radio

Tiny te gast in de Pod Op Podcast

Weet je nog dat ik ooit te gast was in de podcast van PS Grow en later ook bij Lieselotte, over vriendschap?

Peter van PS Grow gaf mijn naam door aan Karen en Matthijs van De Schakel, een therapie praktijk in Zonnebeke, zij gaan op zoek naar alternatieven voor de doorsnee therapie, kijken verder dan hun neus lang is en gaan op zoek naar mensen die op een andere manier zorg willen aanbieden of die bezig zijn met persoonlijke ontwikkeling op hun eigen domein. Karen maakt hierover al een tijdje een podcast: “De Pod Op”, je vindt die op de gebruikelijke podcast kanalen, of gewoon via hun website: https://depodop.be

Aan elke gast vraagt ze ook tegen wie of wat die eens “de pot op” wil zeggen.

Mijn verbazing was wel groot toen ik ook gevraagd werd om met haar een podcastaflevering op te nemen. Het gaat vooral over wat mij bezig houdt: bloggen, massage, meditatie… en over wie ik echt ben.

De moeite waard om eens te luisteren (niet alleen naar mij maar ook naar de andere afleveringen!).

Naar de aflevering met mij kun je ook luisteren via deze link als je Spotify hebt: De Pod op

of hier op ’t internet: De pod op

Ik erger me natuurlijk weer steendood aan mijn eigen stem, aan mijn vètte West-Vlaamse è’s, en aan mijn gesnuif en vele “eh…”‘s, maar hopelijk kun je het verdragen. Als je mijn blog al lang volgt, dan vertel ik wellicht niet veel dat je nog niet weet.

Tiny’s muziek op reis

Een paar jaar geleden schreef ik al over herinneringen aan bestemmingen en landschappen en de muziek die ik dan daarbij hoor: Tiny en haar (reis)muziek.

Nu reed vooral mijn vriend naar de Dolomieten en terug en vroeg ik vaak: “Wat moet ik opleggen?” Dat woord opleggen dateert nog van de tijd waarin we een LP namen en hem op de draaitafel moesten leggen. Maar ’t was al gelijk, zei hij.

Na een paar podcasts (Relaas, Echt gebeurd, Thank you boomer,…) kwam ik bijna automatisch terecht op de Tijdloze Playlist, daar kun je weinig verkeerd mee doen. Veel rock, maar ook veel oude nummers, ideaal als afwisseling voor een afwisselend landschap.

We zeiden niet veel tijdens de autorit en dat hoeft ook niet. Genieten van het landschap, het stuur controleren en ondertussen je gedachten laten dwalen naar waar ze willen. De tijd vloog voorbij. En opnieuw realiseerde ik me, dat echt élk nummer samenhangt met ofwel een persoon, ofwel een gebeurtenis, of een plek in mijn leven. Maar heel vaak een persoon. Een paar voorbeelden:

Stairway to heaven, twee herinneringen.

Eventjes over de eerste: ik werkte als vrijwilliger op de lokale radio en we organiseerden een avond met live muziek. Er kwam een band optreden en er waren allerlei gastoptredens en mijn goeie vriend die ook meewerkte en muzikant was, overtuigde mij om zélf eens te zingen. Ik heb toen voor de eerste keer, zomaar, zonder repeteren, dit nummer gezongen met een live-band op de radio. Geen flauw idee hoe dat klonk, want ik heb het nooit meer terug gehoord. Ik vrees: niet zo goed. Achttien was ik, geloof ik.

Over de tweede herinnering bij dat nummer schreef ik al eens, bij Tiny’s nachtmerrie.

Troy van Sinead o’Connor.

Het was uit met mijn lief, al meer dan een half jaar. Ik was er nog een beetje verliefd op, maar het zou nooit meer goed komen. En op het onverwachte nodigde hij mij uit om samen op vakantie te gaan naar een Grieks eiland. Ik begreep er niks van, maar hij had absoluut geen bijbedoelingen, zei me zelfs meermaals dat ik zeker NIKS moest verwachten. En inderdaad, niks romantisch en hij had eigenlijk al een crash op een ander. In mijn hoofd had ik het idee om dit nummer voor hem te zingen, maar ik heb het nooit gedaan. “Do you love her? Is she good for you? Does she hold you like I do? Do you want me? Should I leave?…Oh, I love you God, I love you – I’d kill a dragon for you – I’ll die – But I will rise – And I will return – The Phoenix from the flame…” Ach, de passie, de machteloosheid, de kracht van dat nummer, jongens toch.

Cornflake girl van Tori Amos.

Het is niet moeilijk om liedjes te linken met mensen die je kende terwijl je in een radiostation werkte. Of wel? Er was ooit een conversatie in een brief, over dat ik een raisin girl was en geen cornflake girl – of was het net omgekeerd. Iets over niet passen tussen de gewone meisjes… Hé? Ikke? 😉 Van dit liedje kan ik linken naar nog wel tien andere nummers die allemaal met dezelfde persoon te maken hebben. Een hele playlist kan ik samen stellen. En néé, dat gaat totààl niet over eens een slow dansen op een bepaald liedje. Het was ingewikkeld. Mijn gedachten gingen tijdens de autorit met mij op de loop, van Brugge naar Knokke naar Zuid-Engeland langs de Dordogne. Ingewikkeld, quoi?

Ik kan nog een tijdje doorgaan, als muziekfreak. Wellicht hebben jullie dat ook wel, dat je bepaalde liedjes linkt aan een bepaalde persoon? En omgekeerd, mensen die mij een beetje kennen, hebben misschien een liedje waarbij ze aan mij denken?

Tiny’s taalgevoel: Italiaans

Ik schrijf dit in volgorde van de talen die ik leerde: Nederlands, Frans, Engels, Duits,…

Ha, je dacht dat het gedaan was zeker, met die serie over taalgevoel. Je bent een taal-nerd of niet hé, we gaan door. Ergens in de jaren negentig woonde ik in de Ganzenstraat in Brugge en werd er door het wijkcomité taalles Italiaans georganiseerd quasi schuin tegenover mijn voordeur. Een half jaar lang zat ik dus op woensdagmiddag tussen de gepensioneerden, die vaak al een stuk méér konden van dat Italiaans dan ik. Maar omdat ik ooit twee jaar Latijn studeerde, was ik rap mee.

Op het einde van dat half jaar zijn we nog uit eten gegaan bij Trium, een Italiaans restaurantje in Brugge, vlakbij het Jan Van Eyckplein. Allemaal Italianen daar, die weinig Nederlands spreken en ook niet zo super vriendelijk zijn, maar kom. Daar oefenden wij in het echt ons Italiaans.

Waarom Italiaans? Tja, goh, euh, hmm. Je voelt me al komen zeker? Er hangt weer een knul aan vast, Tiny? Bwah, misschien.

Toch was ik al van begin jaren tachtig zot van het Italiaanse liedje Ti amo, van Umberto Tozzi. Blijkt dat het om een nummer gaat uit 1977:

Ik vond niet alleen de zanger erg mooi, maar ook de taal, de klank, de melodie,… en ik viel voor dat Italiaans.

Even doorspoelen naar 1983. In de zomer gingen mijn ouders, mijn vriendin en ik naar Hengelhoef. We liepen daar nog maar een dag rond of er liepen al twee jongens achter ons, die contact probeerden te zoeken. Nogal luidruchtig. Allebei waren ze stekezot van mijn vriendin (blond met blauwe ogen) en ik was zoals steeds de troostprijs. Want aan triootjes deden ze nog niet in de prille jaren tachtig, haha. Zij koos voor de ene, die van Turkse origine was, en wie er overschoot was… Mario. Denk aan een typische Italiaan, donkere krullen, schitterende lach, luid, verleidend,… ja, voilà, dat is hem. Was ik verliefd? Mwah, ik was gecharmeerd, daar zullen we het op houden. Af en toe klonk er een woordenstroom Italiaans tussen zijn Limburgs accent en wat was ik kwààd dat ik daar niks van begreep. Ik heb de laatste dag nog een zilveren ketting van hem gekregen met de woorden: “Jaa meisje,… ik ging die eerst aan uw vriendin geven, maar jaaa, gij zijt ook een lieveke,… dus die is voor jou, dan denk je nog eens aan Marioooo…” – de gladde aal. 🙂

Vandaar mijn cursus Italiaans, helaas is er niet al te veel van blijven hangen, maar ik begrijp wel veel en kan wel een paar zinnetjes uit mijn mouw schudden. Vooral één zinnetje. Of ja, zeg maar ZIN.

Solo una sana e consapevole libidine salva il giovane dallo stress e dall’azione cattolica

Komt uit een liedje van Zucchero. Toen ik destijds bij de radio werkte, wou ik per se zonder fouten deze titel kunnen uitspreken en ik heb daar héél goed op geoefend, zo erg dat ik het nu nog altijd kan aframmelen. En ja, ik weet wat het betekent.

Zo zat ik eens in Rome. Samen met mijn tienjarige zoon was ik daar op reis en zaten we ’s avonds pizza te eten tussen een gezellig groepje Italiaanse couchsurfers. Ze vroegen me of ik Italiaans kon, weinig, antwoordde ik maar toch snapte ik hun grapjes in het Italiaans en lachte mee. Waarop ze zeiden, ha je begrijpt toch Italiaans – en vroegen ter controle te vertalen in het Engels wat ze juist hadden gezegd. Ik zei, ja ik begrijp véél maar ik spreek het amper. Of ja, één zin, hahaha. Waarop ik bovenstaande zin afratel. Het gezelschap valt stil. Kijken mij allemaal met open mond aan. En beginnen dan luid te lachen: “Jààà, goed gelukt hoor meisje, zeggen dat je geen Italiaans spreekt en doen alsof, hahaha, we hebben je door, je kan wel degelijk Italiaans hé, hahaha!” Helaas dus.

Lago Trasimeno, 2013

Ik ben wel een aantal keren naar Italië op vakantie geweest. Naar Rome dus, met de zoon. Naar Milaan, naar het Comomeer, naar Sicilië (oh vertelde ik dat vulkaanverhaal al? Toen de IJslandse vulkaan uitbarsten en ik vastzat in Sicilië?) en in 2013 met mijn vriend naar Lago Trasimeno, één van de kleinere meren maar erg mooi. Heerlijk eten, heerlijk weer, lieve mensen.

Dit is de achttiende dag in #40dagenbloggen