(8 december 1997)
(Spanje)
Op weg naar Latijns Amerika krijgen wij een Guatemalteeks gelukspoppetje mee, een Spaans amulet en twee boekenleggers: een engeltje uit Michelangelo’s hemel en een vioolspelertje op een tak met een buitenmaatse maan erbij. We reizen naar Mexico-Stad, maar onze budgetvlucht impliceert een oponthoud van een nacht in de Spaanse hoofdstad. De vliegmaatschappij biedt ons daar een hotel met diner en overnachting aan . Madrid is Europa, maar het gantsche achterland van de Spaanse veroveringstochten omvat bijna twee werelddelen en die liggen dankzij het internationale vliegverkeer binnen handbereik.
(de lezers van dit blog zijn in dit fragment kortstondig met mij op reis in 1998, tijdens mijn Tour du Monde van dat jaar)









