Vergelding

https://kreta8.wordpress.com/

Geesje geeft iedere maand een woord

Het woord voor de WE300 van de maand April is “Vergelding” Wil jij ook meedoen aan deze schrijfopdracht? Schrijf er dan een stukje over in exact 300 woorden zonder het woord te gebruiken.

Vergelding

Terugbetaling in natura of te wel Oog om oog, tand om tand,

ius talionis of talioprincipe is een uitdrukking die verwijst naar het principe van terugbetaling met precies hetzelfde onrecht dat het slachtoffer is aangedaan door de dader. Deze uitdrukking is te herleiden tot de Bijbel.

Een lichamelijke verwonding is zichtbaar en in meetbare mate te vertalen, maar hoe zit dat met een geestelijke verwonding?

Hoe meet je dat, of hoe zichtbaar is dat.

Wat is de schade?

Soms is openbaart de schade pas na vele jaren, en hoe moet je dan nog wraak nemen, wie gelooft je dan nog?

Oorlog voeren is een vorm van wraak nemen, en de reden kan al eeuwen oud zijn. Een stuk ingenomen land, de onderdrukking van een bevolkingsgroep, een geloof of bijgeloof.

Het hebben van macht en geld maakt het nemen van wraak makkelijker. Daarmee schuilt ook het gevaar van misbruik. En vooral de mens die geilt op macht misbruikt. Soms verdoezelt onder mooie woorden van, het beste voor hebben met de ander.

Een van de straffen in vroeger tijden was de schandpaal.

Men werd aan het schavot gezet en ten toon gesteld aan het dorp of de stad. En naar believen werd de dader bekogeld met rotte eieren.

Nu kwam ik van de week een filmpje tegen van enkele jeugdige meisjes, welke bezig waren een leeftijdgenootje af te tuigen. Ze filmden zelf het hele gebeuren en hadden dit op een social medium geplaatst. Dat vele mensen dit veroordeelden was een bijkomstigheid die deze meiden niet hadden verwacht. En dus vond de politie dat men hiermee moest ophouden. En zo werden (worden) daders slachtoffers.

Sociale media als moderne schandpaal ,de straf bepaalt de ernst van de daad.

Vertaalt wraak het beste.

Maar het gezegde wie het laatst lacht, lacht het best.

Avondklok.

Posted on 

In de Wikipedia staat de volgende omschrijving:

Ook wel papklok of spertijd genoemd, is de tijd waarin bepaalde beperkingen van toepassing zijn. Doorgaans verwijst het naar een tijdspanne tussen zonsondergang en zonsopgang waarin individuen in hun woningen blijven moeten. De beperkingen kunnen in uitzonderlijke gevallen zoals een noodtoestand door de overheid worden opgelegd ter controle of bescherming van de bevolking, bijvoorbeeld in geval van een ramp, een pandemie of in oorlogstijd.

Het is iets van alle tijden In de Middeleeuwen werd de klok geluid om aan te geven dat de stadspoorten werden gesloten. Tot de morgenklok kon er niemand meer in of uit en werd het kwaad buiten de poort gehouden.

Morgenklok

v. (-ken), klokgelui dat het aanbreken van de morgen verkondigt

de tegenhanger dus, het moment waarop alles weer ontwaakt, en net als in alle tijden worden mensen wakker met verschillende gevoelens. al naar gelang het jaar en/of plaats.

Klokken beheersen ons leven, je hebt ze in alle soorten en maten.

een voor om je pols, voor aan de muur, werkklok, kerkklok, stadsklok en het carillon. En er zijn er vast nog wel een paar.

Uiteindelijk beheerst tijd ons leven van de morgenklok tot de …..klok.

We hebben het over vadertje tijd, en moeder Aarde, beide beheersen ons leven ieder op hun eigen manier. 

Wat we doen met de tijd tussen al die klokken, dat wordt voor een groot deel bepaalt door andere mensen, door je ouders, je kinderen.

Of wanneer je achternaam Bonaparte is of Lincoln of Hitler. dan is dat iet wat bepalend.

Hier in Nederland denken we vrij te zijn, vrijer in ieder geval dan mensen in andere werelddelen. we zijn vrij om te reizen, te zeggen en doen wat we willen, of lijkt dat maar zo? De tijd zal het leren. 

https://kreta8.wordpress.com/2025/01/26/we300-voor-de-maand-januari-kruidenier/

Snoepje van de week

was een van de reclameslogans van deze kleingrutter voordat hij uit het winkelbeeld verdween verdreven door de grootgrutters.

De winkel zat door heel het land en was zeer bekend. En service was er ook, een bezorgdienst, niet iedereen beschikte over vervoer en ze brachten de boodschappen bijna tot aan de keukentafel. In Heerhugowaard stond een groot magazijn van waaruit de boodschappen werden verzamelt en uitgereden. Ik was net 15 geworden en had een jaar bij de plaatselijke grutter gewerkt. Een baantje wat mijn moeder had geregeld, met de woorden je kunt morgen aan de gang bij van Leeuwen de 4=6. Dit ga je verdienen en dit moet je aan kostgeld betalen. Ze bedoelde het niet slecht hoor, ze moest alle weken de eindjes aan elkaar knopen. En bovendien ik wist niet beter, mijn oudere zus moest het ook, en het gaf mij een gevoel van iets goeds te doen. Maar na een jaar wou ik weg bij 4=6, niet omdat hij een slechte baas was, maar omdat ik avontuurlijk was en zelf iets wilde regelen. Dus toen ik de advertentie van

‘de Gruyter’

zag solliciteerde ik en werd aangenomen. Iedere dag op en neer naar Heerhugowaard met de trein. Wat een avontuur. Het werk bestond uit het verzamelen van de bestelde boodschappen. Je had een soort van veredelde boodschappen kar op wieltjes met drie plankjes, op de onderste en de tweede plank paste ieder twee plastic boodschap tassen en op de derde plank stond een telmachine met ruimte voor het boodschappen boekje. En een heel lang gangpad met aan beide zijde stellages met dozen levensmiddelen. Voor het eerst in mijn leven ervaarde ik een gevoel van zelfstandigheid. Heb het een jaar met veel plezier gedaan.

Bezorgcentrum van de Gruyter in Heerhugowaard
Deze foto is waarschijnlijk in 1971 genomen.
Ik werkte er van 1973 tot 1974.

kerstboodschappen

Moeder was al helemaal in de stress want de Kerst kwam er weer aan. Wat gaan we eten want ook al hadden ze het niet breed met vier kinderen, ook in ‘68, was het de trend om zoveel rijk mogelijk te eten. En moeder wilde graag de schijn op houden dat ze het best redden. Ze had wat schoonmaak baantjes in de avonduren en twee dochters die prima mee konden helpen.

Moeder had alles opgeschreven wat ze nodig hadden voor de eerste Kerstdag. Ze wist wat ze wilde eten en om alles te kunnen halen moest ze vroeg beginnen. Bovendien was ze een kind van de oorlog, en had echte honger gekend, Tien was ze toen de oorlog uitbrak, en al woonde ze op een dorp met aardig wat boerderijen, de Duitsers haalde alles leeg. Na de oorlog werd ze ergens heen gestuurd om weer aan te sterken, een mager scharminkeltje was ze geweest. Ze had van haar moeder weer geleerd een voorraadje aan te leggen in het geval van schaarste want ja, je wist immers maar nooit.

En ze had een aardige voorraadkast aangelegd, maar die raakte ook wel eens leeg, want vader verdronk zijn weekgeld nog weleens. De lang houdbare spullen stonden in nette rijen op de plank in de trapkast.

Maar de verse producten waren haar grote zorg, want hoewel het leven veel beter was geworden, bleef het een dorp met beperkte kruideniers. Bij de bakker en de melkman had ze al besteld, dat hoefde alleen te worden opgehaald. Een duivekater en een Kerststol en melk en een stuk kaas. De dag voor Kerst moest ze er op tijd bij zijn wist ze want anders was het meeste al weg, en bleef ze net als vorig jaar staan met de laatste groenten die al niet meer al te mooi waren. Vrouw Zijlstra had de laatste mooie appels net voor haar neus weggehaald. Dus ze had de briefjes met de benodigdheden klaar liggen voor iedere dochter een. Zelf wist ze wel wat ze moest halen. En om stipt 6 uur ging de wekker.

Verzwijgen

Als kind had ze er al last van, “ angst voor het donker”. Het maakte niet uit wat vader of moeder zeiden, die angst was echt. Toen ze wat ouder werd en moeder vond dat ze alleen naar bed kon en haar niet meer instopte, was het na het lichtknopje een hink- sta-sprong en bonk het bed in. Gauw onder de dekens en wachten tot de slaap kwam. En hopen dat je niet midden in de nacht moest plassen want dan werd het echt …..

Ze werd er mee geplaagd, uitgelachen, aanstellerij, wie zou jou nou midden in de nacht mee willen nemen.

Nee alleen monsters zouden dat dus willen dacht ze. Ze mocht ook geen griezelfilms meer kijken van vader en moeder, want dan dorst ze niet meer naar bed en wilden ze bij haar ouders slapen en was de hele nacht onrustig. Met het gaan van de jaren werd het alleen maar erger, ze dorst niet meer alleen op te passen, hoorde overal geluiden en ja hoor warempel stond de deurklink nu echt scheef alsof iemand aan de andere kant op het punt stond naar binnen te komen? Verstijfd zat ze dan op de stoel, niet in staat op tot actie over te gaan.

Ze sprak er niet meer over, niet over haar angsten maar ook niet meer over haar gevoelens. dat leverde alleen maar gelach op en domme grapjes en liet men haar expres schrikken namen haar in de maling. Soms zelfs vernederde men haar, krokodillen tranen, doe toch eens normaal!

Toen ze met haar verkering naar de griezelfilm van de eeuw ging, omdat iedereen het er natuurlijk overhad deed ze gewoon heel stoer, dat had ze inmiddels wel geleerd, nee ze was niet bang dat was voor kleine kindertjes niet voor een puber van zestien jaar. Ze was een expert geworden in het verbergen van haar gevoelens. En liet alleen maar stoer en gewenst gedrag zien.

En hier lag ze nu in haar grote tweepersoonsbed, jong getrouwd met twee kleine kinderen. Haar man was doordeweeks niet thuis door zijn werk. Een grote eengezinswoning met allemaal geluiden, de tikkende centrale verwarming buizen, ieder kraakje ieder piepje hield haar uit haar slaap, en dan was er nog de koude oorlog, wat moest ze doen als de bom viel. En dan die griezelfilm die raakte ook niet uit haar gedachten. Maar ze sprak er niet meer over.!