Piraten vs ninja’s (2)

Onder normale omstandigheden zullen honderd ninja’s altijd honderd piraten verslaan in een gevecht. Tweehonderd ninja’s zullen, statistisch gezien tweehonderd piraten verslaan, driehonderd ninja’s zullen wellicht zelfs driehonderd piraten verslaan, maar vierhonderd ninja’s zullen nooit vierhonderd piraten verslaan. Dat is de ninja-paradox van de grote getallen. Hoe groter het gelijke aantal ninja’s en piraten, hoe gemakkelijker de piraten zullen winnen en hoe groter die overwinning van de piraten op de ninja’s zal zijn.

De ninja’s zitten dan gevangen in de matrix ∑ 𝑛 ( p − 𝜇 ̂ ) ( p − 𝜇 ̂ ) / ( 𝑛 − 1 )

n = ninja

p = piraat

𝜇 ̂= aantal gevechten

OOOOOHHHH FFUUUCCCKKKKKK!!! WE GAAN ERAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAN!! W3R3 7R4PP3D! WE’RE STUCK IN THE PIRATE’S UNIVERSE!!

OOOHHHHHHHHHHHHHHH NOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOOO!!!!!!!!!

AAAAAAAAAAAAAAAAAAAAHHHHHHHHHHHHHHHHH …. ZE GAAN DE STRONT UIT ONZE DARMEN SNIJDEN!!!! HEEEEEEEEEEEEEEEEEEELLLLLLLLLLLUUUUUUUUUUPPPPPPPPPPPPPPPPP

Dat komt omdat piraten super rainbow creativity hebben en zonder regels punk rock vechten en dan dode piraten, papegaaien, kapotte borstkassen, rumflessen, boten, masten, verwelkte rozen, bewerkte dozen, vlaggen, walvissen, supernova’s en zwarte gaten gebruiken, terwijl ninja’s maar met één wapen zitten te zitten en zwijgen te zwijgen omdat hun gestoomde stoomboot vastzit in een boulevard die eindeloos doorloopt in eenzaamheid en die de wetten van de logica weigert te tarten – en dat terwijl chaos in een grote matrix statistisch gezien 1 op 8 keer tot verlies leidt, ook al zijn de odds 9/20. Het is een schone dood, dat wel.

Piraten hebben dan nog de ultrapower van x-ray vision, ultrasone golven van het cerebellum en het voordeel van hun eeuwenoude entente cordiale met papegaaien die erom bekend staan​ zwarte gaten te creëren en over het ruimte-tijd-continuüm te waken KOMT DAT ZIEN KOMT DAT ZIEN. Op het youtube moment kan de piraat zich dan verplaatsen en zich in een parallel universum bewegen waar de angina pectoris van de ninja geen weet van heeft.

Schatje hoor eens, gedaan is gedaan. Weg is weg. De groeten aan alleman, de groeten aan iedereen, gordel aan, en voorwaarts marsj

Oh, en Al Gore en nog een klimaatorganisatie hebben ooit de Nobelprijs voor de Vrede gekregen, want ze hadden uitgevogeld dat de ijsbergen smelten en dan smelt de ijsbergsla ook sneller dan verwacht, en ik eet graag ijsbergsla dus ik heb voor Al Gore gestemd voor die Nobelprijs en het is dankzij die stem dat Al Gore hem toen gewonnen heeft en ik heb dan ook al een brief naar Al Gore geschreven om hem te vragen om te investeren in mijn ijsbergslaplantage maar tot op vandaag heeft Al nog niet geantwoord.

Copyright

Vandaag iets ontdekt dat ik nog niet wist. Dat gebeurt wel vaker natuurlijk maar vandaag had ik enerzijds geluk dat ik het ontdekte en anderzijds pech.

Ik ben nu al maanden en maanden met woordenboeken bezig maar vandaag dacht ik ineens ‘tiens, heeft een woordenboek eigenlijk een auteursrecht want woorden en hun definitie zijn toch vrij te gebruiken door iedereen, maar langs de andere kant zijn er wel mensen die dat samenstellen’.

Begin ik dat uit te zoeken en blijkt er inderdaad een copyright te liggen op een woordenboek.

Je mag niet zomaar een definitie overnemen. Doe je dat toch dan kappen ze uw kop af en steken ze u levend in een mierennest vol bijtend fosforzuur.

Ben ik hier al maanden elke dag mijn nestel zo’n 15 tot 16 uur aan het afdraaien en kan ik nu weer beginnen met mijn beste Engels boven te halen om daar ergens in Oxford een aantal professoren te overtuigen van hetgeen ik wil, en dat wat ik wil het allerbeste is dat er bestaat waarna er wellicht 47 advocaten 83 contracten gaan opstellen vol clausules en ik dan in Oxford op mijn blote knietjes met blauwe bic een of ander papier ga moeten tekenen waar ik nougatbollen van ga verstaan want die suppo’s gaan mij geen mailtje sturen met “yea ollraajt man, we cool, you cool, go ahead and do it. No probs.”

Het is zo immens belangrijk dat ik wel toestemming ga moeten vragen.

Weer een jaar verder dus.

Ze kunnen daar in Oxford maar zien dat ze mij direct een leerstoel en een doctoraat geven want wie doet hier weeral al het werk? En voor wat? En waarom?

Een mens moet er verdorie veel voor over hebben om iets gemaakt te krijgen.

“Dat kan ik ook.”

handicap

Er is hier geen één die zal zeggen dat gehandicapten minderwaardig zijn; tweederangsburger en zo. Dat staat niet goed op het CV. Behalve als men gehandicapt is, zal men knikken en eens luid roepen YES! WE ARE!

Ik wil als zelfstandige iets beginnen. 

Heb je niets voor dan loop je bij Liantis of Securex binnen, zeg je “hallo mijnheer, hallo mevrouw, ik wil als zelfstandige beginnen.”

“Oh fijn, we maken een dossier op.”

En je stapt buiten

Dieter is nu al drie weken elke mogelijke instelling aan het aflopen, want ik moet nog fiches van dit, fiches van dat, bewijsjes van si, bewijsjes van la opvragen en doorsturen. Drie namiddagen met het FOD aan de lijn waar ze geen flauw verstand hebben van hetgeen ik vraag en mij dan in de helft van het gesprek gewoon doorverbinden met een andere dienst waarvan ze zich afvragen waarover het gaat dus mij ofwel van de lijn zwieren ofwel doorverbinden.

Drie keer naar het OCMW voor papieren. 

Langs de juridische dienst van Liantis, want als gehandicapte moet je ook nog langs de juridische dienst passeren want hola hela dat zijn andere regels, en als het andere regels zijn dan wil het zeggen dat het andere mensen zijn want anders zouden het dezelfde regels zijn; “ja dat is nu wel een speciaal geval op een speciaal geval, maar weet je wat, vraag een bewijs op bij justitie in Brussel.”

Bel je daarnaar, na een namiddag Mozart of Beethoven of Schubert verbinden en doorverbinden horen ze het in Keulen donderen.

“Weet je, op de juridische dienst van een sociaal secretariaat (Liantis dus) zullen ze u daar ook wel mee kunnen voorthelpen.”

Werkelijk?

Alles maar ook werkelijk alles wordt eraan gedaan om u toch maar niet te laten beginnen. 

Als gehandicapte bots je telkens en overal weer op dit soort obstakels en ontmoedigingen.

Ga je werk zoeken, is het ook van dattum – en dat begint al gewoon bij de VDAB; we zitten dan nog niet in het stadium van werkgever – maar neen hoor dieter, dat is niet waar hoor want er wordt niet gediscrimineerd want dat mag niet meer en ge kunt dat melden en al, en er zijn nu ook subsidies voor werkgevers en iedereen is vriendelijk voor gehandicapten en iedereen gaat zonder kaart op die plaatsen staan en zo, en moet men een quotum halen, en daar zijn gehandicapten goed voor: quota – de opvulsels omdat het van moetes is, en niet van willen en van de beste zijn.

Ik ben nu nog capabel om overal naartoe te te hotsen en te botsen, en mijn bek is groot en goor genoeg om mij niet te laten overbluffen maar al die anderen die hetzelfde meemaken en in een rolstoel zeventien instellingen moeten aflopen, afgeblaft en afgebluft worden zeggen gewoon “vergeet het, je m’en fou”, maar hey, de regering grote woorden over gelijkwaardigheid.

Ik grote woorden over neuk mij maar dik in mijn aars.

RHCP – BSSM

Vorige week nog eens met de Wingels op stap. Kwam ik de Peet nog tegen in den Tuus. Ook lang ondergronds gezeten. Blokje om, blokje terug. 

Ik heb jaren met Peet in de klas gezeten. Lang geleden. Niet nu. Wiskunde-wetenschappen was dat – en ik doe niet graag wiskunde, en ik vind wetenschappen stom maar uit veiligheidsoverwegingen ben ik daar toch in gesukkeld. 

Altijd vielen er medeleerlingen weg uit onz’ klas. Soit, op het einde zaten we nog met drie. Den Bisschop, de Peet en ik. Tof klasje. Wij moesten altijd foerageren en bij andere klassen gaan bijzitten. Bij ons duurde dat natuurlijk uren voor wij waren waar wij moesten zijn. Eerst nog wat basketten in de sporthal, ons opsluiten in het chemielokaal, ergens in een aula wat onnozel doen. Enfin, wij kwamen altijd overal toe als de les bijna gedaan was, kregen naar ons vijs, knikten schuldbewust en vertrokken naar de volgende les waar we twee komma nul nul nul nul nul uur te laat waren om wat nutteloos en verloren tijd te slikken.

Wij hebben ook willens nillens ons diploma gehaald. Den Bisschop is nu ergens in Parijs psycholoog, Peet een of andere pief bij een bank, en ik, goh ja, ik loop ook ergens rond, doe iets, en hou mijn kop boven water.

Maar bon, ik wou het eigenlijk hebben over muziek. 

Wij komen uit de jaren tachtig, vooral negentig.

Nirvana, Tupac, eastcoast-westcoast en consoorten. Wat liggen brullen en brallen en lullen en lallen op grunge en new wave.

En dan was Kurt dood. God hebbe zijn coke en zijn heroïne

Enfin, hoorde in de skoeten toen ook voor de eerste keer RHCP toen de Peppers nog red en hot waren en niet mellow. 

Ik zat bij Nikokola in de auto toen ik voor het eerst Blood, Sugar, Sex, Magik hoorde.

Ik sloeg achterover van verbazing.

Dat wou ik ook kunnen.

De tijden zijn veranderd. Nu zwijg ik al eens, eet ik een banaan en drink ik een koffie.

Nog altijd val ik achterover van Blood, Sugar, Sex, Magik.

Soelaas in donkere tijden.

Sven

Sven nam de trein om 07.22h

hij las een boek

de conducteur vroeg zijn biljet

Sven toonde zijn biljet

dan las hij voort

om 7.56h was Sven op zijn bestemming