itza (olieverf, 90-100 cm)

Al eeuwenlang zijn de Lage Landen vruchtbare grond voor de kunsten, vooral voor de schilderkunst. Honderden beroemde schilders werden hier geboren en werkten hier, en heel wat van hen groeiden uit tot Meesters met een hoofdletter M — sommigen zelfs tot genieën. Dat Toos van Holstein, geboren in 1949 in Eindhoven, de liefde voor het schilderen via haar voorouders heeft meegekregen, is dan ook maar een kleine gedachte­sprong.

Toos van Holstein, Valley of the Gods (olieverf 90-160 cm)
Toos van Holstein, Xing Zhue (olieverf, 150-100 cm)
Toos van Holstein, Mural (olieverf, 90-100 cm)

Van alle kunstenaars die Galerie Qvadrige trouw zijn gebleven, is Toos zonder twijfel degene die het meest heeft rondgereisd. Dat hoef je haar niet eens te vragen — één blik op haar schilderijen is genoeg. Die nodigen uit tot wegdromen, verdwalen en reizen. Dit terugkerende thema komt minder voort uit het letterlijke reizen dan uit het gevoel erbij. Zo ontdek je in haar werk steden en plekken die vertrouwd aanvoelen, zelfs als je er nog nooit bent geweest.

Al jong droomde Toos ervan de wereld rond te trekken en haar reizen schilderend vast te leggen. Na een degelijke artistieke opleiding — ze studeerde af aan de Academie in Tilburg — werkte zij jarenlang als docent Esthetica. Dat betekende minder exposities, maar des te meer reizen. Een mens moet tenslotte kiezen.

Toos van Holstein, Sjaman (olieverf, 90-115 m)
Toos van Holstein, Confucius (olieverf, 60-60 cm)
Toos van Holstein, Dance (110-90 cm)

Sinds 1990 wijdt zij zich volledig aan haar kunstenaarschap, en wel in alle mogelijke disciplines: tekenen, aquarel, olieverf, lithografie en beeldhouwkunst. Succes had ze volop, in binnen- én buitenland.

Toos van Holstein bezocht vele landen: Egypte, Jordanië, Jemen, Tunesië, Syrië — haar liefde voor het Midden-Oosten is duidelijk — maar ook China, Sri Lanka, Mexico, Guatemala en de USA kent zij van dichtbij. Uit haar schetsboeken, notities, verwondering, emoties, herinneringen en ontmoetingen met mensen uit steden en dorpen is een volstrekt eigen beeldtaal ontstaan, van onmiskenbare schoonheid en hoge esthetische kwaliteit.

Toos van Holstein, Cosecha (olieverf, 70-50 cm)
Toos van Holstein, Journée (olieverf, 50-50 cm)
Toos van Holstein, Amarna (olieverf, 160-120 cm)

Voor elk schilderij stapt je als toeschouwer als het ware samen met de kunstenaar aan boord, op weg naar een wereld met vele gezichten. Een wereld waarin sereniteit, eenvoud en mysterie moeiteloos samengaan. Geen schreeuwerig exotisme, maar stilte, rust en een bijna onwerkelijke transparantie — doordrenkt van kalmte, een zorgvuldig vertraagd tempo en het gevoel van tijd die stroomt zoals in de verhalen van oosterse dichters en vertellers.

Toos van Holstein, The valley (olieverf, 100-150 cm)
Toos van Holstein, Labyrinh of cultures (150-100 cm)
Toos van Holstein, Facing (olieverf, 80-90 cm)

Hier lijkt de tijd even stil te staan om plaats te maken voor innerlijke rust. Toos verbeeldt het alledaagse leven met haar eigen, subtiele vorm van magie: het geluk vangen van een moment dat het waard is om vast te houden.

Ze schildert koepels en minaretten, monumentale poorten die op een kier staan, lange stille gangen, steegjes en patio’s waar de schaduw samenwerkt met het verkoelende water van een fontein. Pleinen die zinderen van de zon, muren vol barsten en sporen van tijd en geschiedenis. Sobere decors waarin elegante silhouetten voorbijglijden, royaal gehuld in lange gewaden — menselijke vormen die bewust minimaal gesuggereerd worden.

Toos van Holstein, Shira’a (olieverf, 90-110 cm)
Toos van Holstein, Cupola (olieverf, 60-60 cm)
Toos van Holstein, Calle di Zoccolo (olieverf, 80-70 cm)

Door het gebruik van glacislagen brengt de kunstenaar opeenvolgende verflagen in harmonie, wat resulteert in volop diepte en textuur. Zo worden de doeken zelf als het ware ‘verouderd’, om het afbrokkelende effect van zand, regen en zon voelbaar te maken.

De werken van Toos zijn open deuren naar een verbeeldingswereld die, via ons collectieve geheugen, ook de onze wordt. Ze spreken tot het hart, de zintuigen en ons vermogen om geraakt te worden.

Toos van Holstein, Visitatrice (olieverf, 70-50 cm)
Toos van Holstein, Yatchilan (olieverf, 150-120 cm)

Tussen figuratie en abstractie schenkt zij ons een tijdloosheid waarin een weldadige droom uitmondt in een andere werkelijkheid. Dáár toont zich haar grote talent: haar menselijke uitstraling, haar levenslust en haar vermogen die met overtuiging en gulheid te delen.

Toos van Holstein, Kovalam (olieverf, 110-150 cm)

Nou, zo had ik dat zelf absoluut nooit kunnen schrijven. Tot volgende week.

TOOS

Deel 2 over mijn speciale livres d’art, kunstboeken uitgegeven door Galerie Quadrige/Éditeur La Diane Française in Nice


Belofte maakt schuld. Want twee weken geleden was ik nog niet klaar met mijn speciale kunstedities. Die dankzij Jean-Paul Aureglia, eigenaar van Galerie Quadrige/Éditeur La Diane Française in Nice, in allerlei grote bibliotheken zijn te vinden. Zoals de Bibliothèque Nationale in Parijs, die van het prestigieuze Trinity College in Cambridge, onze eigen Nationale Bibliotheek in Den Haag en de kunstbibliotheek van Museum Boijmans in Rotterdam. Best leuk!

Twee weken geleden passeerden hier de Ilias, Odyssee en Divina Commedia en stipte ik de Legenda Aurea al aan. Ook beloofde ik iets over JP’s series ‘Musée de poche’ en ‘Feuille de ceramique’ plus Sint Franciscus en ‘vierkante kunst’. Waarbij ik zomaar nog de ‘Dix ans et plus’ vergat. Daar gaat ie!

De Legenda aurea, La Légende d’orée, De gouden Legende

Toos van Holstein, aquarel als studie voor de steendrukken over het leven van Catharina van Alexandria

Een in de Middeleeuwen volop gelezen boek over de belangrijkste heiligen. Nou ja, je moest natuurlijk wel kùnnen lezen! En dat ging voor een groot deel van de bevolking toen niet op. Voorlezen kon vanzelfsprekend wel. Maar of al die heiligenlevens zich nu leenden voor verhaaltjes voor het slapen gaan? Oordeel zelf maar bij de Heilige Catharina van Alexandrië, waarvan ik voor JP haar levensbeschrijving met steendrukken heb geïllustreerd.

Toos van Holstein, een van de 4 steendrukken over Catharina

Catharina (mijn officiële eerste voornaam), wijs tot diep in haar haarvaten en ook nog eens zeer gelovig. Met daarbij de heidense heerser van Alexandrië die haar graag wil bezitten. No way natuurlijk! Ze weet zelfs zijn vrouw te bekeren en ook heel veel wijze mannen te overtuigen van haar gelijk. En dat door een vrouw!! Heerser dus te kijk gezet en Catharina tot radbraken veroordeeld. Dat mislukt door goddelijk ingrijpen. Dus dan maar met het zwaard haar hoofd eraf. Gouden tijden waren dat voor heersers. Alhoewel, waren? Hoe zit dat met die twee huidige tsaren in de US en Rusland? Hoe dan ook, Catharina werd heilig verklaard en ik mocht me door haar levensloop laten inspireren.

Toos van Holstein, Santa II (olieverf, drieluik)

Net zoals door die van Sinterklaas. Nou ja, Saint Nicolas klinkt natuurlijk veel mooier. Wat heeft die veel nobels gedaan! Drie jonge vrouwen, zussen, gered van de prostitutie. Drie in een grote pot gekookte kindertjes weer tot leven gewekt. En een zeeman gered die bij een storm op zee dreigde te verdrinken. Alle redenen dus voor heiligheid en een viertal steendrukken van mij ter illustratie daarvan.

Toos van Holstein, aquarelstudie voor 4 steendrukken over het leven van Saint Nicolas (Sinterklaas)
Toos van Holstein, steendruk

Zwarte Piet zal je trouwens niet ontdekken, die bestond toen nog niet.

De Edda in de serie Musée de poche

De Edda, een op IJsland door Snorri Sturluson geschreven 12e eeuwse verzameling van Noord-Europese mythologische verhalen. Ik mocht van JP een tekst uitzoeken voor zijn serie ‘Musée de poche’. Boekjes met literaire teksten, weer te illustreren met multiples. Om wat tegenwicht te bieden aan al die zuidelijke Griekse mythologie van de Ilias en Odyssee ging ik voor iets noordelijks. Een tekst uit die Edda. Waarin overigens, net als bij de Grieken, de mens vaak een speelbal is van de goden.

Toos van Holstein, aquarelstudie voor de 4 steendrukken bij de Edda

Voor mijn vier steendrukken maakte ik natuurlijk wat voorstudies. Maar ook kwamen uit die inspirerende verhalen olieverven voort.

Toos van Holstein, The eye of the prohet (de 4 steendrukken op één groot vel)
Toos van Holstein, een van de 4 steendrukken bij de Edda
nog een
Toos van Holstein, Edda (olieverfschilderij)

Overigens, ‘poche’ is Frans voor broekzak. Maar vanzelfsprekend past zo’n Musée de poche echt niet in je broek of binnenzak.

Franciscus en de Wolf in de serie ‘feuille de ceramique’

Kom maar eens op het idee, een livre d’art met daarin dunne plaatjes keramiek als illustratie. JP deed dat. En ik kwam op het idee om iets te doen met het zich in mijn keramiekstad Gubbio afspelende verhaal over San Francesco en de woeste wolf.

Toos van Holstein, de 2 keramiekplaatjes in het livre dárt
zoals ze zijn geplaatst in het livre d’art

Schrijver en kunstcriticus Raphaël Monticelli maakte er zelfs een nieuwe tekst bij. Over dan nieuwe boekje in die serie ‘feuille de ceramique’ heb ik hier al eens eerder geschreven. En ’t zou ook best kunnen dat San Francesco e il lupo dit jaar nog weer eens opduiken.

L’Art au carré: Toos van HOLSTEIN

Denk nou niet dat de boeken in JP’s serie ‘L’Art au carré’ vierkant zijn. ’t Is Frankrijk, hè. Nee, de acht steendrukken die ik maakte voor dit geheel aan mij gewijde livre d’art meten 28 bij 25 cm. Ach, niet belangrijk.

Toos van Holstein, het L’Art au carré opengeslagen bij een van de steendrukken
Toos van Holstein, nog een van de 8 steendrukken

Belangrijker is dat ik echt trots ben op dit boek. Ook omdat dit project veel inspiratie opleverde. Dat is hier al vaker ter sprake gekomen. Wat te denken van een hele serie originelen op handgeschept papier. Ook allemaal 28 bij 25 cm.

Toos van Holstein, mixed media studie voor de steendruk hierboven
Toos van Holstein, een van de serie originelen

En dan komt van ’t een ’t ander. Zoals mijn serie olieverfschilderijen onder de noemer ‘Coloured Black’.

Toos van Holstein, Source de vie (olieverfschilderij uit de serie Coloured Black)

Dix ans et plus/Tien jaar en meer

livre d’art ‘Dix ans et plus’

Die uitgave had ik zomaar de vorige keer vergeten. Foei Toos! Een livre d’art dat JP uitgaf enkele jaren na het 10-jarig bestaan van zijn Galerie Quadrige. Met daarin kunstenaars waarmee hij in die eerste 10 jaar had samengewerkt. Als ze maar een multiple konden aanleveren. Laat ik nou, toen bij hem dat idee opkwam, net gaan beginnen aan mijn zeefdrukken voor La Divine Comedie van Dante (lees het 1e deel). Kleine moeite om er nog eentje extra te maken.

Toos van Holstein, zeefdruk in ‘Dix ans et plus’

Maar na die zeefdrukken besloot ik toch dat ik het creëren van steendrukken interessanter vind. Daarbij kan ik veel meer kwijt mijn teken, aquarelleer en schildertechnieken. Tot volgende week.

TOOS

Hoe de Salonkamer van Kunsticoon Leonor Fini vanuit Parijs belandde in het Hospitaal van Sint Rochus in het Verre Stadje Issoudun


Het mondiale Parijs, de Grand Salon daar van mijn kunstheldin Leonor Fini, beschermheilige tegen de pest Sint Rochus en het wat suffe provinciestadje Issoudun. Een curieuze combinatie waarin toch logica zit. En waarvan ik ook weer een en ander opstak over hand- en spandiensten in de kunstwereld. Zoals bijvoorbeeld bij onderstaande gravure van Leonor Fini (1907-1996). Verderop meer daarover.

Eerst Issoudun. De plaatsnaam die ik een paar jaar geleden al noteerde op mijn te-doen-lijstje. Want via internet had ik ontdekt dat het Musée de l’Hospice Saint-Roch (Museum van het Hospitaal Sint Rochus) in Issoudun een heel speciale kamer herbergde. Met daarin meubilair, kunst en voorwerpen uit het Parijse appartement/atelier van die heerlijk extravagante en intrigerende Leonor Fini.

De vrouw waarvoor ik afgelopen maart vanuit Nice met de Flixbus afreisde voor mijn eerste bezoek ooit aan Milaan. Vanwege de grote overzichtsexpositie ‘I am LEONOR FINI’ (hier mijn blog daarover). Logisch toch dat Issoudun ook mijn nieuwsgierigheid opwekte? Maar ja, dan moet je wel in het midden van Midden-Frankrijk zien te geraken.

Issoudun, hoe midden in Midden Frankrijk wil je ’t hebben

Daar was dus onze Tour de l’Art en France 2025 goed voor. Met de etappe vanaf het Chateau de Rosa Bonheur. En met een echte surprise als gevolg. Niet trouwens die etappeplaats Issoudun zelf. Waar in het centrum wel een heel mooi opgeknapt groot plein ligt. Met welgeteld twee cafés en één restaurant. Cafés dicht die dag, restaurant open. De plaatselijke Chinees natuurlijk!

met natuurlijk Aziatisch bier

Nee, de verrassing was dat Musée de l’Hospice Saint-Roch. Een combinatie van het eeuwenoude hospitaal, een prachtig moderne aanbouw en een grote beeldentuin. Waar we die maandagmiddag bijna als enige bezoekers rondliepen.

deel van het oude hospice met een moderne sculptuur als tegenpool
een deel van de moderne aanbouw
in de beeldentuin
sculptuur van de beroemde surrealist Max Ernst

Op de vraag naar die kamer van Leonor Fini werden we er gelijk persoonlijk heen begeleid. Wat bleek? Het was de zo goed mogelijk nagebouwde salon van haar Parijse appartement. Waar Leonor vanaf 1960 tot haar dood in 1996 woonde met haar twee mannelijke metgezellen en haar vele katten. En waar ze in die salon haar vele gasten uit de intellectuele en kunstzinnige Parijse kringen ontving.

de zaal voor Leonor Fini met rechts een stukje van haar ingebouwde salon
videobeeld van Leonor Fini, geprojecteerd op een van de muren in de zaal
deel van haar Parijse salon
te bekijken vanaf meerdere kanten
met wat je noemt een veelzitsbank

Jammer genoeg mocht je er alleen vanuit wat openingen naar kijken. Wat ik me best kan voorstellen. Want anders had ik beslist de neiging gehad mijn billen de grote Art Nouveau bank en Art Nouveau stoelen te laten toucheren. Daar waar destijds flink wat veel beroemdere achterwerken van kunstenaars en schrijvers datzelfde hebben gedaan. Want wie kwamen er niet lunchen of op de thee! Een greep uit de meest beroemde namen: Jean Genet, Arman, Yves Klein, Max Ernst, Jean Cocteau, Alberto Moravia, Dior.

duidelijk geen moderne inrichting, ook niet voor de tijd van de jaren 60 tot 90

Maar hoe is de inhoud van die salon ooit in dat zo on-Parijse Issoudun terecht gekomen? Dat heeft te maken met het echtpaar Fred Deux en Cécile Reims. Beiden ijverige gravure en etsenmakers. Waarbij Cécile er zich vooral op toelegde om in opdracht te etsen en graferen voor kunstenaars die deze technieken niet zo goed beheersten of daar geen tijd in wilden steken maar wel oplagen nodig hadden. Zo heeft ze dat ook voor Leonor gedaan. Die veel boeken en teksten illustreerde met kunstdrukken in beperkte oplage. Steendrukken, gravures en etsen dus. En voor die laatste twee multiple-technieken kwam ze met haar ontwerpen naar Cécile Reims in Issoudun.

Gevolg? Een sterke vriendschap. Die er zelfs in resulteerde dat Leonor beloofde dat na haar dood haar hele salon mocht verhuizen richting Issoudun. Uiteindelijk is die dus terechtgekomen in de nieuwe vleugel van het museum daar. Waarin naast die salon van Leonor ook een hele zaal gewijd is aan Fred Deux en Cécile Reims. Mooi meegenomen, het museum is daardoor ook in het bezit gekomen van zo’n 600 etsen en gravures van Leonor Fini die deel uitmaakten van de verzameling ven het echtpaar. Maar dat alles kom je echt niet te weten aan de hand van die multiples van Leonor. Daarop staat echt alleen haar eigen ondertekening. Die ze zette nadat een hele oplage door Cécile in orde was gemaakt.

op het bordje bij deze ets in het museum stonden duidelijk de namen van zowel Cécile Reims als Leonor Fini vermeld

Eigenlijk had ik dat wel kunnen weten. Want ooit maakte ik eind jaren 90 mijn eerste professionele litho in het toen landelijk bekende steendrukatelier van Piet Clement in Amsterdam. Waarbij ík me met behulp van een assistent helemaal in eigen persoon met de steen bezighield. Terwijl Clement zelf toen in overleg met de bekende schilder Ger Lataster bezig was om voor die Lataster een steendruk te maken. Die deze later alleen nog maar hoefde te nummeren en signeren. Nee, niet mijn piece of cake!

Nog even terug naar Issoudun. Want in dat museum is ontzettend veel meer interessants te zien. Zoals wel blijkt uit deze video en nog wat foto’s.

de ziekenzaal van vroeger, nu als echte museumzaal in gebruik
een beeld van de heilige Catharina van Alexandrië, naamgeefster voor mijn eerste voornaam Catharina
prachtig eeuwenoud houtsnijwerk met de goed bewaard gebleven kleuren
links en recht de twee ongewoon goed bewaard gebleven onderdelen van de zogenaamde Boom van Jesse
detail
op de grond de vader van koning David uit wiens lichaam die boom groeit, misschien nog eens een ander verhaal

En mogelijk wordt die L’Arbre de Jessé, de Boom van Jesse in de laatste foto’s, nog eens een ander mooi verhaal. Zo’n ‘wat zouden we zijn zonder verhalen’. Tot volgende week.

TOOS

Geen ReisKunst-verhaal maar een verhaal over Kunst-op-Reis met nr.18 van KvhJ24


Beetje raar, die titel? Ongetwijfeld. Maar toch goed uit te leggen. Want vorige week donderdag verscheen hier nog een ReisKunst-verhaal over De Leergierige Chinese bij de Gaslamp. Maar op die donderdag was ik ook zelf op reis. Op weg naar de Côte d’Azur, naar Nice. In m’n Citroën Berlingo busje vol met kunst. Bedoeld voor twee verschillende maar wel aan elkaar gekoppelde exposities. Een dubbel-expositie zogezegd. In juni stipte ik die al eens aan. Net zoals in onderstaande advertentie die recent verscheen in de herfstnummers van twee Nederlandstalige magazines in de Provence.

Een dubbel-advertentie zogezegd. In het blad van de ANM (Association Néerlandaise du Midi) en het blad van De Nederlandse Club Côte d’Azur. Met ook maar mooi in beide glossy magazines nog twee verschillende interviews.

artikel in het magazine van de ANM

Hoe dat allemaal in elkaar steekt? Vorig jaar ontstonden bij mij en Jean-Paul Aureglia, eigenaar van Galerie Quadrige/Maison d’édition La Diane Française, twee ideetjes.

Ideetje één: de koppeling van een expositie aan een over mij uit te geven boek in de serie ‘L’Art au Carré’. Een speciale serie kunstboeken, livres d’art (altijd oplage 110), met daarin altijd twee artikelen over de betreffende kunstenaar, ouderwets handmatig gezet en gedraaid op Jean-Paul’s pers. En ook altijd geïllustreerd met acht multiples. In mijn geval steendrukken, gecreëerd in het steendrukatelier van Hans van Dijck in Antwerpen.

in het steendrukatelier van Hans van Dijck werkend aan de steendrukken voor mijn L’Art au Carré

Ideetje twee: als aanvulling, parallel aan expositie en publicatie in de galerie, een tentoonstelling in mijn atelier/appartement in Nice. Zodat liefhebbers op twee plekken mijn kunstwerken konden komen bekijken. Spannend! Want zo’n thuisexpositie in Nice had ik nog nooit gedaan. Een nieuw kunstavontuur!

Nou, dat boek wordt juist vandaag 19 oktober, toevallig gelijktijdig met het verschijnen van dit blog, voor het eerst den volke getoond. Een blogverhaal waardig, dat boek, maar dat komt dus nog.

de aankondiging in het jaarlijks Le Journal van Quadrige

Net zoals het verhaal over mijn Porte Ouverte expositie, waarbij ik zaterdag 21 oktober de eerste bezoekers hoop te ontvangen in mijn eigenste Palais de Venise. Nou ja, in dat kleine stukje dan daarvan dat ik bezit. Een prachtig gebouw dat al sinds 1908 letterlijk staat te pronken in het stralende licht van de Cöte d’Azur. Maar dat sinds een paar jaar ook nog eens figuurlijk doet op de Werelderfgoedlijst van de Unesco.

Palais de Venise in de herfstzon

De afgelopen tijd moest er dus flink worden ingericht. Door Jean-Paul in zijn galerie, waar ik de voor hem bedoelde portie aan schilderijen een aantal dagen geleden al afleverde. En door levensgezel en mij natuurlijk in Palais de Venise.

hal van het Palais de Venise
levensgezel en ik bezig met inrichten in mijn atelier/appartement
de etalage van de galerie is in ieder geval al in orde

Dus tussendoor even genieten van de Niçoise zon op een terras hier om de hoek op de Place Charles de Gaulle kon absoluut geen kwaad.

Dat genieten hadden we overigens onderweg van Middelburg naar Nice ook al wel gedaan. Met een tweenachts verblijf in een oude stad. Waar men volgens al zeer oude muzikale overlevering blijkbaar graag danst op een deels verdwenen brug en waar zich ook het grootste gotische gebouw uit de middeleeuwen bevindt. Maar dat wordt een ander verhaal.

ik denk dat er wel achter is te komen waar dit is

Oh ja, en dan nog dat ‘nr.18 van KvhJ24’. Simple comme bonjour, om in Franse sferen te blijven.

1 Juli: de 90 genomineerden voor de verkiezing van Kunstenaar van het Jaar 2024 worden bekend gemaakt. Met ook mijn naam opnieuw daarbij. Daarna mocht het publiek via internet uitmaken welke 20 daarvan zouden overblijven.

15 September: ik krijg een mailtje dat ik bij die 20 ben verkozen. Maar waar ik uiteindelijk zou eindigen? Dat ging het ongeveer 100 man en vrouw sterke kunstpanel bepalen dat in de tussentijd ook nog 5 wildcards had toegevoegd. Uit die 25 namen gingen ze de laatste 8 uit de hogehoed toveren.

1 Oktober: die 8 kunstenaars voor de slotronde worden bekend gemaakt en de keuzevolgorde van de rest. Mij hadden ze, na plek 24 vorig jaar, nu plek 18 toebedeeld. Een positie waar ik heel blij mee ben. Sowieso de eerste Zeeuwse kunstenaar op de lijst en ook nog eens diverse zeer bekende en wereldwijd gerenommeerde kunstenaars na mij. Niet slecht, zogezegd!

Hierbij dan ook mijn grote dank aan iedereen die op me heeft gestemd en daarmee dit mooie resultaat heeft mogelijk gemaakt. Tot volgende week.

TOOS

Kunststad Middelburg en Pakhuis Holstein bruisen weer


voorkant brochure 2023

Gratis reclame, wie wil dat niet! Dit wordt dus geen zogenaamde advertorial, geen gesponsorde advertentie.  Maar wel helemaal gratis en voor niks reclame voor mijn prachtige oude stad Middelburg. Á titre personel, op persoonlijke titel. Want laten we wel wezen, wie voor ’t eerst in Middelburg rondloopt staat altijd verbaasd over de eeuwenoude grandeur. En welke stad in Nederland heeft een kunstroute die 11x per jaar plaatsvindt, al vele jaren lang? De Kunst & Cultuurroute Middelburg (klik maar op de link) die op 4/5 februari weer los gaat van 1-5 uur. Voor steden met ook zo’n route heb je echt de vijf vingers van één hand niet nodig.

Bellinkstraat met vlaggen van de routedeelnemers, op de achtergrond mijn pakhuis/atelier
kaart met routedeelnemers, af te drukken op de website en bij alle deelnemers verkrijgbaar

Maar ja, wat wil je! In de 17e eeuw na Amsterdam de belangrijkste stad voor de VOC. Met Jacob van Geel  en de broers Johannes en Abraham Bosschaert als belangrijke exponenten in de Gouden Eeuwse kunst. Met de beroemde kunstenaarsfamilie Koekoek die er in de 19e eeuw een nest had. Met door die lange historie een cultuurklimaat dat nog steeds trekt. Voorbeelden?

ingang van het Zeeuws Museum
nog eens die ingang en een deel van het Abdijplein
oude stadhuis van Middelburg met links de ingang van de Vleeshal

Ons eeuwen aan kunst bestrijkende Zeeuws Museum op het Abdijplein, één van de mooiste pleinen van Nederland. De internationaal bekende Vleeshal, centrum voor hedendaagse kunst. Te vinden in dat indrukwekkende 15e eeuwse gotische stadhuis aan de Markt. En natuurlijk de vele kunstenaars die er vandaag de dag hun plekkie hebben. Zoals ik. Met mijn 18e eeuwse pakhuis aan de Korendijk 56. Een rijksmonument dat ik, helemaal officieel met toestemming van alle bevoegde hotemetoten, ‘Holstein’ heb mogen noemen. Maar dat is een ander verhaal.  Het pand dus waarvan ik komende zaterdag en zondag 4/5 februari de atelierdeuren weer wijd open zet. Nou ja, wijd open? Figuurlijk gesproken dan. Energieprijzen, weet je wel!

wees welkom aan de Korendijk 56

Dat doe ik nu al voor het 22ste jaar. De kunstroute zelf voor de 24ste keer. Hé, 24? Dus volgend jaar? Inderdaad, goed gerekend, dat wordt een jubileumjaar! Met vanzelfsprekend een toekomstig blogverhaal. Maar terug naar nu.

Die eerste keer weer open in een nieuw jaar betekent drie dingen. Eerste ding: natuurlijk een officiële opening. Dit keer in die Vleeshal op zaterdagmorgen half elf al. We moeten natuurlijk wel op tijd terug zijn voor onze eigen ‘openstaande’ deuren. Tweede ding: bij die eerste keer in een nieuw kunstroutejaar gooien we er altijd gelijk maar een heel weekend tegenaan. In plaats van alleen die 1ste zondag van de maand in de rest van het jaar. Derde ding: Zeeuwse Gasten. As ’t effe kan nodigen we  in februari vakgenoten uit als exposerende gast in onze ateliers. Zeeuws, niet-Zeeuws, niet belangrijk, als ze maar zelf aanwezig zijn. Ik zocht ’t dit keer zelfs buiten onze landsgrenzen. Maar dan wel zonder aanwezigheid. Hoe dat zit?

Dat zit in de foto’s hierboven. Gemaakt in het steendrukatelier Multipels/Multiples van Hans Van Dijck in Antwerpen waar ik in januari zelf een soort Zeeuwse Gast was. Druk bezig met mijn Franse Carré-Project waarover ik hier al schreef . Teveel tijd en energie slurpend om een lijfelijk en met kunst aanwezige Zeeuwse Gast te regelen. Maar dan gaat ’t als bij Marten Toonder’s onsterfelijke stripkarakter Heer Bommel en zijn even onsterfelijke hulpkreet ‘Tom Poes, verzin een list’ aan zijn net zo onsterfelijke trouwe helper in nood. Alleen speelde ik nu beide rollen zelf. Ik had toch voor een ander project met mijn galerie Quadrige in Nice samengewerkt met meerdere kunstenaars? Het illustreren met multiples in beperkte oplage van de Ilias en de Odyssee van Homerus? Ook al zo’n onsterfelijk figuur? Eureka! Waarom zou ik die multiples van mijn Franse, Duitse, Italiaanse en Deense kunstbroeders  niet eens showen? Zo gedacht, zo uitgevoerd.

in mijn atelier te bezichtigen werk van kunstbroeders met wie ik samenwerk, hier van de Fransman PASO
van Duitser Eric Massholder
van Deen Jo Möller

Dus was ik de afgelopen dagen druk bezig mijn atelier weer eens uit en op te ruimen. Om het na twee maanden van langzaam ontstane georganiseerde chaos weer in te richten voor mijn openingsshow bij onze onvolprezen kunstroute.

de situatie vooraf
bezig met inrichten voor de Kunst & Cultuurroute Middelburg

Kom kijken. En maak ook een keus uit die meer dan dertig andere deelnemers van de route. Want natuurlijk teveel om allemaal in een keer te bezoeken. Maar loop dan gewoon delen van de route, ervaar op die afwijkende manier de historische grandeur van Middelburg, treedt binnen in oude panden waar dat anders niet mogelijk is, kom op nog zo’n 1ste zondag van de maand terug voor de rest en raak verliefd op Middelburg. Tot komend weekend. En voor dit blog, tot volgende week.

TOOS

Hoe in Nice een Carré, een Vierkant, net geen echt Vierkant is


in het midden, boven de heg, mijn atelier/appartement in het Palais Venise in Nice

Laatst vroeg iemand aan me “Toos, als je, zoals laatst, voor een flinke tijd in Nice zit, wat doe je daar dan allemaal”. Nou, vooral de accu met het opschrift ‘Creativiteit’ opladen door een beetje heremiet te spelen en daarbij heel veel ruizige ballast uit mijn hoofd te verwijderen. Gewoon mijn hoofd leeg maken, maar ook weer vullen met nieuwe ideeën. Met ter afwisseling van het kluizenaarsbestaan wel voedsel inslaan op de markt voor mijn deur en van tijd tot tijd uit eten te gaan met Franse en Nederlandse vrienden. ’t Is ten slotte wel Zuid-Frankrijk, hè! Dit keer liep er echter ook nog een speciale rode draad door het geheel. Overigens geen ronde maar een vierkante. En het begin van die draad ontstond in 2021 bij het samenzijn op onderstaande foto.

in Galerie Quadrige, Nice

Een samenzijn  met mijn galerist Jean-Paul Aureglia van Galerie Quadrige. Met allicht een drankje en een hapje. ’t Is wel Zuid-Frankrijk, hè! Jean-Paul publiceert naast veel magnifieke livres d’art ook een serie met de naam ‘L’art au carré‘. Kunstboeken in zeer beperkte oplage, gewijd aan maar één kunstenaar. Die speciaal voor zo’n Carré zowel originelen als multiples maakt, kunstwerken in kleine oplage. Zoals bijvoorbeeld steendrukken of etsen. Met daarnaast in dat Carré ook nog twee aparte beschouwingen van kunstcritici  over de kunstenaar.

achterin de galerie waar Jean-Paul met de hand de teksten zet van zijn uitgaven en die drukt op zijn handpers

Al pratend, drinkend en etend met elkaar kwam het idee naar voren om samen ook zo’n ‘L’art au carré‘ over mij te maken. Met daarin 8 steendrukken. Nou, dat leek me wel wat. Maar, zo waarschuwde Jean-Paul, ’t was wel een heel proces, hoor! Met ook veel overleg. Want wel Zuid-Frankrijk, hè!Een gezamenlijk project dus waarbij ik eerst een flink aantal voorbeeldschetsen moest maken waaruit hij dan voor het boek kon kiezen. Nou, Jean-Paul, pas de problème. En vertel me ook maar snel wanneer in 2023 de bijbehorende expositie plaatsvindt.

blad met schetsideetjes

Zo maakte ik eerst, in Middelburg nog, een aantal bladen met daarop allemaal vierkante schetsjes als ideetjes. Bovenstaand blad is daarvan een voorbeeld. Zo’n Carré heeft trouwens wel afmetingen van 25 bij 28 cm. Zodat de steendrukken en originelen ook die grootte moeten hebben. Dus echt vierkant, echt carré? Natuurlijk niet. Maar ja, ’t is natuurlijk wel Zuid-Frankrijk, hè!

screenshot van de Carré-pagina op de website van galerie Quadrige

Die schetsbladen gingen afgelopen oktober mee naar Nice. Waarbij ik heel nieuwsgierig was naar de voorkeuren van JP. Van te voren had levensgezel natuurlijk ook al zijn voorkeuren aangewezen. En wat bleek, heel frappant, JP was ‘t, zonder dat te weten, op één na helemaal met hem eens.

Die acht van JP ben ik in Nice dus, als originelen en voorbeelden voor de steendrukken, verder gaan uitwerken op het juiste net-niet-carré formaat. Met nog een aantal originelen erbij. Binnen de formule van het Carré dienen dat er namelijk 15 te zijn. Ziedaar dus die rode vierkante draad waarover ik hierboven schreef. Waarbij dan ook gelijk weer levensgezel in beeld komt.

Want die blijft bij zo’n langer verblijf van mij in Nice wel helemaal alleen zielig in z’n uppie in Nederland achter. Daarom stuur ik hem ter troost af en toe per post een kaartje. Geen gewoon ansichtkaartje natuurlijk. Nee, een echte originele tekening/aquarel van ansichtformaat. Hij bezit er al een hele verzameling van. Die gewoonte kon ik nu mooi gebruiken om te spelen met mijn ideeën voordat ik ze als onechte carré aan echt goed handgeschept papier toevertrouwde. Want reken maar dat in alle verkrijgbare soorten papier een gigantisch kwaliteitsverschil zit. Hier een voorbeeldje aan levensgezel.

kaartje zoals ik die wel aan levensgezel stuur over de post

En hier wat ik uiteindelijk als origineel creëerde voor JP.

het uiteindelijke origineel op Carré-formaat

Kun je je voorstellen dat ik heerlijk bezig ben geweest in Nice met al die tekeningen? Maar in de tussentijd was ik natuurlijk ook al bezig geweest om afspraken te maken met Hans Van Dijck, mijn steendrukker in Antwerpen (lees deze aflevering er nog maar eens op na). Vlak voor Sinterklaas heb ik in zijn atelier op een grote steen de eerste aanzet kunnen maken voor vier van de acht litho’s.

begin december bezig op de steen met de opzet voor 4 steendrukken die in één keer worden gedrukt en daarna uitgesneden

De eerste aanzet! Dus dit verhaal rond dat net niet vierkante Carré is nog lang niet rond. Oh ja, en die expositie rond mijn Carré staat gepland van 19 oktober tot 18 november 2023. Wel in Zuid-Frankrijk natuurlijk! Maar ongetwijfeld ook met een vervolg in Nederland. Tot volgende week.

TOOS

Een Toosiaanse Odyssee


aan het werk in mijn atelier in Nice

Al ruime tijd geleden had ik mijn galerist in Nice, Jean-Paul Aureglia, een belofte gedaan. Een Odysseese belofte zogezegd. Ik ging op zijn verzoek voor zijn uitgave van de Odyssee twee volstrekt unieke exemplaren maken. Niet meer, niet minder, gewoon twee, maar dan wel  de twee enige op deze hele wereld!Met alleen originele en gesigneerde tekeningen en mixed-media werken. Minimaal 24 per exemplaar. Want dat is het aantal delen in dichtvorm waarmee Homerus de beroemde avonturen van zijn Griekse held Odysseus heeft verwoord. Ik strooi er hier zo wat van die tekeningen tussendoor.

Voor zo’n klus moet je echt wel gaan zitten, dat gaat niet even tussen neus en lippen door. Reden om mij in maart en april af te zonderde in mijn atelier in Nice. Even geen Nederlandse kunstruis om mijn hoofd, maar de rust om ongestoord en geconcentreerd te kunnen werken.

Eerst nog kort het volgende. Dat ik multiples heb gemaakt voor Jean-Paul’s met de hand gezette en gedraaide livre d’art van de Odyssee (oplage 140) is wel meer ter sprake gekomen. Maar die bijdrage bestond uit ‘slechts’ vijf steendrukken bij de delen 10 tot en met 14. Nu ging ik dus het totale epos te lijf. Niet echt volstrekt nieuw trouwens want ik had zoiets al eens eerder gedaan. Bij de Ilias namelijk. Dat andere mythische verhaal van Homerus over de strijd van de Grieken tegen de Trojanen. Ook daarvan bestaan er op deze wereld twee unieke exemplaren, vol met aquarellen van mij.

twee boeken dus elke keer een tweetal werken die op elkaar lijken maar in detail verschillen zoals uit de volgende foto’s ook wel blijkt

Nu was dus Odysseus aan de beurt. In de Ilias speelt hij al een kleine maar wel beslissende rol als bedenker van de list met het Paard van Troje. Daardoor valt de stad uiteindelijk na jaren strijd in handen van de Grieken. Maar dan krijgt Odysseus alle ruimte van Homerus om zijn eigen avonturen te beleven. En dat allemaal als speelbal van de goden. Met zeegod Poseidon die hem om allerlei redenen dwars zit, met godin Athena als zijn beschermengel  en met oppergod Zeus die ’t allemaal op z’n gemakkie aankijkt.

Eerst houdt de verliefde Kalypso, dochter van Atlas, hem een aantal jaren gevangen. Daarna steekt hij de levensgevaarlijke cycloop Polyphemus, zoon van Poseidon, zijn enige oog uit, verkeert hij een aantal jaren bij tovenares Kirke, bezoekt de Griekse onderwereld en weerstaat het dodelijk verleidende gezang van de Sirenen terwijl tussendoor zijn hele scheepsbemanning verdrinkt, wordt opgegeten of gedood. Dat alles terwijl op thuiseiland Ithaka zijn vrouw Penelope zich een groep opdringerige vrijers van het lijf houdt die haar allemaal wel willen trouwen. Maar zij blijft hem trouw. Dat hij intussen amoureuze  avonturen beleeft met Kalypso en Kirke? Ach, wie maalt daar om! Zo is dat nu eenmaal met mannen. Voor mij nam onze held eigenlijk steeds meer de vorm aan van vooral charmeur en charlatan. Dat ie dan bij zijn uiteindelijke thuiskomst na vele jaren nog even al die vrijers in de pan hakt om samen met Penelope oud te worden is voor het verhaal natuurlijk mooi meegenomen.

Maar voor Jean-Paul was dat nog niet genoeg. Want tijdens zijn bezoek aan de onderwereld voorspelt de blinde ziener Tiresias aan Odysseus dat hij ook volkeren zal ontmoeten die nog nooit de zee hebben gezien. Dat echter komt in de ons bekende Odyssee niet meer voor. Dus heeft Jean-Paul daarover nog vier ‘chants‘, helemaal in de vereiste stijl, bij laten maken door Homerus-kenner Jean-Louis Augé. Conservator van het Musée Goya in Castres, een museum waar ik ook nog wel eens heb geëxposeerd. Maar dat is natuurlijk weer een ander verhaal.

Zo heb ik uiteindelijk 28 chants elk tweemaal geïllustreerd met in totaal 64 werken. Wat je noemt een echte kunstklus. Die liggen nu allemaal in Nice en worden door Jean-Paul op de juiste plaats los ingeschoven in de twee klaar liggende boeken. Eén gaat er bij hem in de verkoop, één is voor mij. Dat exemplaar komt dus straks naar Middelburg. Of zal ik ’t maar gaan ophalen? Want een reisje naar dat Parijs in het klein op z’n Italiaans kun je moeilijk een straf noemen. Ik zie wel. Tot volgende week.

TOOS

Dante en Homerus te gast bij TOOS als Middelburg op 6 mei Boekenstad is


affiche van dit jaar

Eens per jaar op de eerste zondag in mei is Middelburg een echte Boekenstad. Vanuit verre streken, zelfs uit Vlaanderen, komen zo’n 130 handelaren in allerlei soorten en maten naar de Markt. Daar waar zich ook al heel lang één van de mooiste en grootste boekhandels van Nederland bevindt. De Drukkerij. Nog nooit bezocht? Dan mis je wat. ’t Is maar dat je ’t weet! Maar dat terzijde.

Zelf voeg ik ook het nodige toe. Maar dan wel in mijn atelier aan de Korendijk. Met als gasten onder anderen de Griek Homerus, de Italiaan Dante Alighieri, de goden uit de IJslandse Edda en heiligen als Sint Nicolaas en Catharina van Alexandrië? Best een interessant gezelschap, nietwaar?

embleem van de kunstroute

Die boekenmarkt is een spin-off van onze maandelijkse Kunst en Cultuurroute in Middelburg. Ooit een thema, dat uiteindelijk zoveel succes had dat de organisatie ervan na een aantal jaren op eigen benen kon staan. Maar die boeken zitten natuurlijk nog wel steeds in de genen van de kunstroute. Vandaar dat een aantal ateliers en galerieën zich zondag 6 mei ook werpt op het boek. Maar vanzelfsprekend wel kunstzinnig. Kijk maar op de website https://www.kunstroutemiddelburg.nl/.

Daar zul je dus ook mijn atelier aantreffen. Want naast schilderijen heb ik ook wel een en ander in huis op boeken in combinatie met kunst. Van de oude Grieken via de middeleeuwen tot aan vandaag de dag. En dat allemaal dankzij mijn Galerie Quadrige in Nice. Eigenaar Jean-Paul Aureglia blies er nieuw leven in uitgeverij La Diane Française die ooit al samenwerkte met nu dooie maar nog steeds beroemde kunstenaars als Salvador Dali, Leonor Fini en André Masson.

Hij stelde zich als levensdoel om naast nieuwe teksten ook eeuwenoude literaire pijlers onder onze hedendaagse Westerse beschaving uit te geven.  In de vorm van het livre d’art. Een in la douce France veel meer dan in Nederland voorkomend soort kunstboek. Uitgaven in zeer beperkte oplage, geïllustreerd met multiples. Originele kunstwerken zoals etsen, houtsneden, gravures, steendrukken en zeefdrukken. Allemaal losliggend en daardoor met het handje uitneembaar.

mijn ‘verzamelde werken’ in de boekenvitrine in mijn atelier

Bij dat levensdoel van Jean-Paul ben ik als kunstenaar nu al een flink aantal jaren betrokken. En daardoor kan ik dus mooi meespelen met Middelburg Boekenstad. Met zeefdrukken bij hoofdstukken uit de 14de eeuwse Divina Commedia van Dante. Met steendrukken bij de duizenden jaren oude verzen in de Ilias en Odyssee van bard Homerus. Met steendrukken bij de ook al heel oude Scandinavische sagen en legenden uit de Edda. Ooit in de 12de eeuw opgetekend in IJsland. En met steendrukken bij een paar heiligenlevens uit de Legenda Aurea.

zeefdruk bij de Divina Commedia

een steendruk bij de Edda

De Legenda Aurea? Ja! Een boek dat in Nederland niet zo bekend is, maar in de middeleeuwen het meest gelezen boek was na de Bijbel. Met uitgebreide levensbeschrijvingen van het gigantische aantal heiligen dat de Roomse Kerk in de loop der eeuwen had verzameld. Zoals onze eigenste Sint Nicolaas. Toen nog zonder zijn Piet. Verwacht in mijn afbeeldingen dus geen zwarte of in wat voor kleur dan ook geveegde of gestreepte helpers van hem.

Ook Santa Catharina, die zorgde voor mijn eerste voornaam, heb ik kunstzinnig onder handen genomen. Maar dan wel die van Alexandrië. Want het Toscaanse Siena heeft ook een 14de eeuwse heilige van die naam. Eveneens heel sterk vereerd, maar mij een te kwezelachtig typje. Nee, dan mijn naamgenoot Catharina van Alexandrië van rond het jaar 300!

een steendruk bij de levensbeschrijving van Sainte Catharina d’ Alexandria

Een zeer wijze, onafhankelijke, standvastige en gelovige vrouw die met haar heldere verstand zelfs mannen wist te overtuigen. Ga er maar aan staan! Maar ja, ze moest ’t wel met de marteldood bekopen. Volgens de legende dan natuurlijk. Kijk, dat zijn vrouwen die me inspiratie opleveren.

Benieuwd? Kom dan 6 mei naar de Korendijk 56. Daar krijg je niet alleen uitleg over die prachtige steendrukkunst maar kun je ook de bijbehorende livres d’art bekijken. Allemaal nog ouderwets met losse loden lettertjes met de hand gezet door Jean-Paul en pagina voor pagina op de handpers gedraaid. Wel in de Franse taal. Maar zoals gezegd, alle apart genummerde en gesigneerde bijbehorende multiples liggen er los in. En is kunst niet een soort universele taal? Tot volgende week.

bezig in het atelier van meestersteendrukker Rudolf Broulim bij Antwerpen

TOOS

De logische lijn van middeleeuwer Dante naar Cobrakunstenaar Alechinsky en komiek John Cleese


Kom ik er in het Franse Chamalières achter dat werk van mij nog nooit zo dicht in de buurt heeft gehangen van de wereldberoemde kunstkanonnen Chagall, Miró, Calder en Braque als juist daar.

in Chamalières

Chamalières? Jazeker! Want als je dan toch met de auto naar Nice en omstreken moet om kunstige zaken te vervoeren, kun je best een omweggetje van een paar honderd kilometer maken naar die plaats. Levensgezel, die zich altijd met liefde opwerpt als privéchauffeur, draait daar zijn hand niet voor om. Oh, waar dat Chamalières ligt? Nou, vlak tegen Clermont-Ferrand aan. En waarom dan die omweg? Wist je dan niet dat daar elke drie jaar Le Triennale Mondiale de l’Estampe et de la Gravure wordt georganiseerd? Een triënnale dus waar de druk van kunst centraal staat. Kunst in gelimiteerde oplage zoals bij steendrukken, zeefdrukken, gravures, etsen, houtsneden. Multiples in het Engels.

Dit jaar vindt de tiende editie plaats. Een kolfje naar de hand van Jean-Paul Aureglia, mijn galeriehouder uit Nice. Hij specialiseert zich ten slotte al een aantal jaren in het uitgeven van het livre d’art. Literaire teksten in kleine oplage, rijk geïllustreerd met speciaal daarvoor gemaakte multiples. Ik heb daaraan al regelmatig meegedaan met steendrukken. Maar voor de middeleeuwse Divina Commedia van Dante Aleghieri heb ik me aan de zeefdrukken gewaagd.

enkele van mijn zeefdrukken voor de Divina Commedia

En laat Jean-Paul nu net een hele zaal te hebben gekregen om het werk van alle aan dat Dante-project meewerkende kunstenaars tentoon te stellen! Ik was uitgenodigd voor de opening in september maar dat kwam toen niet echt uit. Even een dagje op en neer naar Clermont-Ferrand? Mwah! Vandaar die omweg met de auto nu. En vandaar die beginzin. Want ook Chagall, Miró, Calder en Braque hebben steen en zeefdrukken gemaakt. Miró zelfs hele grote. En daarvoor hoefde ik alleen maar even vanuit ‘onze’ zaal van Dante door te steken naar die van hun. Eigenlijk best een lekker gevoel!

deel van de expositie over de Divina Commedia

bij mijn eigen werk

in de volgende zaal bij Miró

Er was overigens nog heel veel meer. Teveel om in onze paar geplande Chamalières-dagen te kunnen aflopen en rijden. Ga er maar aan staan, zo’n 30 expolocaties verspreid over de regio. Met een veelvoud daarvan aan kunstenaars vanuit alle werelddelen die een grote verscheidenheid aan interessante en natuurlijk ook minder interessante kunst toonden.  En met een prachtig uitgevoerde, dikke catalogus die ik als meewerkend en vanzelfsprekend ook vermeld kunstenaar zomaar daar ter plaatse cadeau kreeg van de organisatie.

de catalogus met een aantal pagina’s gewijd aan Dante en galerie Quadrige uit Nice

gevel van Centre de la Gravure

Maar hoe kom ik nu van Dante naar Alechinsky? Heel simpel. Omdat zich in het Waalse La Louvière, dicht bij Charleroi, het ‘Centre de la Gravure et de l’Image imprimée’ bevindt. Ook al weer grafiek en gedrukte afbeelding dus. Daar was ik nog nooit geweest en ’t lag kunstig mooi in het verlengde van de triënnale. Dus nog een ommetje van een paar honderd kilometer? Pas de problème! Weet je wel, die zich niet omdraaiende hand van levensgezel? ’t Is ook weer eens wat anders, Nice-Middelburg via La Louvière. Echt zo’n wat morsige, weggezonken Waalse industriestad van ooit betere tijden. Maar dat museum bleek een mooie verrassing. Wat anoniem weggestopt achter een weinig interessante gevel bevond zich een geweldig kunstcentrum.

Wat ik al wel van te voren wist, was dat de Belgische Pierre Alechinsky er een grote overzichtstentoonstelling had. Voor mij vormt hij samen met Nederlander Constant Nieuwenhuijs de top van de Cobra-groep die eind jaren 40 van de vorige eeuw werd opgericht. Natuurlijk, de namen van Appel en Corneille duiken meestal gelijk op bij die naam Cobra. Maar geef mij maar Alechinsky, Constant en ook Lucebert .

één van de drie zalen met werk van Alechinsky

Hoewel Alechinsky, met z’n nu 90 vitale levensjaren een van de weinige nog levende Cobra-kunstenaars, heel anders werkt dan ik, spreken zijn tekeningen en schilderijen mij al jaren sterk aan. Nog sterker nu ik drie zalen vol met zijn originelen en zijn grafisch werk heb gezien. Heel intrigerend bijvoorbeeld zoals hij oude landkaarten gebruikt om er voorstellingen op te maken.

oude kaart van Europa met Alechinsky’s interpretatie van de dreiging vanuit Rusland

fragment van een tekening op een oude kaart

Ik ontdekte er zelfs één van Yemen met de havenstad Aden. Waardoor ik ineens moest denken aan die vrijwel verlaten, gigantisch grote restaurantzaal daar waar ik jaren geleden de volmaakte plaatsvervanger van Manuel meemaakte. Je weet wel, die door en door stuntelige ober uit de hilarische tv-serie Fawlty Towers met John Cleese als chaotische hotelmanager. Deze Yemenitische Manuel maakte ’t zelfs nog een graadje erger. Om nooit te vergeten. Maar dat is weer een heel ander verhaal.

Aden op een oude kaart van Yemen, fragment

Ik realiseerde me daar in La Louvière ook  ineens dat de opzet van mijn zeefdrukken voor de Divina Commedia (hierboven) en de opzet van een aantal van Alechynski’s schilderijen wel wat van elkaar weg hadden. Echt heel frappant!

Toch mooi om via een paar ommetjes, nou ja, eigenlijk meer ommen, een kunstcirkel vanuit Nederland via Chamalières, Nice en La Louvière op verschillende manieren grafisch rond te maken. Of klinkt dat erg ingewikkeld en onlogisch? Tot volgende week.

TOOS

TOOS op stap met Dante in zijn Divina Commedia


Dante1 In de kunst beweeg  ik mij nogal eens op onverwacht kronkelige paden waarvan het eind soms  plots weer blijkt aan te sluiten op het begin. Een soort cirkel dus, maar op z’n Toosiaans verre van rond. Ik kwam op dit beeld door de opening afgelopen week van een expositie met o.a. werk van mij in het Italiaans Consulaat in Nice. Maar dit soort vaagpraat verdient natuurlijk verduidelijking.

Alweer een aantal jaren geleden zette Jean Paul Aureglia, eigenaar van Galerie Qvadrige in Nice, mij op de weg van Italiaanse middeleeuwer Dante Alighieri. Daardoor zwierf ik met Dante in zijn Divina Commedia achtereenvolgens door Hel, Voorgeborchte en   Dante2Hemel.  Niet letterlijk natuurlijk, maar wel geestelijk.  Dat 13de eeuwse meesterwerk kende ik vanzelfsprekend al uit de kunstgeschiedenis. Maar Jean Paul wilde mij er kunstwerken bij laten maken. Voor een nieuwe uitgave, een livre d’art in zeer gelimiteerde oplage, geïllustreerd door een beperkt aantal kunstenaars. Later heb ik dat vaker gedaan, bij andere beroemde literaire werken uit het verleden. Maar voor alles in het leven is er een eerste keer. Zo ook hier. Dus verdiepte ik mij meer dan ik ooit gedaan had in die Goddelijke Komedie. Het eerste resultaat bestond uit vier zeefdrukken. Gemaakt in een atelier in de binnenlanden achter Nice. Zeefdrukken vol met symboliek. Bekijk de bijgevoegde foto’s maar eens. Die symboliek ga ik hier nu verder niet uitleggen. Want dan wordt dit stukje een stuk, een héééél lang stuk. Maar dat kronkelpad, hoe zit dat nou eigenlijk?

Allereerst gaf Dante mij voor die zeefdrukken veel  inspiratie. Maar een schilderijententoonstelling in Nice, daar waar het begon, kon natuurlijk niet uitblijven. Verder speelde hij een rol in mijn expositie “De Mens op Weg” in 2004 in de Martinikerk in Franeker en voor “Men on his Way” in 2006 in hartje Londen. Er kwam een speciale tentoonstelling  in het prachtige Musée Goya in Castres (Frankrijk) met alle kunstillustraties van alle kunstenaars die meewerkten aan dat project rond de Divina Commedia. Illustraties die zich nu trouwens ook in de grote bibliotheek van Alexandrië in Egypte bevinden.

Dante3

En afgelopen week is dus die tentoonstelling uit het Musée Goya als een soort reizend kunstcircus neergestreken in het Italiaanse Consulaat in Nice.  Met natuurlijk alle bijbehorende openingsplechtigheden. En met Dante dus weer terug in Nice! Maar dan heb ik Nibbixwoud in Noord-Holland nog niet genoemd. Nibbixwoud? Ja, dat gaat deze zomer voor mij nog een Dante-rol spelen. Terwijl hij ook nog sporen zal nalaten bij mijn grote solo “Helden” in Franeker.

Dante4

Dante5 Nice, Franeker, Londen, Castres, Alexandrië, Nibbixwoud, Nice. Zeg maar eens dat dit geen kronkelpad is! Tot volgende week.

TOOS

www.toosvanholstein.nl

www.toos.biz

YouTube  http://bit.ly/ij4Pag