𝗖𝗹𝗮𝗶𝗿𝗳𝗼𝗿𝘁 𝘃𝗲𝗿𝘄𝗲𝗹𝗸𝗼𝗺𝘁 𝗦𝗮𝗿𝗮𝗵 𝗕𝗲𝘂𝗻𝗸𝗲 – 𝗞𝗻𝗲𝗲𝗳𝗲𝗹 𝗶𝗻 𝗵𝗮𝗮𝗿 𝘁𝗲𝗮𝗺 𝗕𝗼𝘂𝘄 & 𝗩𝗮𝘀𝘁𝗴𝗼𝗲𝗱 - Het team Bouw & Vastgoed van Clairfort is versterkt met de komst van Sarah Kneefel per 1 mei 2026. Daarmee bestaat dit team uit 10 specialisten. Sarah begon haar carrière binnen de vastgoedpraktijk van een internationaal advocatenkantoor en heeft daarnaast gewerkt bij een nichekantoor op het gebied van vastgoed. Ook deed zij ervaring op bij een advocatenkantoor in Caribisch Nederland en als bedrijfsjurist. Welkom Sarah, we kijken uit naar de samenwerking!
About us
Clairfort is a Netherlands law firm with offices in Amsterdam, Zeist (Utrecht) and Maastricht. It offers specialized legal services for local and international clients on the following areas: - company law and M&A - Intellectual property, IT & privacy - labour law - real estate, construction law and infra
- Website
-
http://www.clairfort.nl
External link for Clairfort Advocaten
- Industry
- Law Practice
- Company size
- 11-50 employees
- Headquarters
- Zeist, Utrecht
- Type
- Privately Held
- Founded
- 2017
- Specialties
- Intellectual property, Contracts, Labor law, Company law, intellectueel eigendom, Arbeidsrecht, Bouw- en vastgoedrecht, procurement, and Competition law
Locations
-
Primary
Get directions
Zusterplein 22
Zeist, Utrecht 3703 SB, NL
-
Get directions
Amstelplein 54
26e etage
Amsterdam, Noord-Holland 1096 BC, NL
-
Get directions
Slenakerweg 21
Kasteel Karsveld
Gulpen, Limburg 6271 PE, NL
Employees at Clairfort Advocaten
Updates
-
𝗞𝗿𝗼𝗻𝗶𝗲𝗸 𝗼𝘃𝗲𝗿𝗻𝗮𝗺𝗲𝗴𝗲𝘀𝗰𝗵𝗶𝗹𝗹𝗲𝗻 – 𝘁𝗲𝗿𝘂𝗴𝗯𝗲𝘁𝗮𝗹𝗶𝗻𝗴𝘀𝘃𝗲𝗿𝗽𝗹𝗶𝗰𝗵𝘁𝗶𝗻𝗴 𝘃𝗮𝗻 𝗱𝗶𝘃𝗶𝗱𝗲𝗻𝗱 - In onze blogreeks over overnamegeschillen praten we u regelmatig bij over opvallende uitspraken en ontwikkelingen in overnamegeschillen. Op 30 maart jl. is een uitspraak van 11 februari jl. van rechtbank Amsterdam gepubliceerd over de verplichting om na een overname een eerder uitgekeerd dividend terug te betalen. (ECLI:NL:RBAMS:2026:2242) Er zijn nogal wat lessen uit deze op het oog eenvoudige uitspraak te trekken voor de overnamepraktijk en voor procespartijen, aldus Pieter Verloop in zijn blog: https://lnkd.in/eWFNrpM9
-
-
𝗘𝗲𝗻 𝗯𝗲𝘀𝗰𝗵𝗿𝗶𝗷𝘃𝗲𝗻𝗱𝗲 𝗵𝗮𝗻𝗱𝗲𝗹𝘀𝗻𝗮𝗮𝗺 𝗶𝘀 𝗻𝗶𝗲𝘁 (𝗮𝗹𝘁𝗶𝗷𝗱)𝗼𝗻𝗯𝗲𝘀𝗰𝗵𝗲𝗿𝗺𝗱 - Ook een beschrijvende handelsnaam kan op bescherming rekenen. Onlangs deed de voorzieningenrechter van de rechtbank Oost-Brabant een interessante uitspraak over de bescherming van dergelijke handelsnamen (Rb. Oost-Brabant 31 maart 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:2053). De voorzieningenrechter oordeelde dat makelaarskantoor Woonhub op basis van haar handelsnaamrechten op de beschrijvende handelsnaam succesvol kon optreden tegen het aannemersbedrijf WoonHub. De voorzieningenrechter past een rechtsregel toe uit het arrest Dairy Partners van de Hoge Raad (HR 19 februari 2021, ECLI:NL:HR:2021:269). Die regel luidt samengevat dat ook voor inbreuk op beschrijvende handelsnamen alleen het vereiste van verwarringsgevaar doorslaggevend is: Er geldt voor deze handelsnamen geen zwaardere inbreuktoets dan voor fantasienamen. Hoe zit dat precies? Dat zet Michelle Van Dalen in deze blog uiteen: https://lnkd.in/eBNzdKqv
-
-
Clairfort Advocaten reposted this
𝗞𝗼𝘀𝘁𝗲𝗻𝘃𝗲𝗿𝗵𝗼𝗴𝗲𝗻𝗱𝗲 𝗼𝗺𝘀𝘁𝗮𝗻𝗱𝗶𝗴𝗵𝗲𝗱𝗲𝗻 𝗶𝗻 𝗱𝗲 𝗯𝗼𝘂𝘄 𝘄𝗲𝗲𝗿 𝗮𝗰𝘁𝘂𝗲𝗲𝗹 𝗱𝗼𝗼𝗿 𝘀𝗽𝗮𝗻𝗻𝗶𝗻𝗴𝗲𝗻 𝗶𝗻 𝗵𝗲𝘁 𝗠𝗶𝗱𝗱𝗲𝗻-𝗢𝗼𝘀𝘁𝗲𝗻 - Het huidige conflict in het Midden-Oosten heeft wereldwijd grote impact, ook op de bouwindustrie. Een van de gevolgen van dit conflict is de sterke stijging van gas- en energieprijzen. Die stijging heeft doorgaans gevolgen voor de bouwkosten. De vraag die dan veelal wordt gesteld is: ‘’Voor wiens rekening komen deze (extreme) prijsstijgingen?’’ Draagt de aannemer het risico voor de (extreme) prijsstijging of kan deze worden doorbelast aan de opdrachtgever? In veel aannemingsovereenkomsten staat een prijsvastbeding of is voorzien in een indexeringsregeling of een prijsrisicoregeling. Een vaak gehoord misverstand is dat de aannemer dan geen aanspraak meer kan maken op vergoeding van extreme prijsstijgingen. Alle reden om deze materie nog eens onder de loep te nemen. Semegn de Bruin en Olivier Vermeulen schreven een korte blog over dit onderwerp: https://lnkd.in/e_2fjHZ9
-
-
𝗞𝗼𝘀𝘁𝗲𝗻𝘃𝗲𝗿𝗵𝗼𝗴𝗲𝗻𝗱𝗲 𝗼𝗺𝘀𝘁𝗮𝗻𝗱𝗶𝗴𝗵𝗲𝗱𝗲𝗻 𝗶𝗻 𝗱𝗲 𝗯𝗼𝘂𝘄 𝘄𝗲𝗲𝗿 𝗮𝗰𝘁𝘂𝗲𝗲𝗹 𝗱𝗼𝗼𝗿 𝘀𝗽𝗮𝗻𝗻𝗶𝗻𝗴𝗲𝗻 𝗶𝗻 𝗵𝗲𝘁 𝗠𝗶𝗱𝗱𝗲𝗻-𝗢𝗼𝘀𝘁𝗲𝗻 - Het huidige conflict in het Midden-Oosten heeft wereldwijd grote impact, ook op de bouwindustrie. Een van de gevolgen van dit conflict is de sterke stijging van gas- en energieprijzen. Die stijging heeft doorgaans gevolgen voor de bouwkosten. De vraag die dan veelal wordt gesteld is: ‘’Voor wiens rekening komen deze (extreme) prijsstijgingen?’’ Draagt de aannemer het risico voor de (extreme) prijsstijging of kan deze worden doorbelast aan de opdrachtgever? In veel aannemingsovereenkomsten staat een prijsvastbeding of is voorzien in een indexeringsregeling of een prijsrisicoregeling. Een vaak gehoord misverstand is dat de aannemer dan geen aanspraak meer kan maken op vergoeding van extreme prijsstijgingen. Alle reden om deze materie nog eens onder de loep te nemen. Semegn de Bruin en Olivier Vermeulen schreven een korte blog over dit onderwerp: https://lnkd.in/e_2fjHZ9
-
-
𝗩𝗲𝗿𝘃𝗮𝗹𝘁𝗲𝗿𝗺𝗶𝗷𝗻 𝘃𝗼𝗼𝗿 𝘃𝗲𝗿𝗯𝗼𝗿𝗴𝗲𝗻 𝗴𝗲𝗯𝗿𝗲𝗸𝗲𝗻 𝘃𝗼𝗹𝗴𝗲𝗻𝘀 𝗥𝘃𝗔 (𝗮𝗻𝗱𝗲𝗿𝘀 𝗱𝗮𝗻 𝗴𝗲𝗿𝗲𝗰𝗵𝘁𝘀𝗵𝗼𝗳 𝗔𝗺𝘀𝘁𝗲𝗿𝗱𝗮𝗺) 𝗻𝗶𝗲𝘁 𝗼𝗻𝗲𝗲𝗿𝗹𝗶𝗷𝗸/𝗼𝗻𝗿𝗲𝗱𝗲𝗹𝗶𝗷𝗸 𝗯𝗲𝘇𝘄𝗮𝗿𝗲𝗻𝗱 - In een uitspraak van 17 februari 2026 (nr. 38.068) heeft de Raad van Arbitrage in bouwgeschillen (RvA) geoordeeld dat de vervaltermijn in de Algemene Voorwaarden voor Aannemingen in het bouwbedrijf 1992 (AVA 1992) van 5 jaar voor verborgen gebreken en van 10 jaar voor ernstige gebreken niet oneerlijk/onredelijk bezwarend is. De RvA wijkt hiermee (opnieuw) af van de beslissing van het Gerechtshof Amsterdam van 17 december 2024 (ECLI:NL:GHAMS:2024:3490). Eerder deed de RvA dit ook al in een uitspraak van 7 april 2025 (nr. 82640). Ook de AVA 2013 en de AVA Consumenten 2023 kennen dergelijke vervaltermijnen en die zijn (dus) volgens de RvA niet oneerlijk/onredelijk bezwarend. Als een aannemer zich terecht op deze vervaltermijnen kan beroepen, zal de RvA de vordering van een consument-opdrachtgever dus afwijzen. Consumenten die op grond van de toepasselijke AVA kunnen kiezen om een bouwgeschil voor te leggen aan de RvA of de overheidsrechter, lijken in gevallen waarin de vervaltermijn (mogelijk) overschreden is, voorlopig beter te kunnen kiezen voor de overheidsrechter. Tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam is cassatie aangetekend. Denkbaar is dat de Hoge Raad de lijn van de RvA gaat volgen. Olivier Vermeulen schreef een blog over dit onderwerp: https://lnkd.in/et4SBwBV
-
-
𝗕𝗼𝗹𝗹𝗲𝗻𝗽𝗹𝗮𝗮𝘁𝘃𝗹𝗼𝗲𝗿 𝗴𝗲𝗲𝗻 𝗲𝗿𝗻𝘀𝘁𝗶𝗴 𝗴𝗲𝗯𝗿𝗲𝗸 (𝗲𝘅 § 𝟮𝟴 𝗹𝗶𝗱 𝟮 𝘀𝘂𝗯 𝗯 𝗨𝗔𝗩-𝗚𝗖) - Sinds de instorting van de parkeergarage bij vliegveld Eindhoven in 2017 is discussie over de vraag of toegepaste breedplaatvloeren met een grote overspanning, gebrekkig zijn. Na 2017 zijn gebouweigenaren verplicht om dergelijke breedplaatvloeren in bestaande gebouwen rekenkundig te onderzoeken. Hieruit kan volgen dat vloeren rekenkundig niet voldoen en gebouweigenaren stellen dan vaak de aannemer van het gebouw aansprakelijk. Als een vloer rekenkundig niet voldoet, wil dat echter nog niet zeggen dat dit feitelijk in de praktijk ook zo is. Een proefbelasting kan dan uitkomst bieden. Gezien het vaak lange tijdsverloop tussen de oplevering van een gebouw en de (na 2017) rekenkundige vaststelling dat een breedplaatvloer niet voldoet, kan bovendien discussie bestaan of een vordering van de gebouweigenaar op de aannemer nog wel ontvankelijk is. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelde in 2025 in een UAV-GC zaak dat (als al sprake is van een gebrek) geen sprake is van een ernstig gebrek en de meer dan vijf jaar na oplevering (en onderhoudstermijn) ingediende vordering van de gebouweigenaar niet-ontvankelijk is. Interessant is ook dat het hof, anders dan de rechtbank, oordeelt dat het “state-of-the-art-verweer” van de aannemer wel slaagt. Als sprake is van een (ernstig) gebrek is dit volgens het hof niet te wijten aan zijn schuld. De gebouweigenaar ging in cassatie bij de hoge raad. De hoge raad moet nog oordelen, maar het advies van de procureur-generaal aan de hoge raad is inmiddels wel bekend. De p-g is het eens met het gerechtshof dat geen sprake is van een ernstig gebrek, zodat de vordering van de gebouweigenaar niet-ontvankelijk is. Aan een oordeel over het “state-of-the-art-verweer” komt de p-g daarom niet toe. Olivier Vermeulen schreef een blog waarin hij de uitspraken en het advies van de p-g toelicht: https://lnkd.in/eb922VGk
-
-
𝗗𝗲 𝗜𝗘-𝗿𝗲𝗰𝗵𝘁𝗲𝗹𝗶𝗷𝗸𝗲 𝗯𝗲𝘀𝗰𝗵𝗲𝗿𝗺𝗶𝗻𝗴 𝘃𝗮𝗻 … 𝘄𝗶𝗻𝘁𝗲𝗿𝘀𝗽𝗼𝗿𝘁 - In de blogreeks ‘de IE-rechtelijke bescherming van …’ lichten we toe op welke manier het intellectuele eigendomsrecht bescherming kan bieden aan een specifiek product of een bepaalde dienst. Voor velen is de wintersport dit seizoen al weer bijna achter de rug. Een mooi moment om nog even terug te blikken. Daarom gaat Maxime Wichhart in deze blog in op de verschillende facetten van het intellectuele eigendomsrecht die spelen bij wintersport. https://lnkd.in/eHsReFtd
-
-
𝗡𝗶𝗲𝘂𝘄𝗲 𝗿𝗲𝗴𝗲𝗹𝘀 (𝘄𝗲𝘁𝘀𝘃𝗼𝗼𝗿𝘀𝘁𝗲𝗹𝗹𝗲𝗻) 𝗼𝘃𝗲𝗿 𝗗𝗲𝗲𝗽𝗳𝗮𝗸𝗲𝘀 - De snelle ontwikkeling van deepfake-technologie stelt wetgevers voor nieuwe uitdagingen. Naarmate het steeds eenvoudiger wordt om realistisch ogende, maar gemanipuleerde beelden te creëren, groeit de behoefte aan duidelijke regelgeving. Zijn de huidige (Nederlandse) rechtskaders toereikend genoeg om mensen effectief te beschermen tegen nieuwe vormen van misbruik in dit kader? In dit blog zal Puck Koster kort ingaan op een aantal ontwikkelingen en discussiepunten in het kader van wetgeving rondom deepfakes: https://lnkd.in/e5EKGX6U
-
-
𝗗𝗲 𝗲𝗿𝘃𝗮𝗿𝗶𝗻𝗴𝗲𝗻 𝘃𝗮𝗻 𝘀𝘁𝘂𝗱𝗲𝗻𝘁-𝘀𝘁𝗮𝗴𝗶𝗮𝗶𝗿𝗲 𝗦𝘂𝘂𝘀 𝗠𝗼𝗹𝗲𝗻𝗮𝗮𝗿 𝗯𝗶𝗷 𝗖𝗹𝗮𝗶𝗿𝗳𝗼𝗿𝘁 Sinds zes weken loopt Suus Molenaar stage binnen het team Ondernemingsrecht/M&A van Clairfort Advocaten. Leuk dat je er bent Suus, nogmaals welkom! Hoe Suus haar studentstage tot op heden ervaart, lees je hieronder. “Mijn naam is Suus, ik ben 21 jaar oud en ik zit inmiddels alweer in mijn zesde week van mijn student-stage bij Clairfort Advocaten. Afgelopen februari ben ik gestart binnen de praktijkgroep Ondernemingsrecht/M&A. Na het behalen van mijn bachelor Economics and Business Economics afgelopen zomer aan de Universiteit Utrecht, ben ik nu bezig met het afronden van mijn bachelor Rechtsgeleerdheid. Juist die combinatie van studies maakt dat ik volgend jaar graag de master Ondernemingsrecht wil volgen. Deze stage sluit daar perfect op aan: een mooie kans om een goed beeld te krijgen van hoe de advocatuur in de praktijk is! De afgelopen weken heb ik tot nu toe als ontzettend leerzaam en vooral heel leuk ervaren. Als stagiaire krijg je de kans om mee te kijken en volledig mee te werken, waarbij de afwisseling in de werkzaamheden de stage extra interessant maakt. Zo heb ik mogen meewerken aan het opstellen van juridische brieven of memo’s, maar heb ik ook een zitting mogen bijwonen. Mijn beeld van de advocatuur in de praktijk is daardoor heel goed gevormd. Daarnaast is de sfeer op kantoor heel fijn en open, waarbij je je als stagiaire meteen welkom voelt. Er wordt hard gewerkt, maar er wordt zeker ook waarde gehecht aan gezamenlijke activiteiten zoals de bootcamp, de vrijdagmiddag borrels en afgelopen vrijdag het jaarlijkse diner met alle collega’s en hun partners. Kort om: de afgelopen weken waren heel leerzaam en ik ben benieuwd naar wat de laatste weken mij gaan brengen! “
-