Solokamperen: 10 handige tips en 1 onhandige

“Helemaal alleen?” “Zo lang?” “Echt waar?” “Voor het eerst?” “Met een camper?” “Wat stoer!”, riepen de mensen.
Ik wilde gewoon graag een keer rondreizen in de USA en had besloten dat dan maar te doen. Ik kampeerde zes weken in het rond in de Verenigde Staten. In m’n eentje. Of dat al dan niet stoer, raar of uitzonderlijk was, daar had ik niet zo bij nagedacht.

Ik zal jullie het volledige reisverslag besparen, maar zes weken later kan ik zeggen: ja het was uitzonderlijk, ja het was stoer, en of het raar was kon me na een paar dagen al niks meer schelen. Kamperen in je eentje is fantastisch.

20180508_182252

…maar in het begin is het wel even wennen.

Bijvoorbeeld als je met je hele hebben en houden in de tram zit naar de camperverhuur en je geen idee hebt met wat voor apparaat je op pad gestuurd wordt, of je het bed uitgeklapt krijgt, of je ooit de uitgang van de drukke stad zal bereiken, of je de bediening van de ruitenwissers zult kunnen vinden en waar je die avond zult slapen.

Of dat het zweet je uitbreekt omdat je niet meer zeker weet of je wel de juiste fuel in je auto heb gegooid en al hele scenario’s voor je ziet waarin je verloren langs de weg staat en het nummer van de Wegenwacht niet eens weet.

Of als je omsingeld bent door gezinnen met kinderen en verliefde stelletjes die allemaal enorm quality time zitten te hebben en je je afvraagt of ze jou niet allemaal enorm sneu en zielig vinden omdat jij daar solo in een 1-persoons rijstprutje staat te roeren.

Roodkapje

Daarbij was alles nieuw. De wegen, de systemen, het land. Je wandelt in je eentje door grote onbekende wildernissen waar je geen idee hebt hoe het werkt, wat er groeit, wat er loopt, hoe het weer zich gedraagt en of je al die borden met ‘Do not go hiking alone’ wel had moeten negeren. En omdat ik bijna dagelijks ergens anders was, zat ik dagelijks op nieuw onbekend terrein.
Dus bij de eerste echte wandeling, door behoorlijk imponerend Redwood Forest (je weet wel, bomen van honderd meter hoog), liep ik nog wat aarzelend rond. En zingend, omdat de beren je dan aan horen komen. Ik verwachtte achter elke struik een beer. Na elke bocht zou er waarschijnlijk een moordlustige mountain lion op mijn pad zitten en elke boomwortel leek op een slang. En ik schrok van ieder geritsel. Een soort Roodkapje voelde ik me. Grootkapje.

Ook voelde ik me nogal onnozel toen ik vanuit zonovergoten wijngaarden ineens in een hooggebergte terecht kwam, waar het plotseling sneeuwde. Ik had echt geen idee. Ik heb twee nachten in de sneeuw gekampeerd (waarvan gelukkig één met een leendeken van de campingbaas, thanks again ranger Richard) en twee dagen in de auto geroepen “Nee ik wil niet nog verder omhoog en ik wil niet dat het sneeuwt ik wil gewoon een rechte gladgestreken interstate in de zon” en ik dacht, dit was nogal dom.

20180430_090548

Ehm, de buren hebben ski’s bij zich.

Of wanneer er nog geen 10 meter van je campervan een grote slang langskruipt, en je geen idee hebt of dit alarmerend is of niet want je hebt nog nooit zo’n beest gezien.

Kan gewoon

Het motto ‘be prepared’ van de boy scouts – én van mij – veranderde al snel in ‘be prepared to improvise’. En het goede nieuws was: dat lukte. Het licht unheimische gevoel verdween na een paar dagen en ik kwam er helemaal in.

Overal is namelijk wel een plan B voor. En het blijkt niemand wat te kunnen schelen wat ik hier zit te doen. Bovendien kon het mij steeds minder schelen of het iemand kon schelen wat ik daar zat te doen. Ik deed waar ik zin in had, en daar was het toch om begonnen.

En ineens realiseerde ik me dat het inderdaad best stoer was wat ik hier deed. Ik vind m’n weg wel in al die bossen en woestijnen, ik rijd overal vlekkeloos heen zonder TomTom, en weet je wat, ik ga gewoon wél een vuurtje maken. Kan gewoon. Doe ik gewoon. Ik ben niet voor niks een ‘confident women leader’.
Daarna dacht ik er geen moment meer aan of dit al dan niet raar of sneu was. Ik was in m’n element en ik was voortdurend heel blij dat ik hier was.

En ik ontdekte weer waarom kamperen zo fijn is. Het is zo buiten. Zo basic. Zo klein. Je hebt heel weinig nodig maar je moet overal iets voor doen. Dus je hebt continu eer van je werk. Koffie? Gasje aangesloten, water gehaald, water gekookt, beker gezocht, oploskoffie geschept. Slapen? Bed uitgeklapt, spullen versleept, gordijntjes opgehangen, stoelen verschoven, lampje opgehangen, dekbed uitgerold – ga zo maar door. Het is heel bevredigend.

20180426_185829

Je hebt iets makkelijks aan want het maakt allemaal niet uit. Het diner bestaat uit maximaal 3 ingrediënten. Als er geen douche is, dan douche je toch niet. En je kunt ook prima je benen scheren bij een buitenkraan midden op de camping. Je krijgt geen berichten want er is geen wifi. Beetje zitten. Beetje kijken.

Er is weinig zo lekker als ’s nachts in een korte broek en slippers onder de sterrenhemel lopen terwijl de wind warm en zacht langs waait.
En naar bed gaan als het donker is en wakker worden als het licht wordt. De zon gebruiken om op te warmen. Een tak gebruiken om was te drogen. Van gevonden hout een vuurtje stoken dat heel erg naar dennen ruikt. Omringd door eekhoorns, konijnen en gekke vogels op je eigen plekje in het bos.

Op de laatste avond kwam een jongen aan me vragen wat ik toch had gebruikt om mijn vuur aan te krijgen, want het brandde zo lekker. (‘Just paper’, zei ik, en ik gaf hem de rest van de krant die ik die middag vakkundig gesprokkeld had.) Nou, dan ben je toch geslaagd als kampeerder.

#Fail

Don’t worry: het was heus niet allemaal glamour en insta-waardig. Ik zat ook wel eens achterin m’n campervan op wortels te knabbelen omdat m’n gasflesje niet op m’n gasstel bleek te passen. En ik zat heus wel een keer om 10 uur ’s ochtends in de Burger King voor de wifi. Ik had ook wel eens zin om naar bed te gaan omdat dan de ochtend er sneller zou zijn. En ik stond in de file. En ik kookte op mijn campinggasje op de stoep van een motel. En ik deed 6 dagen zonder douche. En het regende wel eens. Soms was het koud. Soms was het te heet om te bewegen. Ik had soms luidruchtige – en vermoedelijk geestelijk gestoorde – buren. Ik kreeg ineens een vreemde uitslag op m’n armen. Ik was te laat om een foto te maken van twee synchroon uit het water springende walvissen. De weg naar Yosemite was gesloten vanwege sneeuw. Ik heb bij McDonalds gegeten. Ik heb alleen de achterkant van de berg met the Hollywood-sign gezien. En ik zat drie kwartier op een stoepje te wachten tot een sheriff onze bus had geïnspecteerd en miste daarna mijn volgende bus. Soms bleek een camping helemaal niet te bestaan. Of ze waren dicht. Of je moest over een weg waarvan je zeker wist dat je in de modder vast zou komen te zitten. Ik ben veelvuldig gestoken door diverse beesten, tot in m’n bilnaad. Ik kwam niet binnen bij the Bluebird Café. De Grand Canyon was te ver dus die heb ik alleen vanuit het vliegtuig gezien. En uiteindelijk eindigde mijn kampeertrip vroegtijdig vanwege tropische storm Alberto.

Maar jongens. Wat was het gaaf.

Tips

Hoewel campingbuurman Greg ervan overtuigd was dat “not many people can do what you do”, weet ik niet of dat zo is. Misschien heeft niet iedereen hier zin in, dat kan ook. Maar mocht je zo’n soort trip overwegen, dan zijn hier nog wat handige tips voor je. En een onhandige.

  • Het kan niemand iets schelen wat je doet. Dat is een grote window of opportunity waar je overvloedig gebruik van moet maken.
  • Ga altijd naar de i; de tourist information. Of het visitor center, of een ranger station. Ook al heb je geen vragen, je krijgt altijd antwoorden.
  • Als iemand over jouw gasstel zegt “alles van het merk Coleman past,” denk dan niet dat alles van het merk Coleman past.
  • Regel overal een kaart. Met hoogtelijnen. Gebruik Google Maps in de ‘terrein’-stand.
  • Maak een praatje; Amerikanen vertellen graag. * Ga daarvoor tanken bij een niet-zelfservice tankstation, bied aan om een foto te nemen of laat iemand voorgaan bij de kassa. Begin met het weer en na 3 minuten weet je 6 nuttige dingen over waar je bent.
  • Als je je een beetje kwetsbaar voelt, klap een tweede stoel uit. Je grote sterke bodybuilder-reisgenoot is gewoon even naar het toilet.
  • De hete kraan is niet heet genoeg voor koffie.
  • Lees borden, waarschuwingen en aanplakbiljetten. Je leert vanzelf welke je serieus moet nemen en welke niet.
  • Amerikaanse muggen zijn niet onder de indruk van Hollandse muggenspray. Investeer in een zalfje tegen jeuk.
  • Zit je niet in je comfort zone – maak dan een nieuwe.

Onhandige tip

  • Het is zinloos om de verwarming aan te zetten als je autoruiten beslaan – in Florida. Of de airco aan te zetten als je autoruiten beslaan – in Florida. Of de ramen open te zetten als je autoruiten beslaan – in Florida. Niets helpt. Buiten is het nog warmer dan binnen en vijf minuten later is het binnen warmer dan buiten. Bovendien is de luchtvochtigheid gemiddeld 95% (wat vergelijkbaar is met rijden door een aquarium). Alles is altijd nat en klam en warm. Je autoruiten weten het ook allemaal niet meer. Geef het op.

 

Verder: go for it.

20180529_194036

* Misschien doe ik binnenkort ook nog een boekje open over De Amerikaan.