Site-archief
Jul-15: e-Huisjes Boxtel
Eind-April treinde ik naar Eindhoven om daar eens een rondje te wandelen. Op de terugweg heb ik ook nog wat door Boxtel gelopen en daar wat gegeten op hun marktplein. Het was daar inmiddels minder warm, zeker op de schaduwplek die ik uitgekozen had..
In Boxtel trof ik maar liefst 5 elektriciteitshuisjes aan en er hing een hele verzameling lampekappen boven hun winkelstraat. Daar zaten overigens geen lampen in, zoals eerder in Utrecht. Heb er toch een aantal op de foto gezet en onder aan de e-huisjesfotopagina van Boxtel toegevoegd.
Allereerst een redelijk oud e-huisje bij de Dommel. Vervolgens zag ik een kluitje van 3 van dit soort gebouwtjes, waarvan er 1 dwars stond. Ze zullen met elkaar te maken hebben neem ik aan. Misschien is dit de hoofdaansluiting van Boxtel. Later trof ik een veel nieuwere met zogenaamde speklagen. Dat zie je ook niet overal.
Sep-10: Basiliek Oudenbosch
Begin-augustus werd het prachtig weer en zou het nog niet zo erg warm worden als de dagen daarna. Kortom tijd voor een treinwandeldag. Deze vrijtreinendag was doordeweeks en dan hou ik me netjes aan de daluren, die na 09:00 beginnnen.
Door de spontane oprisping werd het kwart voor 10 eer ik in een rijdende trein zat. Het idee was Zeeland, waar ik nog iets wilde bekijken. Alleen in Oudenbosch werd de intercity rond 12 uur langs het perron geparkeerd. Er was een probleem in/rond Roosendaal, het volgende station. Daar was door een onduidelijk probleem de spanning van de bovenleidingen gehaald.
Sep-28: Watertorens O-Brabant
Eind-Augustus nam ik weer eens een vrijtreinendagje op. Door de corona heb ik er nog behoorlijk wat over. Het idee was om ‘s-Hertogenbosch en Zaltbommel te bezoeken. Van Zaltbommel wist ik dat er 2 watertorens staan en op wikipedia zag ik dat er in Den Bosch ook 1 staat. En verder zijn het mooie plaatsen om beter te bekijken.
Helaas ging dat niet helemaal door. Er werd weer eens aan het spoor gewerkt en er reden geen treinen tussen Utrecht en Den Bosch. Dat hoorde ik in de trein die me via Utrecht naar Nijmegen bracht. Dwz ik stapte dus niet in Utrecht over, maar bleef lekker zitten.
Feb-12: Bergen op Zoom 2018
De Zoom is een klein beekje, die op de grens van Vlaanderen en Noord-Brabant stroomt en in de Oosterschelde uitmondt. Dat vond ik veel later. In de stad zag ik daar niets van terug. In November-2018 had ik een stadswandeling gemaakt, maar ben er toen nooit toe gekomen om daar een foto-verslagje van te maken.
Dus bij deze. Ik was al eens jaren geleden door Bergen op Zoom gefietst en had daar een goede indruk van over gehouden. Nu ging ik met zo’n vrijtreinenkaartje en wilde ik de stad wat beter bekijken.
Een watertoren vond ik later in Roosendaal. Een apart e-huisje of putdeksel kwam ik ook niet tegen. Wel veel leuke uithangobjecten, een stadspaleis en een fraaie stadspoort.
Nu ik wat dingen nazoek op wikipedia, blijkt dat er wel degelijk een voormalige watertoren staat. Een halve kilometer ten zuiden van het station. Daar heb ik helaas niet gelopen. Mooi iets voor een volgende keer.
Apr-22: Uit Volle Borst?
Bij deze kom ik nog even terug op m’n eerdere bericht, dat deels over Maurice de Hond ging. Ik denk nog steeds dat fijnstof of andere ongezonde lucht de longcapaciteit vermindert en dat gebieden met dergelijke lucht zwaarder getroffen kunnen worden door het corona-virus. Ik denk ook dat het luchtvochtigheid-verhaal van Maurice de Hond slecht verklaart waarom de regio Uden veel zwaarder is getroffen dan de regio Eindhoven.
Maar op een ander punt van Maurice; ‘religie’, wil ik nog even terugkomen. In eerste instantie leken vooral christelijke landen zwaarder te zijn getroffen. Bedenk daarbij dat het in Zuid-Korea mis ging bij een christelijke kerk. In dat land is maar een zeer klein percentage christelijk.
Apr-16: NH3 PM2,5 NOx SOx
[Er is een vervolg op het onderstaande verhaal. Wat hieronder staat zal zeker invloed hebben, maar inmiddels zie ik zingen en schreeuwen als een nog duidelijkere overeenkomst en verspreidingsoorzaak. Zie hier.]
Een handjevol troep dat de lucht ongezond maakt. In m’n bijdrage van 28 maart liet ik een kaart zien van de Q-Koorts, die nog altijd erg overeenkomt met de huidige kaart van Corona-slachtoffers. Ik schreef toen al dat het puur toeval kan zijn, aangezien Q-koorts in Italië niet specifiek in het Po-dal heeft huisgehouden. Kan simpelweg zo zijn dat daar vrijwel geen geiten te vinden zijn.
Mrt-10: Brabantse Huiselijkheid
Dit fragment flitste net op TV voorbij:

Ben benieuwd of het anderen is opgevallen. Dwz er was een persconferentie over de Corona-maatregelen in Noord-Brabant. Althans dat vermoed ik. Ik heb niet meer gezien dan dit fragmentje. Vervolgens een minuutje teruggeschoven en een schermschot gemaakt. Daarna ben ik Met het Mes op Tafel en de Gebroeders van Rossem gaan kijken. (Ik ken m’n prioriteiten.)
Wat ik aan het bovenstaande tafereel zo schattig vond, was dat een dienblad met een kudde microfoons door de Brabantse Commissaris van de Koning burgemeester van ‘s-Hertogenbosch werd doorgeschoven naar de volgende die iets moest zeggen burgemeester van Tilburg. Vaak is dat lastig. Drie mensen die iets zeggen. Soms staan er 3 setjes microfoons of geven ze een microfoon door. Deze oplossing is uiterst praktisch en simboliseert mooi de Brabantse huiselijkheid.
Okt-15: De Bijdehante Man
De titel van dit stukje schijnt correct te zijn volgens OnzeTaal. Ik keek daar van op. De basisvorm is bijdehand en niet bijdehant. Zelf zou ik op z’n minst bijdehandte schrijven en de basis heel laten. Maar eigenlijk had het gewoon bijdehande moeten zijn. Alleen vinden we dat laatste niet klinken en is er gekozen voor bijdehante. Ook gek dat we wel kunnen zeggen dat iets op hande is. Daar maken we dan weer geen hante van.
Ik kwam hier op door de S.P.E.L-show, een soort taalquiz. In een zin stond een fout en die moest je er in herkennen. Ik koos voor ‘bijdehante’ maar dat bleek dus niet het foute woord te zijn.
We hebben meer van dit soort woorden. Denk aan een slag in de rondte werken. Dan maakt OnzeTaal er geen ronte van. Ook hier klinkt een slag in de ronde werken voor geen meter. Dat terwijl we het wel kunnen hebben over de ronde van Frankrijk. Eén voordeel; dit schrijf ik dus wel op de manier die de OnzeTaal wenst.
Een derde voorbeeld gaat over stad. Mijn moeder hield van statten (stadbezoeken). Zo schijn je dat te moeten schrijven volgens OnzeTaal. Ik zou dus wederom stadten schrijven, net als rondte en bijdehandte. Maar dat mag dus niet. Uiterst onlogisch om 3 vergelijkbare vervoegingen telkens anders te voor te schrijven. Als consequenticus doet dat zeer aan m’n ogen.
Met stad is overigens meer aan de hand. Het meervoud is niet stadden of staden maar steden. Dus het meervoud van blad is niet bladen maar bleden?
Het kan overigens ook andersom. Dat gebeurt met Brabant. Hun inwoners zijn geen Brabanters maar Brabanders. Nu verandert een ‘t’ dus zomaar in een ‘d’. Er waarom hebben we het dan weer wel over Zaankanters en niet over Zaankanders?
Het mag duidelijk zijn dat ik op de Mavo moeiteloos een 3 haalde voor Dik-T en een 10 voor wiskunde. Helaas leeft m’n leraar Nederlands niet meer. Hij had nooit kunnen bedenken dat ik inmiddels een jaar of 15 verhaaltjes schrijf op dit blog.

185 Legpuzzels

