mannen

Tiny, de hysterische bitch

(Oei ik heb weeral een tijd niet geschreven… maar ik had nog wat concepten staan. Dit schreef ik al in 2022 maar het is nog steeds zo herkenbaar want heel af en toe gebeurt zoiets nog.)

—————————————————

Na mijn drie weken yoga-opleiding in Tenerife voelde ik me super rustig, kalm, minder gestresseerd, en een beetje als een eend: alles gleed van me af. Waar ik normaal gesproken de muren van zou oplopen, kon me weinig schelen, want ach, het leven is te kort om van kleine pietluttigheden grote drama’s te maken.

In groep leven had me zelfs deugd gedaan: ik kon de controle laten varen, want ik hoefde amper iets te regelen. Net zoals ik waren er nog organisatiebeestjes aanwezig, die het voortouw namen, die konden leiden zonder dictatoriaal te worden, die zorgden, die troosten,… Net zoals ik waren er nog die eerder hypergevoelig waren: die down werden als iemand anders aan het huilen was, die niet tegen veel door-elkaar-gepraat konden, die zich af en toe afzonderden, die het in de gaten hadden als iemand zich net even iets minder voelde, die gevoelig waren aan overtollige geluiden,…

Kortom, ik kwam thuis en ik was Tiny 2.0: de rustiger versie van mezelf. Aangenaam.

Tien dagen later, mijn lief en ik gaan slapen. Ik lees nog enkele bladzijden in mijn boek, hij doet nog een kruiswoordraadsel en tien minuten later gaat het licht uit en val ik quasi meteen in slaap.

Midden in die slaap word ik bruut gewekt door “Piederlewiep!”, het geluid van de gsm van mijn lief, een bericht. Hij beweegt niet, hoort het niet of doet alsof. Huh? Zijn telefoon staat normaal gezien ’s nachts toch op stil? Enfin, kan gebeuren – en ik val weer in slaap.

Kort daarna: “Piederlewiep!!”, nog een keer! Ik schiet wakker, geef hem een duw, vraag hem: “Awel???”, maar hij draait zich eens om en slaapt verder.

En geloof het of niet, maar ik val terug in slaap en inderdaad: er volgt nog een Piederlewiep! Ik brul wat luider: “Wat is dat toch? Wie stuurt jou midden in de nacht berichten? Waarom staat dat op luid? Wat is er aan de hand?” Hij mompelt iets onverstaanbaars en ik ben opgewonden, opgejaagd, opgedraaid en lig te draaien en te keren, wachtend op het volgende irritant geluidje. Dat niet meer komt. Maar ALS het was gekomen, dan vloog die gsm uit de kamer, en van de trap!

’s Morgens geef ik hem geduldig de kans om op te staan en te ontbijten, maar dan barst ik los: “Awel? Wat was dat allemaal vannacht? Waarom staat jouw telefoon op luid? Wie stuurt er nu midden in de nacht berichten? En dan nog zo vaak? Dat trekt er toch niet op? Ik lag net zo mooi te slapen! Ik kan daar niet tegen! Je moet daar respect voor hebben!”…

Waarop hij mompelde dat hij nog niet eens had gekeken wie er hem een bericht had gestuurd (het zou wel iets met de basket zijn, zoals gewoonlijk), dat hij het niet eens gehoord had, en dat hij de telefoon niet meer op stil zet, omdat de kinderen (die van 17 en 20 hé!) ’s nachts soms nog een bericht sturen en dat hij het dan wil horen. En dat ik me daar niet zo moet in opwinden.

TEN EERSTE: de kinderen zijn hier nu niet! TEN TWEEDE: ik moet dat allemaal niet weten, als we slapen, moeten we slapen! TEN DERDE: je had het niet eens gehoord, dus wat heeft het dan voor nut?? TEN VIERDE: als het nog eens gebeurt, gooi ik dat ding VAN DE TRAP!!!

Enfin, ’t was duidelijk ruzie. Hij ging gaan werken, zonder zoentje. Ik wou nog terug vriendjes worden, riep ik snel (want o wee, als hij nu tegen een boom rijdt, ik wil niet in ruzie eindigen!), maar hij wou geen vriendjes zijn met zo’n agressieve vrouw.

’s Avonds mompelde hij nog eventjes lief dat ik een hysterische bitch was en ik fluisterde: en jij een onrespectvolle zak, maar toen gaven we weer zoentjes en was het leed geleden.

Hebben jullie dat soms ook? Of word je daar niet wakker van?

Tiny en Barbie

Als klein meisje had ik een Barbie-verzameling: niet alleen de ‘stereotiepe’ blonde Barbie, maar ook haar kleine zusje Skipper, een bruine Barbie en natuurlijk ook een Ken en nog wat andere. Een hele verzameling kleren had ik ook en ik heb me er rot mee geamuseerd. Alleen, of samen met mijn vriendin maakte ik hele toneelstukjes, met een scenario en dialogen en al. Ik heb zelfs ooit een Barbie-paard gekregen en een Barbie-keuken maar met de poppen zelf speelde ik het meest. Ze zaten allemaal samen in zo’n hele grote Pamperdoos, die stond dan op de speelkamer boven.

Toen ik een jaar of veertien was en ik uit nostalgie nog eens naar mijn poppen wou kijken, bleek dat mijn vader heel de doos had meegegeven met de vuilniskar. Héél kwaad ben ik geweest. “Ja maar, daar speel je toch niet meer mee?“, zei hij. Mijn pa was Marie Kondo ver vooruit, vrees ik.

Gisteren was het hoogtepunt van de afgelopen weken. Ik méén dat hé, ik kom mijn huis bijna niet uit en zie amper mensen en kom tot rust. Maar ik keek wel uit naar die Barbiefilm, die heel anders ging zijn dan de getekende Barbiefilms van Mattel waar ik een hekel aan heb. En dan nog met Ryan Gosling, één van mijn lievelingsacteurs. Check Tiny en de mannen voor méér snoepjes. 😉

Zelfs in HUMO schreven ze de film al redelijk de hemel in , in tegenstelling tot die andere blockbuster “Oppenheimer” die blijkbaar vooral een lang betoog is en meer weg heeft van de inhoud van een Wikipedia-Pagina.

Samen met mijn leesclub-vriendinnetjes toog ik volledig in het rose naar Brugge, waar ik totaal niet opviel. Noem het maar de Pink Invasion in de Kinepolis want de uitzondering had geen rose outfit aan – zelfs enkele mannen met rose hemd of t-shirt.

De zaal zat bomvol, lang geleden dat ik nog eens in een volledig uitverkochte cinema zat! En hoe was het? Wel, de HUMO had gelijk, zeker drie en een halve ster waard. Ik heb zelfs een traantje weggepinkt na een ongelofelijke speech over wat vrouwen allemaal zouden moeten zijn, want HALLO, waarheid als een koe. Veel vrouwen met mij wilden volgens mij meteen rechtstaan en dat mens een staande ovatie geven. Ik heb nog eens een traan weggepinkt maar dan van het lachen, met een hele horde dansende Ken’s die zodanig “over the top” dansen dat het hilarisch was.

Heel veel zelfhumor ook van Mattel, ironisch en slimme interventies. Kortom, ik heb me geamuseerd, werd een beetje nostalgisch over het speelgoed op zich, maar de film zit écht goed in elkaar. Aanrader voor wie het aankan. 😉

Tiny’s muziek op reis

Een paar jaar geleden schreef ik al over herinneringen aan bestemmingen en landschappen en de muziek die ik dan daarbij hoor: Tiny en haar (reis)muziek.

Nu reed vooral mijn vriend naar de Dolomieten en terug en vroeg ik vaak: “Wat moet ik opleggen?” Dat woord opleggen dateert nog van de tijd waarin we een LP namen en hem op de draaitafel moesten leggen. Maar ’t was al gelijk, zei hij.

Na een paar podcasts (Relaas, Echt gebeurd, Thank you boomer,…) kwam ik bijna automatisch terecht op de Tijdloze Playlist, daar kun je weinig verkeerd mee doen. Veel rock, maar ook veel oude nummers, ideaal als afwisseling voor een afwisselend landschap.

We zeiden niet veel tijdens de autorit en dat hoeft ook niet. Genieten van het landschap, het stuur controleren en ondertussen je gedachten laten dwalen naar waar ze willen. De tijd vloog voorbij. En opnieuw realiseerde ik me, dat echt élk nummer samenhangt met ofwel een persoon, ofwel een gebeurtenis, of een plek in mijn leven. Maar heel vaak een persoon. Een paar voorbeelden:

Stairway to heaven, twee herinneringen.

Eventjes over de eerste: ik werkte als vrijwilliger op de lokale radio en we organiseerden een avond met live muziek. Er kwam een band optreden en er waren allerlei gastoptredens en mijn goeie vriend die ook meewerkte en muzikant was, overtuigde mij om zélf eens te zingen. Ik heb toen voor de eerste keer, zomaar, zonder repeteren, dit nummer gezongen met een live-band op de radio. Geen flauw idee hoe dat klonk, want ik heb het nooit meer terug gehoord. Ik vrees: niet zo goed. Achttien was ik, geloof ik.

Over de tweede herinnering bij dat nummer schreef ik al eens, bij Tiny’s nachtmerrie.

Troy van Sinead o’Connor.

Het was uit met mijn lief, al meer dan een half jaar. Ik was er nog een beetje verliefd op, maar het zou nooit meer goed komen. En op het onverwachte nodigde hij mij uit om samen op vakantie te gaan naar een Grieks eiland. Ik begreep er niks van, maar hij had absoluut geen bijbedoelingen, zei me zelfs meermaals dat ik zeker NIKS moest verwachten. En inderdaad, niks romantisch en hij had eigenlijk al een crash op een ander. In mijn hoofd had ik het idee om dit nummer voor hem te zingen, maar ik heb het nooit gedaan. “Do you love her? Is she good for you? Does she hold you like I do? Do you want me? Should I leave?…Oh, I love you God, I love you – I’d kill a dragon for you – I’ll die – But I will rise – And I will return – The Phoenix from the flame…” Ach, de passie, de machteloosheid, de kracht van dat nummer, jongens toch.

Cornflake girl van Tori Amos.

Het is niet moeilijk om liedjes te linken met mensen die je kende terwijl je in een radiostation werkte. Of wel? Er was ooit een conversatie in een brief, over dat ik een raisin girl was en geen cornflake girl – of was het net omgekeerd. Iets over niet passen tussen de gewone meisjes… Hé? Ikke? 😉 Van dit liedje kan ik linken naar nog wel tien andere nummers die allemaal met dezelfde persoon te maken hebben. Een hele playlist kan ik samen stellen. En néé, dat gaat totààl niet over eens een slow dansen op een bepaald liedje. Het was ingewikkeld. Mijn gedachten gingen tijdens de autorit met mij op de loop, van Brugge naar Knokke naar Zuid-Engeland langs de Dordogne. Ingewikkeld, quoi?

Ik kan nog een tijdje doorgaan, als muziekfreak. Wellicht hebben jullie dat ook wel, dat je bepaalde liedjes linkt aan een bepaalde persoon? En omgekeerd, mensen die mij een beetje kennen, hebben misschien een liedje waarbij ze aan mij denken?