Toen we ervoor kozen een aantal jaren zonder inkomen te gaan leven, betekende dat ook eenvoud in alles. We hebben heel wat ‘ingeleverd’. Maar is dat echt wel zo?
Naar de kapper
In de tijd dat ik mijn haar nog verfde (rood), of ’s zomers ‘coupe soleil’ nam, vond ik het een echte verwennerij als mijn haar na het verven gewassen en mijn hoofd zodoende stevig gemasseerd werd. Zeker na een coupe soleil, want die badmuts met gaten waardoorheen met een haaknaald plukjes haar naar buiten werden gerukt, was je reinste zelfkwelling. Als ik er aan denk schieten me de tranen nog in de ogen.
Bij ons eenvoudige leven hoort zelf de trimmer hanteren, en stekeltjeskort haar. Natuurlijk grijs. Dat manlief nu om de zoveel weken aan mijn hoofd frutselt (en ik aan het zijne), én dat ik intussen niet over koetjes en kalfjes hoef te kletsen, maar een beetje mag wegdromen, is eigenlijk alleen maar een plus.
Pedicure
Omdat ik spreidvoeten met hamertenen en tunnelnagels heb, is zelf teennagels verzorgen een crime. Daarom kwam ik vroeger regelmatig bij een pedicure. De laatste deed als ‘toetje’ ook nog eens een heerlijke voetmassage. Pure verwennerij vond ik dat.
Bij ons eenvoudige leven hoort zelf de schaar, de vijl, een massagehoutje en massageolie hanteren. Ik durf mijn rare nagels niet aan manlief toe te vertrouwen, dus buig ik mij op zonnige momenten – dan heb ik het beste licht – over mijn voeten. Na zo’n behandeling loop ik hoe dan ook even als over wolken, en denk ik: dit moet ik toch wat vaker doen…
Afhaalmaaltijd
Dit geldt vooral voor Jacob, want dat is de kok in huis. Nu het tuinseizoen weer is begonnen, en we allebei soms iets té enthousiast aan het werk zijn geweest, roep ik nog wel eens: ‘Frietje halen?’ Maar dat zit er niet meer in. Vanuit ons huis in NL waren we binnen 5 minuten in een wijkwinkelcentrum met een frietboer, een afhaalchinees en een afhaal-pizza-turk. We bezochten ze alledrie regelmatig.
Bij ons eenvoudige leven hoort gezond & zelf koken, en in het seizoen ook nog vers uit eigen tuin. Alhoewel het ‘gemak’ er dus bijna verslavend ingefrituurd lijkt te zitten, geeft het toch een veel voldaner gevoel als ik ’s zomers eerst rustig door de tuin kuier, een vergiet vul met vers spul en Jacob er daarna een overheerlijke, voedzame maaltijd van tovert.
Uit eten
In het verlengde hier van: ‘vroeger’ vierden we nogal eens iets in een restaurant, of pakten we nog wel eens een terrasje in de stad. Dat was toen al vrij duur, en ik durf nu eigenlijk niet meer te bedenken hoe de prijzen tegenwoordig zijn.
In ons eenvoudige leven is het beste restaurant hier thuis, evenals het zonnigste terrasje. IJsjes worden niet meer geserveerd, maar wel de lekkerste verse-munt-thee. Mét honing, indien gewenst.
Nieuwe kleding
Bij het weer eens sorteren en nagaan van mijn ‘kledingwinkeltje op de hems’ kwam ik een aantal jasjes/vesten tegen die ik jaren geleden (nieuw) kocht in verband met een schouderoperatie. Ik draag graag T-shirts en truien, maar dat zou met mijn geopereerde schouder een half tot een heel jaar niet lukken, en dus had ik vesten nodig, waar ik met een ‘stijve’ schouder door Jacob in geholpen zou kunnen worden. Ik kocht er toen een stuk of 6 tegelijk. Ik werkte op dat moment niet, was thuis bij Odin, en 2 was dus meer dan genoeg geweest. Eén aan, één in de was.
Bij ons eenvoudige leven van nu hoort alleen nog maar tweedehands kleding kopen ALS er iets anders afgedragen is. Lange broeken kunnen vaak nog een tijd mee als korte broek, overhemden met lange mouwen worden zomerhemden met korte mouwen.
Was drogen in weer en wind
Nu we het over kleding hebben… de wasdroger was één van de eerste dingen die in Nijmegen het huis verlieten. Er kwam een droogmolen voor in de plaats, en zo’n ding gebruik ik nog steeds.
Geen robijnfleurenfijn of andere synthetische luchtjes, maar de geur van zon en wind in je kleding en beddengoed. En ja: alleen maar de was doen als het weer goed genoeg is om de boel buiten te hangen.
Op vakantie
Op het moment dat we allebei gestopt waren met onze betaalde banen en van een soort pre-pensioen-danskerleven gingen genieten, beseften we ook dat we – dus – nooit meer op vakantie konden hoefden.
Ons hele eenvoudige leven is één vakantie: we doen wát we willen, wanneer we dat willen en hóe we dat willen. En soms willen we niks, en dan doen we dat 🙂
Cadeautjes
Verjaardag, sinterklaas, kerst, trouwen, verhuizen, een kind baren, op de koffie bij iemand (en zo kan ik nog wel even doorgaan): daar ‘hoort’ een cadeautje bij. Wij deden er in ons vorige leven ook aan mee, maar inmiddels niet meer. Uitzonderingen zijn zelfgemaakte dingen: van jam en gedroogde kruiden tot boeken of aquarellen.
Een eenvoudig leven is een tevreden leven: tevreden met alles wat je hebt, met het feit dat je niets nodig hebt. Niet meedoen met consumeren, maar juist dát delen wat de meeste mensen niet meer lijken te hebben: TIJD. Aandacht. Er ZIJN. Samen elke dag het leven vieren en dankbaar zijn.
Dingen verzamelen
In het allereerste werkstuk wat Jacob ooit op de LTS maakte – een houten mal voor bakstenen – prijkt nog steeds onze verzameling half edelsteen-eieren. Ook een aantal andere stukken zoals bergkristal-punten en een brok labradoriet overleefden de emigratie-opruiming.
Gedurende ons huwelijk werd het op enig moment traditie om op de jaarlijkse Keramisto een bijzonder stuk keramiek te kopen. Ook hiervan ging een aantal dingen mee naar Denemarken.
Klankschalen hebben altijd mijn belangstelling gehad – zeker nadat ik zelf een paar keer bij een alternatief therapeute een ‘klankschaal-bad’ kreeg. We hebben er nu nog vijf, en gebruiken ze af en toe ook.
Een eenvoudig leven hoeft geen minimalistisch leven te zijn, zolang de spullen die je hebt verzameld je nog steeds plezier geven.
De edelstenen doen me heel letterlijk nog steeds wat – dus ik bewaar ze.
Het keramiek heeft voor ons een bepaalde symboliek en dus: emotionele waarde. Bovendien zijn het gewoon mooie dingen om naar te kijken.
De klankschalen zetten nog altijd iets diep van binnen in beweging, in beroering.
Maar nieuwe dingen verzamelen we niet meer. Of het moeten mooie porfierstenen op het strand zijn… die krijgen dan een plekje in de tuin.
Huisdecoratie
En dit brengt me dan bij *pynt* voor in huis: spullen ter decoratie. Frutsels. Om lege plekken of lege wanden mee te vullen. Ooit was ik vrij snel uitgekeken op iets, en moest dat vervangen worden. En herhaal…
Tegenwoordig doen we het gewoon met wat we hebben. Aan de wanden hangen enkele foto’s van Jacob. Op de boekenplanken staan (behalve boeken) keramiek, edelstenen en klankschalen. In de vensterbanken kandelaars met kaarsen. En op momenten dat ik dit allemaal wat teveel vind, pak ik een doos, berg het tijdelijk op en geniet ik – voor zo lang het duurt – net zoveel van de leegte & ruimte die dan ontstaat.
Wat is een ‘luxe’ voor jou?