Tiny’s laatste dag in de zon

Deze morgen mijn laatste strandwandeling bij het opkomen van de zon… hoe zalig. Ik dacht al snel aan hoe ik dit ga missen. Het maakte echt niet uit dat ik hier alleen was, ik heb genoten van elk moment en elk straaltje zon.

’s Morgens meteen al op het strand kunnen wandelen, zonder jas, in korte broek en een shirtje, wat wil je nog meer? Ik zou dit elke dag willen doen, dat doet me zo veel deugd. Later als ik groot ben…. Nee ik ga niet definitief verhuizen na mijn pensioen maar je zal me dan in de wintermaanden wel veel vaker ergens in het zuiden vinden, dat is iets dat zeker is. Ik leef hier zo van op!

Na het ontbijt heb ik me terug aan het zwembad geïnstalleerd, met een boek en in bikini. Af en toe eens een paar baantjes zwemmen, lekker fris.

En ik nam deel aan een yogalesje, met Geraldine: de Nederlandse animatrice hier die willens nillens alle uitleg in het Duits geeft want ja, 90% Duitsers hier. Ze spreekt een soort verbeterd Jean-Marie Pfaff Duits, super grappig, ze doet zo haar best, maar ze maakt ook zo veel fouten… Ach ja. Das ist mir ganz egal…

Ik lunch niet echt, aan het begin van de week kocht ik enkele koekjes en yoghurtjes dus dat is mijn tussendoortje. ’s Avonds is het buffet rijkelijk dus ik hou dat nog wel uit.

Ook de zonsondergangen zijn hier ongelofelijk mooi, wat een spektakel elke dag.

Helaas moet ik mijn koffertje weer inpakken. Ik heb amper vuil wasgoed want met deze temperaturen kun je ook perfect iets uitwassen, en in de zon te drogen leggen. Dat doet me er aan denken om in januari naar Thailand echt niet veel mee te nemen;

Ik wou dat ik die zon kon inpakken en af en toe eens uithalen als ik terug thuis ben. Zo te horen wordt het barslecht weer de komende dagen, ik ga het nog lastig krijgen.

En dat is voor mij nu de komende maanden weer een uitdaging: dag per dag zal ik het wel nemen zoals het komt, maar ik word elk jaar moedelozer van herfst, Kerst en winter Sorry, ik hou echt niet van seizoenen. Gelukkig heb ik een mooi vooruitzicht, daar trek ik me wel aan op, maar met ouder te worden vind ik het precies elke keer lastiger. Helaas moet ik me er bij neerleggen. Voorlopig toch nog.

Ik hoor je al: je mag toch echt niet klagen, je hebt tenminste de kans om op reis te gaan. Da’s waar. Hoera hoera dan maar. Maar toch: F*CK de winter.

Tiny in Càdiz

Tegen mijn natuur in nam ik deel aan een groepsexcursie. Ik spuug het woord er bijna uit, maar het is nog meegevallen. Van hieruit is de busverbinding naar de stad Càdiz nogal lastig, en is het blijkbaar meer wachten op een overstap en veelvuldige haltes, daarom gaf ik me over aan de verleiding om gewoon mee te doen. Met nog één ander koppel Vlamingen ging ik mee met een bus Duitsers vanuit het hotel hier en de reisbegeleidster bleek echt een aangename slimme dame te zijn. Carmen was blond en Spaans, want ze bleek een Nederlandse moeder te hebben, én een talenknobbel. Mensen die zowel perfect Spaans,- Nederlands,- en Duitstalig zijn hebben bij mij toch een voetje voor. Ze gaf speciaal voor ons de hele uitleg ook in het Nederlands (terwijl dat voor mij niet hoefde, ik begrijp goed Duits, maar voor dat ander koppel was het wel nodig).

Heel véél geleerd over de geschiedenis van de streek rond Càdiz en de stad zelf, die al 3000 jaar oud is. Nee nee, ik ga geen geschiedenisles geven hoor, verre van.

Het was een beetje bewolkt maar helemaal niet koud. We kregen eerst een soort panorama-tour vanuit de bus, om ons zo een beetje wegwijs te maken, en dan wandelden we in een groepje door de stad met de uitleg van Carmen erbij. Dat duurde maar een uurtje en daarna waren we vrij, hoera!

Ik heb me laten verdwalen in de steegjes, liet me al lachend natregenen, want het was warm genoeg en ik ging eens schuilen onder een grote Australische Banyan-boom in het Parque Genoves. Ook de grote overdekte markthal was indrukwekkend, een enorm aanbod aan vis, vooral die typische rode tonijn van hier. Ik heb die op aanraden van Myriam C (na haar reactie op mijn vorige blog) ook al eens gegeten hier aan de kust, super lekker.

Cadiz is blijkbaar ook het startpunt van de beroemde weg naar Santiago de Compostela, ik zou dat ooit ook nog wel eens doen, ware het niet dat die route ondertussen ook al bijna bezwijkt onder het massatoerisme.

En inderdaad, de toeristen. Cadiz is ook een belangrijke aanleghaven voor cruiseschepen en dat was overduidelijk. Zelfs al van ’s morgens was het in die smalle straatjes razend druk en daar kon ik al snel niet meer tegen. Ik heb het duidelijk niet meer voor grote steden en Cadiz is dan niet eens een typische grootstad te noemen. Gelukkig doen mijn beentjes het goed en heb ik ook de minder toeristische weggetjes gevonden.

Aan te raden: ja, want hele mooie gebouwen, straten, pleinen vol met geschiedenis, maar helaas ook vol mensen, dus goed voor één keer.

Tiny in Novo Sancti Petri

Waar dadde? Ik zou kunnen zeggen, Google Maps is your friend, maar ik ben in een vriendelijke bui en zal het even uitleggen.

Dus in de provincie Cadiz, ik landde met het vliegtuig op het superkleine luchthaventje van Jerez en de bus bracht me hier in 50 minuten.

Na mijn rampzalige vlucht naar en terug uit Egypte in maart 2020 was ik schuchter om nog iets met TUI te doen want in het begin-Corona tijdperk waren ze simpelweg onbereikbaar en heb ik aan de hele organisatie geen bal gehad. Maar kijk, ze kunnen maar leren uit hun fouten en ik boekte een voordelige promo naar een hotel hier aan de kust, met vliegtuig, transfer en half pension. Verder niets speciaals geboekt of zo, maar kijk ik kreeg toch een kamer met zeezicht toegewezen en de kamer is ruim en van alles voorzien.

Spanje is Egypte niet, met dat grote verschil dat het hier pas om 8.30 licht wordt (beetje zoals in Vlaanderen hé) en in de Sinaï was dat al om 6 uur. Ik ben een hele vroege vogel, dus om 7 u zit ik in het pikkedonker hier op mijn balkonnetje. Tegen dat het goed en wel na achten is, ga ik terug een strandwandeling maken, net als gisteren.

Dat is wat ik wil: ’s morgens kunnen schrijven met zicht op zee en dan wandelen langs het strand, met amper mensen om je heen. Ik blijf gefascineerd door de zee, dat zonlicht dat speelt met de golven, als je blijft kijken en luisteren is dat zo meditatief. Het is mijn medicijn en therapie.

Want mijn gezondheid is de laatste weken niet zo super geweest, wellicht was het een COVID-variantje of zo want deze soort van verkoudheid blijft wel heel lang hangen. Ik heb nog steeds erg weinig energie en ondanks alle positiviteit hier hou ik een waas van hoofdpijn, nu al dagenlang. Er zitten koortsblazen op mijn lip en neus, en ben al doodop als ik die ene trap doe naar mijn eerste etage.

Maar ik ga toch wel wat bewegen, wandelen en zwemmen in het reuze zwembad hier, eens een sportlesje meedoen, morgen dan misschien. En het plan is om eens een fiets te huren en eens een bus te nemen naar Cadiz.

Het voordeel van hier alleen te zijn is dat ik ineens tijd heb voor van alles, zelfs om te bloggen. Als ik wil rusten, rust ik, als ik wil slapen, slaap ik, als ik Netflixen, Netflix ik. Ik heb tijd voor berichtjes en telefoontjes naar het thuisfront.

Het is nog altijd een beetje raar om tussen alle koppels in de eetzaal te zitten, dat is zo niet mijn ding. Maar ja, een mens moet eten en ik oefen mijn Spaans met de opdienster, want de meesten zijn hier Duits en ik denk dat ze blij eens gewoon een woordje Spaans te spreken. Niet dat ik dat kan, maar ik begrijp veel en ik maak wel fouten, maar ze snapt me wel.