
Tussen college en vertraagde trein
Probeer ik de tijd nuttig te besteden
Door de zojuist gevolgde les
Te herkauwen, zoals Nietzsche zegt
En hup! In beweging!
Dus lopend
Over het saaie, koude perron
– Waar de grijsbewolkte hemel in de verte
aan Zwitsers gebergte denken doet –
Komen de vragen:
Droeg Nietzsche wandelschoenen?
Nam hij een vulpen mee?
Bevroor de inkt bij hevige kou?
Kamde hij zijn snor zorgvuldig?
Floot hij een Wagnermelodie?
Voelde hij zich eenzaam?
Groette hij mensen?
Kon hij zich gelukkig prijzen?
Zijn dit echte vragen?
En dat loopje hier
Noemt hij dat wandelen?
Of tellen denkbeeldige bergen niet?
In de kiosk is het aangenaam
Het Filosofie Magazine kopt:
“Wie heeft dit bedacht?”
Bedenken – is dat denken?
Maar Nietzsches donkere blik lokt.
En de vraag rijst nu:
Wie voelde zich gepermitteerd
De overbekende foto
Van de overbekende grote denker
Starend in duistere verten
Te plaatsen in spiegelbeeld?
